Aardrijkskunde Hoofdstuk 3 en 4 Arm en Rijk
Hoofdstuk 3: De olifant ontwaakt
3.1 Kennismaking met India en Groot-Brittannië De Geo bovenbouw havo (5e editie) Arm & Rijk, §3.1
Kennismaken met India en Groot Brittannië - YouTube
Kolonie Brits-Indië
Rond 1900 is Groot-Brittannië door de industrialisatie een machtig land en India een
exploitatiekolonie geworden. India levert grondstoffen zoals, katoen, jute, zijde en thee. Door de
handel worden er aan de kust van India veel zeehavens gegraven en binnen het land spoorwegen
aangelegd. Hierdoor kan het handel zich snel verplaatsen en gaat het op een goed tempo.
Brits-India wordt gebruikt als afzetgebied/exploitatiekolonie. Hier word bijvoorbeeld het in Engeland
geproduceerde textiel weer afgezet, gemaakt van indiaanse katoen. Dit dient als een leverancier van
goedkope grondstoffen en arbeidskrachten voor het moederland.
De Britten gebruiken Australië als vestigingskolonie. Dit betekent dat dat de Britten (bijvoorbeeld
gevangen) zich vestigden in Australië om zo hun cultuur in de koloniën te behouden.
Dekolonisatie
Na de Tweede Wereldoorlog werd India onafhankelijk, dekolonisatie. De koloniale banden hebben in
zowel India als in Groot-Brittannië op economisch en sociaal-cultureel vlak sporen nagelaten.
Veel Indiërs zijn na de onafhankelijkheid om economische redenen naar Groot-Brittannië
geëmigreerd. Mede hierdoor is er een multiculturele samenleving in Groot-Brittannië ontstaan.
Het Engels als tweede officiële taal is een erfenis van het koloniale verleden. Maar ook dagelijkse
routines als bijvoorbeeld thee drinken.
Uit de dekolonisatie ontstonden er 4 landen. India, Pakistan, Bangladesh, Sri-lanka.
Verstedelijking
Rond 1800 was Engeland een plattelandssamenleving. 200 jaar later veranderde dit. Ongeveer 90%
van de Engelse bevolking woont tegenwoordig in steden.
De snelle verstedelijking begon met de opkomst van de industrie. De industrialisatie begon in de
Engelse Midlands. Er werden fabrieken gebouwd wat uiteindelijk ook zorgde voor werk. Hierdoor
gingen arbeiders van het platteland naar de stad om te gaan werken.
In India is de verstedelijking veel later op gang gekomen. De verwachting is dat de urbanisatiegraad
in 2030 ongeveer 40% is. Wel zijn er 46 steden in India met meer dan 1 miljoen inwoners.
De Indiase steden hebben een tweedeling: - rijke mensen wonen in gated community’s en arme
mensen wonen in slums. Veel bewoners uit de zelfbouwwijken zijn vanuit het platteland naar de stad
gegaan in de hoop voor een betere baan.
, Van industrie naar diensten
Na de Tweede Wereldoorlog vond in Groot-Brittannië de-industrialisatie plaats. (dit is een periode
waarin de samenleving voor zijn/haar inkomen steeds vaker afhankelijk word van de industrie i.p.v.
de landbouw) De arbeiders waren te duur geworden en de concurrentie in lage loon landen was te
groot. Engeland veranderde naar een diensteneconomie.
Een van de ruimtelijke gevolgen van deze verandering was dat dienstverlenende bedrijven zich
vestigden in de steden, omdat ze zochten naar hoogopgeleid personeel. Veel hoofdkantoren van
multinationale ondernemingen (mno) of multinationals zijn gevestigd in de hoofdstad Londen. Hier
omheen vestigen zich veel bedrijven op het gebied van research, marketing en zakelijke en financiële
dienstverlening.
Ook in andere Europese gebieden, zoals het Ruhrgebied in Duitsland en in de V.S. vindt de-
industrialisatie plaats. Er is hoge werkloosheid en dalende inkomsten.
Toenemende ongelijkheid
Vele grote bedrijven willen alleen maar hoogopgeleide mensen aannemen, hierdoor word er in de
stad ook meer verdiend. Hierdoor wordt ook de regionale ongelijkheid binnen Groot-Brittannië
steeds groter. (Situatie dat er tussen regio’s grote sociaal economische ongelijkheid ontstaat.)
