HOOFDSTUK 2 – FEITENGESRPEK
2.1 – voorbereiding
1. Bepaal het doel van het gesprek (wat wil je te weten komen over een bepaald onderwerp?)
2. Stel een onderzoek in naar feiten (kom achter zoveel mogelijk feiten d.m.v. het stellen van
vragen).
VB – Een Tweegesprek
Je kan een gesprek ontleden d.m.v. het stellen van de volgende vragen:
- Wie is er het meest aan het woord?
- Wat valt op bij de vragen die worden gesteld?
- Welke antwoorden worden gegeven?
- Sluiten vraag en antwoord op elkaar aan?
- Wat valt er nog meer op in het gesprek?
HOOFDSTUK 3 - ATTITUDEGESPREK
- Attitude = wat iemand vindt van iets, hoe zijn houding is ten opzichte van iets. Er zitten
cognitieve (hoe denkt iemand), emotionele (wat voelt iemand erbij = luisteren naar
gevoelens) en gedragsaspecten (hoe gedraagt iemand zich) aan.
- In het gesprek alert zijn op de kapstok (= de hoofdlijnen) en containers (woorden die om
opheldering concretisering) vragen.
Voorbeelden van container begrippen: over het algemeen, in principe, meestal, redelijk,
op zichzelf, gewoonlijk, eigenlijk, vaak, soms enz.
2.1 – voorbereiding
1. Bepaal het doel van het gesprek (wat wil je te weten komen over een bepaald onderwerp?)
2. Stel een onderzoek in naar feiten (kom achter zoveel mogelijk feiten d.m.v. het stellen van
vragen).
VB – Een Tweegesprek
Je kan een gesprek ontleden d.m.v. het stellen van de volgende vragen:
- Wie is er het meest aan het woord?
- Wat valt op bij de vragen die worden gesteld?
- Welke antwoorden worden gegeven?
- Sluiten vraag en antwoord op elkaar aan?
- Wat valt er nog meer op in het gesprek?
HOOFDSTUK 3 - ATTITUDEGESPREK
- Attitude = wat iemand vindt van iets, hoe zijn houding is ten opzichte van iets. Er zitten
cognitieve (hoe denkt iemand), emotionele (wat voelt iemand erbij = luisteren naar
gevoelens) en gedragsaspecten (hoe gedraagt iemand zich) aan.
- In het gesprek alert zijn op de kapstok (= de hoofdlijnen) en containers (woorden die om
opheldering concretisering) vragen.
Voorbeelden van container begrippen: over het algemeen, in principe, meestal, redelijk,
op zichzelf, gewoonlijk, eigenlijk, vaak, soms enz.