Serena van der Made
Inleiding civiele techniek college
3 september
Dictaat
Watermanagement
Watermanagement is de kunde van het beheersen van de waterkwantiteit en waterkwaliteit door
middel van, enerzijds kennis van het watersysteem en anderzijds inzet van civieltechnische
instrumenten.
Waterbeheersing in Nederland richt zich op het optimaal beheren van het oppervlakte- en het
grondwater in de poldergebieden. Belangen van verschillende partijen worden naar gelang hun
betrokkenheid optimaal gehonoreerd→ integraal waterbeheer.
Hydrologische kringloop:
Als je watermanagement op een goede verantwoorde manier toe wilt passen dan zal met vele
aspecten rekeningen gehouden moeten worden, bijv. met milieu, veiligheid, landbouw, industrie,
scheepvaart, flora, fauna, drinkwater, duurzaamheid, technische mogelijkheden.
Polders
Een polder is een vlak gebied dat in oorspronkelijke toestand permanent of seizoensmatig
onderhevig is geweest aan een hoge waterstand en dat afgescheiden is van het omringende
hydrologische regime, waardoor de waterstanden in de polder onafhankelijk van het buitenwater
worden gecontroleerd.
Verschillende polders:
- Binnenpolders liggen binnen de hoofdwaterkering (dijken) en lozen op een boezem.
- Buitenpolders liggen buiten de hoofdwaterkering (dijken) en lozen rechtstreeks op zee.
- Rivierpolders liggen vlak langs rivieren waarop zij hun overtollig water lozen en waaruit zij, in
tijden van droogte, water kunnen innemen.
- Droogmakerijen zijn drooggemalen meren en veenplassen;
- Indijkingen of bedijkingen zijn ontstaan door het bedijken van buitendijkse gelegen gronden;
- Veenpolders hebben veen als bodem, voorts zijn er klei- en zandpolders;
- Bouwpolders hebben akkerbouw als landgebruik, in weipolders wordt het vee geweid;
- Stedelijke polders worden gebruikt voor stedelijke gebieden.
Inleiding civiele techniek college
3 september
Dictaat
Watermanagement
Watermanagement is de kunde van het beheersen van de waterkwantiteit en waterkwaliteit door
middel van, enerzijds kennis van het watersysteem en anderzijds inzet van civieltechnische
instrumenten.
Waterbeheersing in Nederland richt zich op het optimaal beheren van het oppervlakte- en het
grondwater in de poldergebieden. Belangen van verschillende partijen worden naar gelang hun
betrokkenheid optimaal gehonoreerd→ integraal waterbeheer.
Hydrologische kringloop:
Als je watermanagement op een goede verantwoorde manier toe wilt passen dan zal met vele
aspecten rekeningen gehouden moeten worden, bijv. met milieu, veiligheid, landbouw, industrie,
scheepvaart, flora, fauna, drinkwater, duurzaamheid, technische mogelijkheden.
Polders
Een polder is een vlak gebied dat in oorspronkelijke toestand permanent of seizoensmatig
onderhevig is geweest aan een hoge waterstand en dat afgescheiden is van het omringende
hydrologische regime, waardoor de waterstanden in de polder onafhankelijk van het buitenwater
worden gecontroleerd.
Verschillende polders:
- Binnenpolders liggen binnen de hoofdwaterkering (dijken) en lozen op een boezem.
- Buitenpolders liggen buiten de hoofdwaterkering (dijken) en lozen rechtstreeks op zee.
- Rivierpolders liggen vlak langs rivieren waarop zij hun overtollig water lozen en waaruit zij, in
tijden van droogte, water kunnen innemen.
- Droogmakerijen zijn drooggemalen meren en veenplassen;
- Indijkingen of bedijkingen zijn ontstaan door het bedijken van buitendijkse gelegen gronden;
- Veenpolders hebben veen als bodem, voorts zijn er klei- en zandpolders;
- Bouwpolders hebben akkerbouw als landgebruik, in weipolders wordt het vee geweid;
- Stedelijke polders worden gebruikt voor stedelijke gebieden.