Psychologie 3.1
Hoorcollege 1
Chronische ziekte
Definitie chronische ziekte
- = Diseases of long duration and generally slow progression
- Een ziekte waarbij over het algemeen geen uitzicht is op volledig herstel. Een
chronische ziekte gaat doorgaans gepaard met pijn, geestelijk lijden, beperkingen in
functioneren of andere klachten. De mate waarin mensen hinder ondervinden
verschilt per ziekte en per individu
Prevalentie ‘chronisch zieken’ 2016
- Totaal: 9 miljoen mensen (52%)
o Jonger dan 40: 35%
o >70: 90%
o Meer vrouwen dan mannen
- Grote individuele verschillen tussen en ook binnen ziekte categorieën
- Ethische aspecten belangrijk: preventie? Waarin stop je wel of geen geld?
- Kost de zorg heel veel geld
Fasen chronische ziekten
- Existentiële crisis (verlies): schok
- Accommodatie: wennen, leren ermee omgaan
- Verslechtering van de toestand
- Terminale fase
- Ongeveer een jaar nodig om te wennen aan het idee dat je een chronische ziekte
hebt
- Adaptieve opgaven (1)
o Leven met de ziekte
o Eigen aandeel in de zorg
o Organiseren van zorg- en hulpbronnen
- Adaptieve opgaven (2)
, o Hanteren van lichamelijk ongemak, pijn en beperkingen
o Omgaan met negatieve emoties en veranderingen in gevoel van eigenwaarde
o Zelfmanagement
o Hernieuwd evenwicht vinden in sociale relaties (verlies van werk;
stigmatisering)
o Onderhouden van goede contacten met zorgverleners
o Voorbereiden op een onzeker ziekteverloop
(onvoorspelbaarheid/oncontroleerbaarheid)
Levert gezondheids- maar ook bestaansproblemen op.
Pijlers voor positieve gezondheid
Afbeelding rechts.
- Lichaamsfuncties
- Dagelijks functioneren
- Mentaal welbevinden
- Zingeving
- Kwaliteit van leven
- Sociaal maatschappelijk
participeren
Aanpassingsmechanismen
- Stressor (ziekte bv):
emotionele spanning, onrust
aanpassingsmechanismen voor nodig:
o Coping: stresshantering omgaan met (eigen) emoties
Beheersbaarheid: controle (invloed) over de emotionerende situatie
VERSUS
Onbeheersbaarheid: gevoelens van machteloosheid (mogelijk angst,
woede, depressie, apathie); versterkt wanneer je jezelf
verantwoordelijk voelt voor de situatie
o Sociale steun
- Gezondheid en welbevinden van iemand met een chronische ziekte is afhankelijk van
coping en sociale steun!
Hoorcollege 1
Chronische ziekte
Definitie chronische ziekte
- = Diseases of long duration and generally slow progression
- Een ziekte waarbij over het algemeen geen uitzicht is op volledig herstel. Een
chronische ziekte gaat doorgaans gepaard met pijn, geestelijk lijden, beperkingen in
functioneren of andere klachten. De mate waarin mensen hinder ondervinden
verschilt per ziekte en per individu
Prevalentie ‘chronisch zieken’ 2016
- Totaal: 9 miljoen mensen (52%)
o Jonger dan 40: 35%
o >70: 90%
o Meer vrouwen dan mannen
- Grote individuele verschillen tussen en ook binnen ziekte categorieën
- Ethische aspecten belangrijk: preventie? Waarin stop je wel of geen geld?
- Kost de zorg heel veel geld
Fasen chronische ziekten
- Existentiële crisis (verlies): schok
- Accommodatie: wennen, leren ermee omgaan
- Verslechtering van de toestand
- Terminale fase
- Ongeveer een jaar nodig om te wennen aan het idee dat je een chronische ziekte
hebt
- Adaptieve opgaven (1)
o Leven met de ziekte
o Eigen aandeel in de zorg
o Organiseren van zorg- en hulpbronnen
- Adaptieve opgaven (2)
, o Hanteren van lichamelijk ongemak, pijn en beperkingen
o Omgaan met negatieve emoties en veranderingen in gevoel van eigenwaarde
o Zelfmanagement
o Hernieuwd evenwicht vinden in sociale relaties (verlies van werk;
stigmatisering)
o Onderhouden van goede contacten met zorgverleners
o Voorbereiden op een onzeker ziekteverloop
(onvoorspelbaarheid/oncontroleerbaarheid)
Levert gezondheids- maar ook bestaansproblemen op.
Pijlers voor positieve gezondheid
Afbeelding rechts.
- Lichaamsfuncties
- Dagelijks functioneren
- Mentaal welbevinden
- Zingeving
- Kwaliteit van leven
- Sociaal maatschappelijk
participeren
Aanpassingsmechanismen
- Stressor (ziekte bv):
emotionele spanning, onrust
aanpassingsmechanismen voor nodig:
o Coping: stresshantering omgaan met (eigen) emoties
Beheersbaarheid: controle (invloed) over de emotionerende situatie
VERSUS
Onbeheersbaarheid: gevoelens van machteloosheid (mogelijk angst,
woede, depressie, apathie); versterkt wanneer je jezelf
verantwoordelijk voelt voor de situatie
o Sociale steun
- Gezondheid en welbevinden van iemand met een chronische ziekte is afhankelijk van
coping en sociale steun!