Paragraaf 3.2
Zware bevingen
de zwaarste aardbeving ooit gemeten vond plaats in Chili. dit was in 1960 In de beving
bereikte het 9.5 op de schaal van Richter. De beving duurde relatief lang en vielen meer
doden bij de tsunami dan bij de aardbeving. Na 1960 bleven er aardbevingen komen in
Chili. Vaak van kracht 7 of hoger. Na een aardbeving volgt altijd een serie naschokken. De
naschokken kunnen soms weken duren ze zijn het gevolg van het ontladen van de spanning
op andere plekken langs de breuk.
Wegduiken
de bevingen in Chili ontstaan door bewegingen langs breuken In de aardkorst. Om een
beving van kracht 9 te krijgen moet het breukvlak honderden kilometers lang en diep zijn.
in Chili ontstaan ze door de botsing met de Nazca-plaat. de zware oceanische plaat dook
weg onder de lichte continentale plaat. Dit wegdrukken wordt subductie genoemd. De
snelheid waarmee dit gebeurt ligt rond de 8 tot 10 cm per jaar. Dit gaat met horten en
stoten.
3 soorten breuken
Soorten plaatbewegingen
Convergentie -> het naar elkaar toe bewegen van platen. dit proces werd vaak door (het
onder elkaar wegduiken van platen)
Divergentie -> het uit elkaar drijven van platen.
Transforme beweging -> het horizontaal langs elkaar bewegen van platen.