Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Nederlands algemeen taalgebruik

Beoordeling
4.0
(3)
Verkocht
5
Pagina's
33
Geüpload op
25-06-2015
Geschreven in
2014/2015

Een samenvatting met de stof over algemeen taalgebruik van het programma Hogeschooltaal.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Avans hogeschool Breda
NEDERLANDS
Algemeen taalgebruik

, ALGEMEEN TAALGEBRUIK
TAALKWESTIES
Trappen van vergelijking
Bijvoeglijke naamwoorden en sommige bijwoorden kunnen sterker gemaakt worden
(voorbeeld: leuk - leuker - leukst). Er zijn drie trappen van vergelijking: de stellende
trap, de vergrotende trap en de overtreffende trap.
Hoofdregel
De basisvorm van bijvoeglijke naamwoorden is de stellende trap. Bij de vergrotende
trap schrijf je -er achter het woord en bij de overtreffende trap schrijf je -st achter het
woord.
 dun - dunner - dunst
 mooi - mooier - mooist
 snel - sneller - snelst
Uitzondering 1
De overtreffende trap van woorden die eindigen op -isch, - sk, - st, -sd worden niet
met het achtervoegsel -st gevormd, maar met meest voor het bijvoeglijk naamwoord.
 verbaasd - verbaasder - meest verbaasd
 komisch - komischer - meest komisch
Uitzondering 2
Als de vorm met -er en/of -st een vreemd woordbeeld of een moeilijke uitspraak
oplevert, schrijven we de vergrotende en overtreffende trap met meer en meest.
 verloederd - meer verloederd - meest verloederd
 continu - continuer - meest continu


Dat of wat
Dat en wat zijn betrekkelijke voornaamwoorden. Ze verwijzen naar iets.
Met dat verwijzen we naar bepaalde, concrete zelfstandige naamwoorden die
voorafgaan door het lidwoord het, bijvoorbeeld: schrift, bedrijf, glas, synoniem.
Het huis dat vrijstaand is.
Het betrekkelijk voornaamwoord wat wordt gebruikt:
1. als het verwijst naar een hele zin,
Hij vertrok, wat tot veel geroddel leidde.
De atleet won een gouden plak tijdens de Olympische Spelen, wat hem behalve veel
vreugde ook een leuk bedrag opleverde.

,2. bij een algemene aanduiding of hoedanigheid,
Dat is het minste wat je voor me kunt doen.
Het enige wat ik nu belangrijk vind, is de schade verminderen.
Geniet van al het mooie wat Thailand te bieden heeft.
Dat is het leuke wat ik je wilde geven.
Dit is het beste wat mijn moeder is overkomen.
Het is het aardigste wat mijn vriendin ooit voor me heeft gedaan.


3. na de woorden al(les), dat(gene), niets/niks en (zo)iets.
Ik koop iets wat glinstert.
Dat is alles wat ik van je vraag.
Dat is het enige wat ik nog wilde zeggen.


Jou of jouw
Wanneer gebruik je jouw?
Als het een bezittelijk voornaamwoord is.
Dit is voortaan jouw eigendom.
Jouw idee wordt beloond.
Wanneer gebruik je jou?
Als het een persoonlijk voornaamwoord is.
Ze heeft het jou beloofd.
Ik vrees dat ze jou vergeten.
Twijfel je? Vervang dan jou/jouw door 'hem' en 'zijn':
zijn = jouw (bezittelijk vnw.) Dat is voortaan zijn eigendom.
hem = jou (persoonlijk vnw.) Ze heeft het hem beloofd.


Hun of hen
Wanneer gebruik je hun?
1. Als het een bezittelijk voornaamwoord is.
We hebben hun eisen ingewilligd.
Als ze morgen komen, hebben we hun spullen keurig ingepakt.

,2. Als het een meewerkend voorwerp is.
Vaak is het meewerkend voorwerp te vervangen door 'aan hen', soms door 'voor hen'
en 'bij hen'.
Ze schrijft hun een brief (ze schrijft aan hen een brief).
Dat komt hun goed uit (dat komt voor hen goed uit).
Hij speldde hun een medaille op (hij speldde bij hen een medaille op).
Wanneer gebruik je hen?
1. Na een voorzetsel
Voorzetsels zijn: voor, op, tegen, bij, in, enz.
Ik speel vanavond tegen hen een wedstrijdje darts.
Voor hen ga ik door het vuur.
2. Als het een lijdend voorwerp is.
Ze werden kwaad, omdat ik hen pestte. (Wie pestte ik? hen = lijdend voorwerp).
Bepaalde werkwoorden hebben altijd een meewerkend voorwerp (‘hun’) bij zich.
Bijvoorbeeld: mankeren, gunnen, e.d.
Wat mankeert hun?
Wat staat hun te wachten?
Het gaat hier dus niet om een lijdend voorwerp. Bepaalde werkwoorden brengen nu
eenmaal een derde naamval met zich mee.


Als of dan
Wanneer gebruik je als?
- Na een stellende trap. De stellende trap is gelijk aan de standaardvorm van een
bijvoeglijk naamwoord.
Het gebouw is even hoog als die boom.
- Na het woordje zo.
De vraag was driemaal zo groot als het aanbod.
Wanneer gebruik je dan?
- Na een vergrotende trap. De vergrotende trap wordt gevormd met het
achtervoegsel -er: sneller dan, liever dan, geschikter dan.
Ze verdiende meer dan haar man.
De Eiffeltoren is hoger dan de toren van Pisa.
- Na het woordje anders.
Het karakter van Sophie was heel anders dan dat van haar tweelingzus.

