Interculturele communicatie
Hoofdstuk 6
Fasen in groei naar culturele integratie:
1. Ontkenningsfase: onbewust zijn en leven in je eigen bubbel. Ze zijn niet bewust van de
culturele verschillen. Beginnen met buitenste schil van ui.
2. Weerstandsfase: bewust zijn, maar de verschillen als bedreiging en minderwaardig zien. Ze
denken in wij tegenover zij. Er bestaat ook omgekeerde weestand> vind je je eigen cultuur
minderwaardig maar andere cultuur beter. Belangrijk om cultuurverschillen te erkennen en
aanvaarden. Kijken naar overeenkomsten.
3. Minimaliseringsfase: bewust zijn, maar verschillen door eigen bril zien. Zien de normen en
waarden als universeel, i.p.v. culturele programmering. We willen anderen veranderen en
beoordelen wat goed of slecht is. Belangrijk is om bewust te worden van eigen cultuur en
eigen culturele programmering.
4. Aanvaardingsfase: erkenning en waardering voor culturele verschillen in gedrag en waarden.
Je ziet culturele verschillen als bron van nieuwe ideeën en in waarden. Belangrijkste
ontwikkeling is culturele empathie> in schoenen van ander gaan staan/verschuiven van je
culturele referentiekader. (Kennisniveau)
5. Aanpassingsfase: het referentiekader van de andere cultuur begrijpen, evalueren en je eigen
gedrag daarop aanpassen. Je kunt je mentaal verplaatsen in waarden en normensysteem van
een andere cultuur. (Kennisniveau en gedragsniveau). Belangrijkste ontwikkeling is oefenen
in het veranderen van referentiekaders. Je mentaal verplaatsen in normen en waarden van
andere culturen en je gedrag proberen aan te passen op andere cultuur.
6. Wederzijdse integratiefase: van beide zijden, de bi culturele referentiekaders begrijpen,
evalueren en je gedrag aanpassen met respect voor elkaars grenzen. Je hebt een bi culturele
of multiculturele identiteit maar bent je ook bewust van je eigen grenzen.
Wetenswaardigheden: in interculturele contacten wordt te veel nadruk gelegd op de verschillen
tussen de culturen en worden overeenkomsten vaak over het hoofd gezien.
Miscommunicatie wordt niet zozeer veroorzaakt door de verschillen, maar door het negatieve beeld
dat mensen uit verschillende culturen van elkaar hebben.
Derdecultuurkinderen: kunnen vaak gemakkelijk meervoudige referentiekaders verwerven, zolang
ze niet door hun sociale omgeving gedwongen worden om een cultuur te kiezen. Zijn kinderen van
migranten die in een gastcultuur leven, kinderen uit cultureel gemengde huwelijken, kinderen die
2/3 talig zijn opgevoed etc. ze kunnen meerder culturele identiteiten hebben zonder te kiezen voor
een identiteit.
Hoofdstuk 6
Fasen in groei naar culturele integratie:
1. Ontkenningsfase: onbewust zijn en leven in je eigen bubbel. Ze zijn niet bewust van de
culturele verschillen. Beginnen met buitenste schil van ui.
2. Weerstandsfase: bewust zijn, maar de verschillen als bedreiging en minderwaardig zien. Ze
denken in wij tegenover zij. Er bestaat ook omgekeerde weestand> vind je je eigen cultuur
minderwaardig maar andere cultuur beter. Belangrijk om cultuurverschillen te erkennen en
aanvaarden. Kijken naar overeenkomsten.
3. Minimaliseringsfase: bewust zijn, maar verschillen door eigen bril zien. Zien de normen en
waarden als universeel, i.p.v. culturele programmering. We willen anderen veranderen en
beoordelen wat goed of slecht is. Belangrijk is om bewust te worden van eigen cultuur en
eigen culturele programmering.
4. Aanvaardingsfase: erkenning en waardering voor culturele verschillen in gedrag en waarden.
Je ziet culturele verschillen als bron van nieuwe ideeën en in waarden. Belangrijkste
ontwikkeling is culturele empathie> in schoenen van ander gaan staan/verschuiven van je
culturele referentiekader. (Kennisniveau)
5. Aanpassingsfase: het referentiekader van de andere cultuur begrijpen, evalueren en je eigen
gedrag daarop aanpassen. Je kunt je mentaal verplaatsen in waarden en normensysteem van
een andere cultuur. (Kennisniveau en gedragsniveau). Belangrijkste ontwikkeling is oefenen
in het veranderen van referentiekaders. Je mentaal verplaatsen in normen en waarden van
andere culturen en je gedrag proberen aan te passen op andere cultuur.
6. Wederzijdse integratiefase: van beide zijden, de bi culturele referentiekaders begrijpen,
evalueren en je gedrag aanpassen met respect voor elkaars grenzen. Je hebt een bi culturele
of multiculturele identiteit maar bent je ook bewust van je eigen grenzen.
Wetenswaardigheden: in interculturele contacten wordt te veel nadruk gelegd op de verschillen
tussen de culturen en worden overeenkomsten vaak over het hoofd gezien.
Miscommunicatie wordt niet zozeer veroorzaakt door de verschillen, maar door het negatieve beeld
dat mensen uit verschillende culturen van elkaar hebben.
Derdecultuurkinderen: kunnen vaak gemakkelijk meervoudige referentiekaders verwerven, zolang
ze niet door hun sociale omgeving gedwongen worden om een cultuur te kiezen. Zijn kinderen van
migranten die in een gastcultuur leven, kinderen uit cultureel gemengde huwelijken, kinderen die
2/3 talig zijn opgevoed etc. ze kunnen meerder culturele identiteiten hebben zonder te kiezen voor
een identiteit.