3 onderwerpen gedrag beïnvloeden (of niet)
1. Lichamelijke kenmerken & prestaties
- Voor een groot deel genetisch bepaald
- kleine ouders -> kleiner kind
- Wel te beïnvloeden door sport & eten
- Aageboren talent = grote factor, maar er moet ook veel getraind worden (10.000 uur regel)
- Motivatie & doorzettingsvermogen
2. Cognitieve prestaties
- IQ & snelheid voor 50 tot 80% genetisch bepaald
- Er is sprake van een aangeboren potentieel, maar intelligentie moet echter ontwikkeld
worden
- Braintraining maakt je niet slimmer -> fluïde intelligentie
- near transfer vs. far transfer
3. Persoonlijkheid
- Persoonlijkheidseigenschappen staan redelijk vast
- Gedrag is afhankelijk van je ideeën daarover ‘zo ben ik nou eenmaal’ -> geen verandering
- Plutargus: persoonlijkheid is een volgehouden gewoonte
- Als gedragsbeïnvloeder richten op veranderen van gedrag
Randvoorwaarden om gericht gedrag te veranderen
- Wel mee aan de slag gaan. Geloof hebben dat gedrag veranderd kan worden
Growth vs. fixed mindset
- Maakbaarheid vd mens - Alles staat vast
- Slimmer en beter worden kan altijd - Falen of moeite ervaren
betekent dat je niet slim genoeg
bent
- Meer motivatie om te leren - Liever simpele opdrachten
- Leidt tot vertrouwen
Conclusie
Wees selectief in het gedrag dat je wilt veranderen
Meerdere wegen naar Rome: verschillende individuen kunnen situaties en taken op verschillende
wijzen benaderen met hetzelfde resultaat
De manier waarop je denkt over (de veranderbaarheid van) gedrag is zeer belangrijk voor het leren
en veranderen van gedrag
H2 leren
Leren = aanpassingsproces aan omgevingen ≠ vergaren wijsheid
• Klassiek conditioneren = neutrale stimulus wordt gekoppeld aan natuurlijke
(ongeconditioneerde) stimulus/respons reflex
Gevolg: neutrale stimulus kokt ook reflex uit
• Discriminatie = reflex alleen bij die stimulus
• Generalisatie = reflex bij soortgelijke stimulus
• Extinctie = uitdoving van geleerde associatie
Niet alles is even makkelijk te conditioneren
Garcia effect/sauce-Bearnaise syndroom
Misselijkheid/negatieve gevoelens heel krachtig aan voedsel gekoppeld (wat onlangs is
gegeten) (vaak onterecht)
• Operant conditioneren = nieuw gedrag sturen door belonen en straffen
Soms is gedrag te complex om in 1x aan te leren, dan:
Shaping: gedrag in stukjes opdelen (bijv. zijwieltjes bij fietsen)
• Gedrag wordt sterker als niet elke keer wordt beloond -> beter bestand tegen extinctie
1
, • Sociaal leren = na-apen
• Zeer krachtig (spiegelneuronen), vanaf jongs af aan
• Kan zowel bewust als onbewust
Gedragsimitatie gaat vaak heel onbewust
Emoties worden vaak ook snel geïmiteerd (emotional cognition)
- Link met empathie
Gevolgen imitatie -> vertrouwen & liking neemt toe (handig bij beïnvloeden)
• Bewust sociaal leren
• 1. Inschatten van de opbrengsten
• Haalbaarheid van gedrag vd ander
Rolmodellen worden vaker/sneller als zodanig gezien & nagedaan als ze zelfrelevant zijn
- Zijn heel geschikt om gedrag te veranderen/beïnvloeden
- bijv. reclame Ali B -> artiest, leuk niet leuk, maar wel vader in de reclame dus ook relevant
voor ouders
Niet iedereen/alles een ongeschreven blad (tabula rasa)
Taal ontwikkeld veel sneller dan verwacht
Niet alleen maar trial & error
Wat omgaat in het brein = black box
• Cognitief leren = het leerproces dat plaats vindt door te lezen, luisteren of zelf nadenk en
oplossingen te vinden
• In een compleet nieuwe situatie, zonder trial & error
Fysiologie geheugen
Tijdelijke opslag -> Hippocampus & amygdala
Permanente opslag -> Partiële & temporale cortex
Beschadiging aan hippocampus -> problemen met opname van nieuwe kennis. Info kan wel
worden teruggehaald
Amygdala intact -.>> wel impliciet (onbewust) leren
Prefrontale cortex beschadigd -> flapuit, niet altijd vriendelijk meer
Optimaal leren:
- Elaboratie: goed nadenken & koppelen aan andere kennis
- Visualiseren/eigen ervaringen/met anderen erover praten/toepassen in andere context
- Reflecteren, tegen jezelf praten
- Testen -> self quizzing
- Spacing, gespreid leren (niet alles een week van tevoren gaan blokken)
- Lichte spanning is het beste
- Privacy (eerste indruk) & recency (recent) effect
- Bijv. auditie bij zangwedstrijd
- State dependent learning = in dezelfde staat leren & stof ophalen, dan kan je beter repeteren
- Bijv. zelfde omgeving, muziek of beetje alcohol
2