,Beide of beiden
Woorden als andere, beide, sommige, vele kunnen op twee manieren gebruikt
worden:
1. Bijvoeglijk
Achter het woord is een zelfstandig naamwoord uit de tekst invulbaar. Dit zelfstandig
naamwoord staat er direct achter of kan erbij gedacht worden.
In die gevallen volgt er geen meervouds -n.
Beide dochters waren blij met de erfenis.
Talloze toeschouwers verlieten voortijdig het stadion, terwijl slechts enkele de laatste
minuten beleefden.
In het testament stonden de dochters als erfgenamen genoemd. Beide waren erg blij
met het enorme bedrag.


2. zelfstandig: ze verwijzen niet naar een zelfstandig naamwoord.
In dit geval een meervouds -n- als personen bedoeld zijn.
Slechts enkelen waren bereid hard te werken.
In alle andere gevallen geen meervouds -n.
De leeuwen werden gevoerd door verschillende oppassers. Voor vele was dat het
moment om in beweging te komen.
Helaas konden we slechts enkele uit voorraad leveren.


Mits of tenzij
Deze voegwoorden gebruik je als er een voorwaarde bedoeld wordt.
Andere vergelijkbare voegwoorden zijn: als, wanneer, indien.
Mits betekent: op (nadrukkelijke) voorwaarde dat.
Ik wil voor even je taak overnemen, mits je mij voldoende informatie geeft.
Tenzij betekent: behalve als, als ... niet.
Op mijn medewerking kun je rekenen, tenzij je iemand anders op het oog hebt.
Als betekent: op voorwaarde dat.
Dit voegwoord komt zowel in gesproken als geschreven taal het vaakst voor.
Hij gaat er alleen opuit als het mooi weer is.
Indien en wanneer betekenen hetzelfde, maar zijn iets formeler en worden vaker in
ge schreven taal gebruikt.

,U krijgt in de maand april bericht over eventuele belastingteruggave, indien u het
daartoe strekkende aanvraagformulier tijdig indient.
Ik kan me niet concentreren wanneer ik slecht geslapen heb.


Grootte of grote
Het woord grootte is een zelfstandig naamwoord.
De timmerman meet de grootte van de kast.
Ze was verbaasd over de enorme grootte van de tuin.
Als je door één oog kijkt, zie je geen diepte meer.
Door achter het bijvoeglijk naamwoord groot -te te zetten krijgen we het zelfstandig
naamwoord.
Dit geldt ook voor woorden als:
diep - diepte
breed - breedte
hoog - hoogte
lang - lengte (klinkerverandering)
Het woord grote is een verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord groot.


Te danken aan of te wijten aan
Te danken aan gebruiken we:
- als we iets positiefs bedoelen,
- als we respect voor iets of iemand willen tonen,
- als we een reden geven voor een mooi resultaat.
Ze heeft haar functie te danken aan haar klantvriendelijk optreden.
De geslaagde had zijn mooie lijst te danken aan zijn enorme inzet.
Te wijten aan gebruiken we:
- als we iets negatiefs bedoelen,
- als we onze afkeuring willen tonen,
- als we een reden geven voor een slecht resultaat.
De overstroming in februari was te wijten aan het ontbreken van dijkbewaking.
De economische recessie is te wijten aan onvoldoende controle van de Nederlandse
Bank.

, Zowel...als...komt of komen
Zetten we bij zowel ... als ... de persoonsvorm in het enkelvoud of meervoud?
1. Beide delen enkelvoud; dan enkelvoud.
Zowel Peter als Paulien is aanwezig op het feest van Ellen.
Beide delen staan in het enkelvoud, dan moet de persoonsvorm ook in het
enkelvoud.


2. Beide delen enkelvoud maar twee verschillende persoonsvormen; dan meervoud.
Zowel Marise als ik zijn bij voorkeur te vinden op een zonnig terras.
Bij de onderwerpen (Marise en ik) horen verschillende
persoonsvormen: is en ben. Schrijf de persoonsvorm dan in het meervoud.


3. Een deel of beide delen meervoud; dan meervoud.
Zowel Jan als zijn collega's hebben weinig zin om te werken.
Eén van de delen of beide delen staan in het meervoud; dan de persoonsvorm ook in
het meervoud.


Van wie of waarvan
1. Het boek waarvan ik me de titel niet meer herinner, blijkt al verkocht te zijn.
2. De clown van wie de rode neus steeds op de grond viel, treedt niet meer op in het
circus.
3. De clown waarvan de rode neus steeds op de grond viel, treedt niet meer op in het
circus.
4. De arme student voor wie de studiebeurs een uitkomst is, behaalde met succes
zijn propedeuse.
5. De arme student waarvoor de studiebeurs een uitkomst is, behaalde met succes
zijn propedeuse.
De ene neerlandicus keurt zin 1 t/m 5 goed; de andere alleen zin 1, 2 en 4.
 Volgens een oude regel mag je waarvan, waarvoor, waarop, waaraan,
waaronder, enz. niet gebruiken als deze verwijzen naar personen.
 Het wordt op prijs gesteld bij verwijzing naar personen van wie, voor wie, op
wie, aan wie en onder wie te gebruiken.
De meeste leken lezen erover heen, maar of neerlandici nu zo mild zijn over deze
fout? Hogeschooltaal rekent zin 3 en 5 dus fout.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
25 juni 2015
Aantal pagina's
33
Geschreven in
2014/2015
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$5.37
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 5 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 3 reviews worden weergegeven
7 jaar geleden

8 jaar geleden

9 jaar geleden

4.0

3 beoordelingen

5
2
4
0
3
0
2
1
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Nielsbuijs Avans Hogeschool
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
111
Lid sinds
11 jaar
Aantal volgers
62
Documenten
11
Laatst verkocht
2 jaar geleden

3.7

38 beoordelingen

5
17
4
8
3
4
2
2
1
7

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen