autobiografisch geheugen (AM): verzameling gebeurtenissen die tot iemands verleden
behoren. Ophalen dmv mentaal tijdreizen. Episodisch (recent) en semantisch (verder weg).
Is multidimensionaal: spatiële, emotionele en sensorische componenten.
reminiscentiebult: meeste herinneringen dateren uit adolescentie-jongvolwassenheid (10-30)
● self-image hypothese: vormen van eigen zelfbeeld/levensidenditeit
● cognitieve hypothese: periodes van snelle veranderingen, die gevolgd worden door
stabiliteit veroorzaken sterkere codering van herinneringen
● cultural life script hypothese: veel belangrijke gebeurtenissen in iemands leven
gelden niet uitsluitend voor die specifieke persoon. bvb trouwen, studeren etc
amygdala: betrokken bij emotionele herinneringen. Emotioneel beladen gebeurtenissen
worden beter onthouden. Kan ook juist voor verstoring zorgen
flashbulb memory (flislichtherinnering): herinnering aan de omstandigheden rondom het
horen over een shockerende gebeurtenis (niet gebeurtenis zelf). Worden gedurende de tijd
minder accuraat, ondanks als levendig gerapporteerd
narrative rehearsal hypothese: vele herhaling zorgt voor een blijvende herinnering.
Gebeurtenis wordt een gespreksonderwerp/ monumenten gebouwd/ veel op tv etc
repeated recall: techniek voor het vergelijken van latere herinneringen met herinneringen die
meteen na de gebeurtenis voorkomen
constructief karakter van geheugen: wat mensen rapporteren als herinneringen zijn
constructen van wat er echt gebeurd is met bijgevoegde componenten, , zoals persoonlijke
kennis, ervaringen en verwachtingen
'War of the Ghosts' experiment (Bartlett): participanten moesten indiaans volksverhaal zo
precies mogelijk meerdere keren (met intervals) herhalen =herhaalde reproductietechniek
verhaal werd vervormd/relevanter gemaakt aan eigen cultuur
source monitoring: proces van bepalen van de bronnen van herinneringen, kennis of geloof
bron-misattributies: herinnering wordt geattribueerd aan de verkeerde bron. vb becoming
famous overnight experiment (lezen lijst met namen gevolgd door een delay)
cryptomnesie: onbewust plagiaat van het werk van anderen
pragmatic interference: kennis over context en eigenschappen van items zorgen
voor een vervormde herinnering → zelfbedachte connecties,
toevoeging/weglating van zaken. De baby was de hele nacht wakker (→ hij
huilde)
Von Restroff effect: onderscheidend vermogen of (on)verwachting helpt het geheugen
schema: kennis van een persoon over een bepaald aspect van de omgeving.
script: onze opvatting over serie van acties die gewoonlijk voorkomen bij specifieke ervaring
, critical lure: herinnering die ontstaat doordat je voorafgaand concepten hebt te
gelezen die hiermee te maken heeft. bvb rust, moe, gapen → slaap
● automatische activering processen: mentale activering van geheugensporen en
bijbehorende concepten.
● gecontroleerde monitoring processen: geheugen beslissingsprocessen die helpen bij
het bepalen van de oorsprong van de activering
misinformation-effect: misleading postevent information (MPI) kan beïnvloeden hoe een
persoon deze gebeurtenis later omschrijft
● memory trace replacement hypothese: MPI vervangt/vervaagt herinneringen die
eerst gevormd waren bij de oorspronkelijke gebeurtenis (reconsolidatie)
● retroactieve interferentie: MPI staat oude informatie in de weg
● source monitoring: MPI (suggestieve vraag bvb) zorgt voor verkeerde bronkoppeling
dmv suggesties en vervolgens herkenning (familiarity) kunnen valse herinneringen ontstaan
ooggetuigenverklaringen: getuigenis door een ooggetuige van een misdaad over wat hij of
zij zag toen deze plaatsvond. Fouten in indeficatie ontstaan door:
● inaccuraat waarnemen van gebeurtenis (onduidelijke situatie)
● beïnvloeding door emoties
● aandachtsverdeling: bvb wapen-focus effect (niet letten op gezicht)
● bekendheid/herkenning: misattributie van de bron
● suggestieve vragen
post-identificatie feedback effect: toename in zelfverzekerdheid na bevestigende feedback
bij identificatie van een dader
reverse testing effect: gevoeligheid van een persoon voor misinformatie bij het doen van een
geheugentest is groter als hij vlak daarvoor bvb tv heeft gekeken
suggesties tegen verkeerde identificatie:
● bij line-up aangeven dat de dader er ook niet tussen kan zitten
● bij line-up mensen toevoegen die lijken op de dader
● bij line-up verdachten 1 voor 1 laten zien in plaats van tegelijk
● line-up laten doen door ‘blinde’ administrator
● getuige telkens direct confidence-rating laten geven over zijn keuze
● betere interviewtechnieken. gebruik van cognitief interview
hoofdstuk 12.3
Donald Hebb: een axon dat in het verleden succesvol een cel heeft gestimuleerd wordt
succesvoller in de toekomst. :
Hebbiaanse synap: een synaps die de effectiviteit verhoogt van simultane activiteit in de
presynaptische en postsynaptische neuronen.