Vraag en aanbod
Kunnen lijst
Hoofdstuk 1
Wat is een concrete markt?
Hier komen vragers en aanbieders op een bepaalde tijd direct met elkaar in
contact. Denk aan een rommelmarkt of veiling.
Wat is een abstracte markt?
Het geheel van vraag naar en aanbod van een product. Denk aan de oliemarkt of
de automarkt.
Wat is het verband tussen omzet, prijs en afzet?
De omzet is gelijk aan de prijs x de afzet.
Hoofdstuk 2
Wat is het verschil tussen individuele en collectieve vraagfuncties?
Individueel is van 1 vrager en collectief is alle vragers op een markt.
Hoe veranderen vraaglijnen?
Verschuiving langs de vraaglijn: Prijsverandering.
Verschuiving van de vraaglijn: Verandering in voorkeur van consument,
verandering inkomen consument of de prijzen van andere producten veranderen.
Wat is de prijselasticiteit?
De prijselasticiteit van de vraag geeft aan hoe sterk de vraag reageert op een
prijsverandering.
Ev = Δ% Qv / Δ% p
Ev = 0 = volkomen inelastisch
-1 < Ev < 0 = inelastische vraag
Ev < -1 = elastisch
Wat zijn de effecten van substitutie en complementariteit van goederen?
Complementaire goederen = producten die elkaar aanvullen = negatieve
kruiselingse prijselasticiteit
Substitutie goederen = producten die elkaar kunnen vervangen = positieve
kruiselingse prijselasticiteit
Welke soorten goederen zijn er?
Primaire goederen = goederen waar je niet zonder kunt inkomen inelastisch
Luxe goederen = goederen die niet noodzakelijk zijn voor levensonderhoud
inkomen elastisch
Goederen met een negatieve inkomenselasticiteit worden inferieure goederen
genoemd. Als het inkomen stijgt worden de inferieure goederen vervangen door
luxere goederen.
Wat is kruiselingse prijselasticiteit?
Dit geeft weer hoe sterk de vraag van het ene goed reageert op een
prijsverandering van een ander goed. Met elasticiteiten berekenen altijd
GEVOLG / OORZAAK.
Kunnen lijst
Hoofdstuk 1
Wat is een concrete markt?
Hier komen vragers en aanbieders op een bepaalde tijd direct met elkaar in
contact. Denk aan een rommelmarkt of veiling.
Wat is een abstracte markt?
Het geheel van vraag naar en aanbod van een product. Denk aan de oliemarkt of
de automarkt.
Wat is het verband tussen omzet, prijs en afzet?
De omzet is gelijk aan de prijs x de afzet.
Hoofdstuk 2
Wat is het verschil tussen individuele en collectieve vraagfuncties?
Individueel is van 1 vrager en collectief is alle vragers op een markt.
Hoe veranderen vraaglijnen?
Verschuiving langs de vraaglijn: Prijsverandering.
Verschuiving van de vraaglijn: Verandering in voorkeur van consument,
verandering inkomen consument of de prijzen van andere producten veranderen.
Wat is de prijselasticiteit?
De prijselasticiteit van de vraag geeft aan hoe sterk de vraag reageert op een
prijsverandering.
Ev = Δ% Qv / Δ% p
Ev = 0 = volkomen inelastisch
-1 < Ev < 0 = inelastische vraag
Ev < -1 = elastisch
Wat zijn de effecten van substitutie en complementariteit van goederen?
Complementaire goederen = producten die elkaar aanvullen = negatieve
kruiselingse prijselasticiteit
Substitutie goederen = producten die elkaar kunnen vervangen = positieve
kruiselingse prijselasticiteit
Welke soorten goederen zijn er?
Primaire goederen = goederen waar je niet zonder kunt inkomen inelastisch
Luxe goederen = goederen die niet noodzakelijk zijn voor levensonderhoud
inkomen elastisch
Goederen met een negatieve inkomenselasticiteit worden inferieure goederen
genoemd. Als het inkomen stijgt worden de inferieure goederen vervangen door
luxere goederen.
Wat is kruiselingse prijselasticiteit?
Dit geeft weer hoe sterk de vraag van het ene goed reageert op een
prijsverandering van een ander goed. Met elasticiteiten berekenen altijd
GEVOLG / OORZAAK.