Difficulties Questionnaire
Vrije Universiteit Amsterdam
Vak: Meten en Diagnostiek 1
Datum: 28-03-2021
Woordenaantal: 2877
, 2
BETROUWBAARHEID EN VALIDITEIT VAN DE SDQ
De Betrouwbaarheid en de Validiteit van de Strenghts and Difficulties Questionnaire
Op dit moment beïnvloedt het coronavirus niet alleen de economie, maar ook de
psychische gezondheid. Uit een onderzoek van de Universiteit van Amsterdam samen met
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) is gebleken dat een derde van de
jongeren op dit moment te maken heeft met psychische problemen, zoals hyperactiviteits- en
emotionele problemen (Pennings, Zonneveld, Gorter, Luijben & De Bruin, 2020). Dit komt
doordat de jongeren nu veel thuis zitten en geen/weinig contact hebben met leeftijdsgenoten,
waarover de jongeren zich zorgen maken, zich ongelukkig voelen en waardoor ze weinig
concentratie hebben. Hiervoor zou een snel en effectief meetinstrument helpen bij het
diagnosticeren van deze jongeren.
Hierom wordt in dit onderzoek onderzocht of de Strengths and Difficulties
Questionnaire (SDQ) hiervoor een waardevol instrument zou kunnen zijn, om (sneller)
belangrijke individuele beslissingen mee te kunnen nemen, in plaats van lange diagnostische
interviews te moeten gebruiken.
De SDQ is een vragenlijst die gebruikt wordt om de psychosociale problematiek en de
(eventuele) sterke kanten van kinderen en jongeren te meten (Goodman, 1997). De SDQ is
voor de doelgroep 4-17 jaar en bestaat uit 25 items onderverdeeld over vijf subschalen: de
emotionele problemen, gedragsproblemen, hyperactiviteit/aandachtstekort, problemen met
leeftijdsgenoten en prosociaal gedrag. De eerste vier samen vormen de totale probleemschaal
die de gehele psychosociale problematiek in kaart brengt. De subschaal prosociaal gedrag
meet hoe sociaal de participant is en de subschaal hyperactiviteit de mate van hyperactiviteits-
en aandachtsproblemen.
Om te beslissen of de SDQ geschikt is om snelle individuele beslissingen mee te
nemen over de psychosociale problematiek, moet de validiteit en betrouwbaarheid onderzocht
worden. Betrouwbaarheid is de repliceerbaarheid van een test (Gregory, 2014), die
gedefinieerd wordt door de Cronbach’s alfa. De Cronbach’s alfa meet de ondergrens van de
betrouwbaarheid van een vragenlijst of een psychometrische test (Gregory, 2014). De
betrouwbaarheid werd gemeten over de totale probleemschaal en de subschalen
hyperactiviteit en prosociaal gedrag.
Daarnaast is de validiteit de mate waarin de test meet wat het beoogt te meten
(Gregory, 2014). In dit onderzoek werd er gekeken naar de begripsvaliditeit (convergent en
discriminant) en de criteriumvaliditeit van de subschaal hyperactiviteit. De begripsvaliditeit
kijkt of de items echt meten waarvoor de test bedoeld is (convergent= samenhang met
vergelijkbare test, dicriminant= samenhang met niet-vergelijkbare test), terwijl de