Cognitie en Gedrag
samenvatting
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: Intro cognitieve psychologie...................................................................................................... 2
Hoofdstuk 5: Visie.......................................................................................................................................... 3
Visueel coderen....................................................................................................................................................3
Hoe het brein visuele informatie verwerkt...........................................................................................................4
Parallel processen in de visuele cortex.................................................................................................................5
Hoofdstuk 6: Andere gevoelssystemen........................................................................................................... 5
Gehoor..................................................................................................................................................................5
Mechanisch gevoel...............................................................................................................................................6
Chemisch gevoel...................................................................................................................................................8
Hoofdstuk 3: Perceptie.................................................................................................................................. 9
De natuur van perceptie.......................................................................................................................................9
Waarom is het maken van een machine die waarneemt moeilijk?.....................................................................9
Informatie voor menselijke perceptie..................................................................................................................9
Concepties van object perceptie........................................................................................................................10
Neuronen en kennis over de omgeving..............................................................................................................10
De interactie tussen waarnemen en actie ondernemen....................................................................................10
Hoofdstuk 4: Aandacht................................................................................................................................ 11
Verkennende studies: Aandacht als selectie......................................................................................................11
Moderne studies: Verwerkingscapaciteit en perceptuele belasting..................................................................11
Ruimtelijke aandacht: Openlijke en geheime aandacht....................................................................................11
Verdeelde aandacht: Aandacht op meer tegelijk...............................................................................................12
Wat gebeurt er als we geen aandacht hebben?................................................................................................12
Aandacht en een samenhangende wereld ervaren...........................................................................................12
Overweging........................................................................................................................................................12
Hoofdstuk 5: Korte termijn en werkgeheugen.............................................................................................. 12
Het modaal model van geheugen......................................................................................................................13
Sensorisch geheugen..........................................................................................................................................13
Korte termijn geheugen.....................................................................................................................................13
Werkgeheugen...................................................................................................................................................13
Werkgeheugen en het brein...............................................................................................................................14
,Hoofdstuk 6: Lange termijn geheugen; structuur.......................................................................................... 14
Vergelijken lange termijn en korte termijn processen.......................................................................................14
Episodisch en semantisch geheugen..................................................................................................................15
Procedureel geheugen, priming en conditionering............................................................................................15
Hoofdstuk 7: Lange termijn geheugen; coderen, ophalen en consolideren....................................................15
Encoderen: Informatie in het lange termijn geheugen krijgen..........................................................................15
Ophalen: Informatie uit het geheugen krijgen...................................................................................................16
Consolideren: De levensgeschiedenis van herinneringen..................................................................................16
Colleges....................................................................................................................................................... 17
Sensatie en perceptie.........................................................................................................................................17
Sensatie en perceptie.........................................................................................................................................18
Perceptie.............................................................................................................................................................19
Aandacht 1.........................................................................................................................................................19
Geheugen...........................................................................................................................................................20
Hoofdstuk 1: Intro cognitieve psychologie
-Cognitieve psychologie is de tak van psychologie die zich bezig houdt met de
wetenschappelijke studie van het brein
- Mind (verstand): Creëert en controleert mentale functies als perceptie, aandacht,
geheugen, emoties, taal, beslissen, denken en beredeneren
- Mind: Systeem dat representaties van de wereld creëert zodat we daarin kunnen
handelen en onze doelen kunnen bereiken
Studie naar de hersenen
- Donders: Reactietijd meten (na hersenactiviteit); principe dat mentale relaties niet
direct maar afgeleid van geobserveerd gedrag worden gemeten
- Wundt: Structuralisme (ervaring is opgebouwd uit basis elementen van ervaringen)
o Gebruikt analytische introspectie waarbij deelnemers dit moeten doen
o Empirische aanpak
- Ebbinghaus: Je leert beter als je iets vaker leert; geheugen curve
- William James: Beschrijft zijn ervaring en maakt een studieboek
Afstand doen van de studie van het verstand
- Watson: Behaviorisme (wil psychologie observeerbaar maken); lijkt op klassieke
conditionering
- Skinner: Operant conditioneren (als je iets positiefs geeft gaat het dan beter), maar
mensen reageren wel anders op elke situatie
- Tolman: Dat een rat kan opslaan hoe welke route loopt; cognitief
- Chomsky: Taal ontwikkelt d.m.v. operant conditioneren, niet zo want ze zeggen ook
dingen die ze niet leren en dingen incorrect
Hergeboorte studie van verstand (cognitieve revolutie)
- Informatie processen aanpak: In hoeverre mensen hun aandacht op informatie
kunnen richten als ze tegelijk andere dingen zien
- Dichotisch luisteren: Cherry zegt dat je 1 boodschap kunt horen
- KI: Logisch theorist van Newell en Simon die meer deed dan reproductie
, Huidig onderzoek in cognitieve psychologie
- Rol van modellen in cognitieve psychologie
o Structurele modellen
Representaties van fysieke structuren, hoe ze in specifieke functies
betrokken zijn
o Proces modellen
Processen die betrokken zijn in cognitieve mechanismen (boxen die
processen aangeven)
o Onderzoek modellen
Focust op mentale inspanning of onderzoek dat nodig is voor
processen
o Opbrengsten voor wetenschap, samenleving en jou
Het kan ons helpen
Interleaving: Combineren van verschillende handelingen in 1 domein
Ophalen van stof door toetsen helpt met leren
Aantekeningen maken kan ook helpen
Hoofdstuk 5: Visie
Visueel coderen
- Ibn al-Haytham: Licht van zaken komt onze ogen in (sterren zien we heel snel) en we
zien de reflectie van licht op objecten
Generale principes van perceptie
- Müller: Wet van specifieke zenuwenergie; als je op je ogen wrijft zie je ook ‘licht’
De ogen en haar connecties naar het brein
- Licht komt van pupil, dan naar lens, cornea en retina die het spiegelt
- Route in de retina
o Van receptoren achterin oog naar bipolaire cellen meer naar het midden naar
ganglion cellen nog meer in het midden en dan weer naar achterin t brein
o Ganglion cellen vormen oogzenuw, punt waar die vertrekt is blinde plek
- Fovea en periferie van het retina
o Fovea is gebied dat let op acute gedetaileerde visie (midget ganglion cellen
omdat ze focussen op maar 1 cone en klein zijn)
o Naar periferie van retina steeds meer receptoren in bipolaire en ganglion
cellen (beter voor in dimlicht)
Visuele receptoren: Rodes en cones
- Rodes: Reageren in zwak licht (perifeer) maar fel licht blindeert ze (20:1)
- Cones: Meer actief bij fel licht (fovea)
- Fotopigmenten: Laten energie los wanneer ze licht zien
Kleur visie
- 400 nm –> 700 nm (paars, blauw, groen, geel, oranje en rood)
- De trichomatische (Young-Helmholtz) theorie
o Kleur perceptie begint met een gegeven golflengte van licht die een
onderscheidende verhouding van reacties door de drie soorten kegeltjes
stimuleert
- De tegenstander-verwerkingstheorie
o Dat je een foto normaal ziet ookal is hij in negatief
samenvatting
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: Intro cognitieve psychologie...................................................................................................... 2
Hoofdstuk 5: Visie.......................................................................................................................................... 3
Visueel coderen....................................................................................................................................................3
Hoe het brein visuele informatie verwerkt...........................................................................................................4
Parallel processen in de visuele cortex.................................................................................................................5
Hoofdstuk 6: Andere gevoelssystemen........................................................................................................... 5
Gehoor..................................................................................................................................................................5
Mechanisch gevoel...............................................................................................................................................6
Chemisch gevoel...................................................................................................................................................8
Hoofdstuk 3: Perceptie.................................................................................................................................. 9
De natuur van perceptie.......................................................................................................................................9
Waarom is het maken van een machine die waarneemt moeilijk?.....................................................................9
Informatie voor menselijke perceptie..................................................................................................................9
Concepties van object perceptie........................................................................................................................10
Neuronen en kennis over de omgeving..............................................................................................................10
De interactie tussen waarnemen en actie ondernemen....................................................................................10
Hoofdstuk 4: Aandacht................................................................................................................................ 11
Verkennende studies: Aandacht als selectie......................................................................................................11
Moderne studies: Verwerkingscapaciteit en perceptuele belasting..................................................................11
Ruimtelijke aandacht: Openlijke en geheime aandacht....................................................................................11
Verdeelde aandacht: Aandacht op meer tegelijk...............................................................................................12
Wat gebeurt er als we geen aandacht hebben?................................................................................................12
Aandacht en een samenhangende wereld ervaren...........................................................................................12
Overweging........................................................................................................................................................12
Hoofdstuk 5: Korte termijn en werkgeheugen.............................................................................................. 12
Het modaal model van geheugen......................................................................................................................13
Sensorisch geheugen..........................................................................................................................................13
Korte termijn geheugen.....................................................................................................................................13
Werkgeheugen...................................................................................................................................................13
Werkgeheugen en het brein...............................................................................................................................14
,Hoofdstuk 6: Lange termijn geheugen; structuur.......................................................................................... 14
Vergelijken lange termijn en korte termijn processen.......................................................................................14
Episodisch en semantisch geheugen..................................................................................................................15
Procedureel geheugen, priming en conditionering............................................................................................15
Hoofdstuk 7: Lange termijn geheugen; coderen, ophalen en consolideren....................................................15
Encoderen: Informatie in het lange termijn geheugen krijgen..........................................................................15
Ophalen: Informatie uit het geheugen krijgen...................................................................................................16
Consolideren: De levensgeschiedenis van herinneringen..................................................................................16
Colleges....................................................................................................................................................... 17
Sensatie en perceptie.........................................................................................................................................17
Sensatie en perceptie.........................................................................................................................................18
Perceptie.............................................................................................................................................................19
Aandacht 1.........................................................................................................................................................19
Geheugen...........................................................................................................................................................20
Hoofdstuk 1: Intro cognitieve psychologie
-Cognitieve psychologie is de tak van psychologie die zich bezig houdt met de
wetenschappelijke studie van het brein
- Mind (verstand): Creëert en controleert mentale functies als perceptie, aandacht,
geheugen, emoties, taal, beslissen, denken en beredeneren
- Mind: Systeem dat representaties van de wereld creëert zodat we daarin kunnen
handelen en onze doelen kunnen bereiken
Studie naar de hersenen
- Donders: Reactietijd meten (na hersenactiviteit); principe dat mentale relaties niet
direct maar afgeleid van geobserveerd gedrag worden gemeten
- Wundt: Structuralisme (ervaring is opgebouwd uit basis elementen van ervaringen)
o Gebruikt analytische introspectie waarbij deelnemers dit moeten doen
o Empirische aanpak
- Ebbinghaus: Je leert beter als je iets vaker leert; geheugen curve
- William James: Beschrijft zijn ervaring en maakt een studieboek
Afstand doen van de studie van het verstand
- Watson: Behaviorisme (wil psychologie observeerbaar maken); lijkt op klassieke
conditionering
- Skinner: Operant conditioneren (als je iets positiefs geeft gaat het dan beter), maar
mensen reageren wel anders op elke situatie
- Tolman: Dat een rat kan opslaan hoe welke route loopt; cognitief
- Chomsky: Taal ontwikkelt d.m.v. operant conditioneren, niet zo want ze zeggen ook
dingen die ze niet leren en dingen incorrect
Hergeboorte studie van verstand (cognitieve revolutie)
- Informatie processen aanpak: In hoeverre mensen hun aandacht op informatie
kunnen richten als ze tegelijk andere dingen zien
- Dichotisch luisteren: Cherry zegt dat je 1 boodschap kunt horen
- KI: Logisch theorist van Newell en Simon die meer deed dan reproductie
, Huidig onderzoek in cognitieve psychologie
- Rol van modellen in cognitieve psychologie
o Structurele modellen
Representaties van fysieke structuren, hoe ze in specifieke functies
betrokken zijn
o Proces modellen
Processen die betrokken zijn in cognitieve mechanismen (boxen die
processen aangeven)
o Onderzoek modellen
Focust op mentale inspanning of onderzoek dat nodig is voor
processen
o Opbrengsten voor wetenschap, samenleving en jou
Het kan ons helpen
Interleaving: Combineren van verschillende handelingen in 1 domein
Ophalen van stof door toetsen helpt met leren
Aantekeningen maken kan ook helpen
Hoofdstuk 5: Visie
Visueel coderen
- Ibn al-Haytham: Licht van zaken komt onze ogen in (sterren zien we heel snel) en we
zien de reflectie van licht op objecten
Generale principes van perceptie
- Müller: Wet van specifieke zenuwenergie; als je op je ogen wrijft zie je ook ‘licht’
De ogen en haar connecties naar het brein
- Licht komt van pupil, dan naar lens, cornea en retina die het spiegelt
- Route in de retina
o Van receptoren achterin oog naar bipolaire cellen meer naar het midden naar
ganglion cellen nog meer in het midden en dan weer naar achterin t brein
o Ganglion cellen vormen oogzenuw, punt waar die vertrekt is blinde plek
- Fovea en periferie van het retina
o Fovea is gebied dat let op acute gedetaileerde visie (midget ganglion cellen
omdat ze focussen op maar 1 cone en klein zijn)
o Naar periferie van retina steeds meer receptoren in bipolaire en ganglion
cellen (beter voor in dimlicht)
Visuele receptoren: Rodes en cones
- Rodes: Reageren in zwak licht (perifeer) maar fel licht blindeert ze (20:1)
- Cones: Meer actief bij fel licht (fovea)
- Fotopigmenten: Laten energie los wanneer ze licht zien
Kleur visie
- 400 nm –> 700 nm (paars, blauw, groen, geel, oranje en rood)
- De trichomatische (Young-Helmholtz) theorie
o Kleur perceptie begint met een gegeven golflengte van licht die een
onderscheidende verhouding van reacties door de drie soorten kegeltjes
stimuleert
- De tegenstander-verwerkingstheorie
o Dat je een foto normaal ziet ookal is hij in negatief