Samenvatting H9 scheikunde
Paragraaf 1
De reactiesnelheid is het aantal mol dat per liter per seconde verdwijnt of ontstaat,
de reactiesnelheid hangt af van 5 factoren:
1. De temperatuur
2. De concentratie van de beginstoffen
3. De verdelingsgraad van de beginstoffen
4. Of er een katalysator aanwezig is
5. Wat voor soort stof het is
Gemiddelde reactiesnelheid: Concentratieverandering (mol L-1 ) : verstreken tijd (s)
Er treedt een chemische reactie op als er een effectieve botsing ontstaat tussen de
deeltjes. Een effectieve botsing kun je verklaren met behulp van de temperatuur,
concentratie en de verdelingsgraad van de beginstoffen. De invloed van de soort stof
en de katalysator kun je verklaren met de hoogte van de activeringsenergie. De
activeringsenergie is per stof anders en de katalysator verlaagt de activeringsenergie
van een reactie.
Paragraaf 2
De reactie energie (ΔE) is de hoeveelheid energie die nodig is of vrijkomt bij een
chemische reactie. Je gebruikt hierbij reactiewarmte.
ΔE = Ereactieproducten - Ebeginstoffen
Vormingswarmte is de hoeveelheid warmte die vrijkomt of nodig is om 1 mol avn een
stof te vormen uit zijn elementen.
Stappenplan voor de reactiewarmte berekenen:
1. Stel de reactievergelijking op
2. Zoek de beginstoffen en de reactieproducten op
3. Tel de vormingswarmte met de coëfficiënten in de reactievergelijking
4. Tel alle de vormingswarmte van de beginstoffen bij elkaar op
5. Gebruik de formule