PROEFTOETS PSH2
1. Goed geconstrueerde doelen dienen te voldoen aan 7 kenmerken
“Benoem 5 kenmerken waaraan een goed geconstrueerde doel dient te voldoen en licht je
antwoord toe.” (5pt)
Zevenkenmerken van goed geconstrueerde doelen
1. Belangrijk voor de cliënt
2. Klein
3. Concreet en duidelijk gericht op gedrag (/handelen)
4. Betrekking op zaken die aanwezig zijn
Van niet naar wel
5. Het begin van iets, niet perse het eindresultaat
6. Realistisch binnen de context van het leven van de cliënt
7. Doelen worden ervaren als iets wat "hard werken" (van de cliënt) met zich meebrengt
Trots zijn wanneer het gelukt is (waarde)
Capaciteiten cliënt volledig benutten
Door doelen te bereiken met hard werken, wordt een cliënt in de toekomst meer
aangezet tot hard werken (wegens goede resultaten in het verleden; namelijk bij
jou als hulpverlener)
Altijd alsnog te bereiken door 'harder te werken'
“Is ‘Geen ruzies meer maken’ een goed geconstrueerd doel? Leg uit” (2pt)
Nee, dit doel is negatief geformuleerd en heeft dus geen betrekking op zaken die aanwezig zijn.
“Benoem een drietal mogelijke werkpunten, waaraan gewerkt kan worden” (3pt)
Het vinden van een werkpunt
- Onkunde of onwetendheid? Ontschuldigen! (= Een cliënt laten weten dat hij/zij niet
schuldig is aan het probleem). Je lost vervolgens de onkunde of onwetendheid op.
- Verhoudingen: hoe zit iemand erbij?
En waarom? Welke goede reden heeft iemand voor bepaald gedrag? (Positieve en
negatieve beloningen).
- Interactie
Patronen en vicieuze cirkels
è Verwijten maken, schuld én oorzaak (interpunctie), analyseren en
adviseren, twijfelen, grappen maken, harmoniseren etc.
Antwoord
- An leren om met haar man te praten over haar problemen en gevoelens
o Hypothese: An kan haar verhaal niet kwijt bij haar man -> leren communiceren,
relatiegesprekken oefenen
- An leren welke invloeden ingrijpende gebeurtenissen kunnen hebben op relaties en hoe je
hiermee om kunt gaan
o Psycho-educatie vanuit haar onwetendheid over hoe de relatie zo kan veranderen
etc.
“Is er sprake van triadevorming? Licht je antwoord toe” (2pt)
Nee, triadevorming houdt in dat er in een relatie tussen drie mensen twee mensen tegen de derde
zijn. In dit geval is hier geen sprake van, doordat Joep nog te klein is om een mening te hebben en
‘tegen’ zijn vader te zijn. Als dit zich doorzet zou het echter wel triadevorming kunnen worden
wanneer Joep groter wordt. Het gevaar van triadevorming bestaat hier dus al wel.
“Een interactiepatroon begint altijd met drie stappen. Benoem de drie stappen” (3pt)
1. Iemand zegt wat
2. De ander reageert onpersoonlijk of de ander negeert
3. De eerste persoon reageert daarop of niet
1. Goed geconstrueerde doelen dienen te voldoen aan 7 kenmerken
“Benoem 5 kenmerken waaraan een goed geconstrueerde doel dient te voldoen en licht je
antwoord toe.” (5pt)
Zevenkenmerken van goed geconstrueerde doelen
1. Belangrijk voor de cliënt
2. Klein
3. Concreet en duidelijk gericht op gedrag (/handelen)
4. Betrekking op zaken die aanwezig zijn
Van niet naar wel
5. Het begin van iets, niet perse het eindresultaat
6. Realistisch binnen de context van het leven van de cliënt
7. Doelen worden ervaren als iets wat "hard werken" (van de cliënt) met zich meebrengt
Trots zijn wanneer het gelukt is (waarde)
Capaciteiten cliënt volledig benutten
Door doelen te bereiken met hard werken, wordt een cliënt in de toekomst meer
aangezet tot hard werken (wegens goede resultaten in het verleden; namelijk bij
jou als hulpverlener)
Altijd alsnog te bereiken door 'harder te werken'
“Is ‘Geen ruzies meer maken’ een goed geconstrueerd doel? Leg uit” (2pt)
Nee, dit doel is negatief geformuleerd en heeft dus geen betrekking op zaken die aanwezig zijn.
“Benoem een drietal mogelijke werkpunten, waaraan gewerkt kan worden” (3pt)
Het vinden van een werkpunt
- Onkunde of onwetendheid? Ontschuldigen! (= Een cliënt laten weten dat hij/zij niet
schuldig is aan het probleem). Je lost vervolgens de onkunde of onwetendheid op.
- Verhoudingen: hoe zit iemand erbij?
En waarom? Welke goede reden heeft iemand voor bepaald gedrag? (Positieve en
negatieve beloningen).
- Interactie
Patronen en vicieuze cirkels
è Verwijten maken, schuld én oorzaak (interpunctie), analyseren en
adviseren, twijfelen, grappen maken, harmoniseren etc.
Antwoord
- An leren om met haar man te praten over haar problemen en gevoelens
o Hypothese: An kan haar verhaal niet kwijt bij haar man -> leren communiceren,
relatiegesprekken oefenen
- An leren welke invloeden ingrijpende gebeurtenissen kunnen hebben op relaties en hoe je
hiermee om kunt gaan
o Psycho-educatie vanuit haar onwetendheid over hoe de relatie zo kan veranderen
etc.
“Is er sprake van triadevorming? Licht je antwoord toe” (2pt)
Nee, triadevorming houdt in dat er in een relatie tussen drie mensen twee mensen tegen de derde
zijn. In dit geval is hier geen sprake van, doordat Joep nog te klein is om een mening te hebben en
‘tegen’ zijn vader te zijn. Als dit zich doorzet zou het echter wel triadevorming kunnen worden
wanneer Joep groter wordt. Het gevaar van triadevorming bestaat hier dus al wel.
“Een interactiepatroon begint altijd met drie stappen. Benoem de drie stappen” (3pt)
1. Iemand zegt wat
2. De ander reageert onpersoonlijk of de ander negeert
3. De eerste persoon reageert daarop of niet