VA2-VT-h10 Observatie technieken 2
Definitie vitale functies
‘De lichamelijke functies die door het centrale zenuwstelsel worden gereguleerd en die van essentieel
belang zijn voor het functioneren van het lichaam.’
- Ademhaling en saturatie (respiratoir systeem)
- Bewustzijn (neurologisch systeem)
- Bloedglucose (bloed en endocrien systeem)
Homeostase
Is het afnemen en in evenwicht houden van verschillende lichaamsfuncties.
Problemen in homeostase is problemen herkennen in verschillende orgaansystemen.
Meten is weten!
Weet wat je meet!
Leer om te gaan met parameters en leer normaalwaarden uit je hoofd!
Parameters
Dit zijn metingen die representatief zijn voor het functioneren van belangrijke orgaansystemen.
Ademhaling (respiratoir systeem)
‘Door ademhaling vindt gaswisseling plaats: zuurstof wordt opgenomen in het lichaam en
koolstofdioxide wordt uitgescheiden: observatie van de ademhaling levert belangrijke aanwijzingen op
over het vermogen van het lichaam tot gaswisseling.’
Observatie ademhaling
Frequentie en ritme: normaal 12-18 p/min
Diepte (en gelijkmatigheid van diepte): 0,5 liter
Symmetrie: van thorax
Gebruik van hulpademhalingsspieren: hals en schouders
Ademhalingsgeluiden: geruisloos, rochelen (sputum), piepen (bronchospasme),
en crepiteren (oedeem)
Geur: geurloos, aceton en ammoniak
Let ook op: kleur van slijmvliesen en huid!
- Cyanose: gedeoxygeneerd Hb
- Centrale cyanose: beste plaats observatie: tong
- Centrale cyanose: respiratoire of cardiovasculaire oorzaak
- Perifere cyanose: cardiovasculaire oorzaak
Ademhaling meten
Saturatie meten (verzadiging O2 in bloed): normaal > 95%
Ademgeruis ausculteren
Arteriële bloedgassen beoordelen: PCO2 en PO2 (+pH)
Ademhaling: afwijkingen
Apneu: afwezigheid van ademhaling
Tachypneu: versnelde ademhaling
Bradypneu: te lage ademfrequentie
Dyspnoe: benauwdheid
Dyspnoe d’effort: benauwdheid bij inspanning
Hyperventilatie: abnormale vermindering in diepe en overmatige frequentie
Definitie vitale functies
‘De lichamelijke functies die door het centrale zenuwstelsel worden gereguleerd en die van essentieel
belang zijn voor het functioneren van het lichaam.’
- Ademhaling en saturatie (respiratoir systeem)
- Bewustzijn (neurologisch systeem)
- Bloedglucose (bloed en endocrien systeem)
Homeostase
Is het afnemen en in evenwicht houden van verschillende lichaamsfuncties.
Problemen in homeostase is problemen herkennen in verschillende orgaansystemen.
Meten is weten!
Weet wat je meet!
Leer om te gaan met parameters en leer normaalwaarden uit je hoofd!
Parameters
Dit zijn metingen die representatief zijn voor het functioneren van belangrijke orgaansystemen.
Ademhaling (respiratoir systeem)
‘Door ademhaling vindt gaswisseling plaats: zuurstof wordt opgenomen in het lichaam en
koolstofdioxide wordt uitgescheiden: observatie van de ademhaling levert belangrijke aanwijzingen op
over het vermogen van het lichaam tot gaswisseling.’
Observatie ademhaling
Frequentie en ritme: normaal 12-18 p/min
Diepte (en gelijkmatigheid van diepte): 0,5 liter
Symmetrie: van thorax
Gebruik van hulpademhalingsspieren: hals en schouders
Ademhalingsgeluiden: geruisloos, rochelen (sputum), piepen (bronchospasme),
en crepiteren (oedeem)
Geur: geurloos, aceton en ammoniak
Let ook op: kleur van slijmvliesen en huid!
- Cyanose: gedeoxygeneerd Hb
- Centrale cyanose: beste plaats observatie: tong
- Centrale cyanose: respiratoire of cardiovasculaire oorzaak
- Perifere cyanose: cardiovasculaire oorzaak
Ademhaling meten
Saturatie meten (verzadiging O2 in bloed): normaal > 95%
Ademgeruis ausculteren
Arteriële bloedgassen beoordelen: PCO2 en PO2 (+pH)
Ademhaling: afwijkingen
Apneu: afwezigheid van ademhaling
Tachypneu: versnelde ademhaling
Bradypneu: te lage ademfrequentie
Dyspnoe: benauwdheid
Dyspnoe d’effort: benauwdheid bij inspanning
Hyperventilatie: abnormale vermindering in diepe en overmatige frequentie