Ook binnen Londen staan de welvarende hoogopgeleiden tegenover de laagopgeleiden met dalende
inkomens. De huizenprijzen zijn zo hoog geworden dat het voor de normale Londenaar niet meer te
betalen is.
Deelvragen:
1. Hoe vulden Groot-Brittannië en India elkaar in de koloniale tijd aan?
De Britten gebruikten India als een exploitatie kolonie. India leverde grondstoffen aan de Britten,
zoals katoen, jute, zijde en thee. Ook werd Brits-Indië gebruikt als een afzetgebied.
2. Hoe beïnvloedt het koloniale verleden de ontwikkeling van India?
Veel Indiërs zijn na de onafhankelijkheid om economische redenen naar Groot-Brittannië
geëmigreerd. Mede hierdoor is er een multiculturele samenleving in Groot-Brittannië ontstaan.
Na de Tweede Wereldoorlog werd India onafhankelijk, dekolonisatie. De koloniale banden hebben
in zowel India als in Groot-Brittannië op economisch en sociaal-cultureel vlak sporen nagelaten.
Maar ook in India is het Engels het tweede officiële taal en een erfenis van het koloniale verleden.
Maar ook dagelijkse routines zoals thee drinken.
3. Waardoor nemen de sociale en economische verschillen in beide landen nog steeds toe?
Door de verstedelijking nemen nog steeds in beide landen de economische verschillen toe. De
grote bedrijven in de stad zoeken vooral naar hoogopgeleide mensen, hierdoor gaan veel mensen
van het platteland naar de stad om een goeie baan te krijgen. Maar vaak zijn de huizenprijzen voor
hun te duur. Als gevolg de regionale ongelijkheid.
Hoofdstuk 3: De olifant ontwaakt
3.1 Kennismaking met India en Groot-Brittannië De Geo bovenbouw havo (5e editie) Arm & Rijk, §3.1
Kennismaken met India en Groot Brittannië - YouTube
Kolonie Brits-Indië
Rond 1900 is Groot-Brittannië door de industrialisatie een machtig land en India een
exploitatiekolonie geworden. India levert grondstoffen zoals, katoen, jute, zijde en thee. Door de
handel worden er aan de kust van India veel zeehavens gegraven en binnen het land spoorwegen
aangelegd. Hierdoor kan het handel zich snel verplaatsen en gaat het op een goed tempo.
Brits-India wordt gebruikt als afzetgebied/exploitatiekolonie. Hier word bijvoorbeeld het in Engeland
geproduceerde textiel weer afgezet, gemaakt van indiaanse katoen. Dit dient als een leverancier van
goedkope grondstoffen en arbeidskrachten voor het moederland.
De Britten gebruiken Australië als vestigingskolonie. Dit betekent dat dat de Britten (bijvoorbeeld
gevangen) zich vestigden in Australië om zo hun cultuur in de koloniën te behouden.
Dekolonisatie
Na de Tweede Wereldoorlog werd India onafhankelijk, dekolonisatie. De koloniale banden hebben in
zowel India als in Groot-Brittannië op economisch en sociaal-cultureel vlak sporen nagelaten.
Veel Indiërs zijn na de onafhankelijkheid om economische redenen naar Groot-Brittannië
geëmigreerd. Mede hierdoor is er een multiculturele samenleving in Groot-Brittannië ontstaan.
Het Engels als tweede officiële taal is een erfenis van het koloniale verleden. Maar ook dagelijkse
routines als bijvoorbeeld thee drinken.
Uit de dekolonisatie ontstonden er 4 landen. India, Pakistan, Bangladesh, Sri-lanka.
Verstedelijking
Rond 1800 was Engeland een plattelandssamenleving. 200 jaar later veranderde dit. Ongeveer 90%
van de Engelse bevolking woont tegenwoordig in steden.
De snelle verstedelijking begon met de opkomst van de industrie. De industrialisatie begon in de
Engelse Midlands. Er werden fabrieken gebouwd wat uiteindelijk ook zorgde voor werk. Hierdoor
gingen arbeiders van het platteland naar de stad om te gaan werken.
In India is de verstedelijking veel later op gang gekomen. De verwachting is dat de urbanisatiegraad
in 2030 ongeveer 40% is. Wel zijn er 46 steden in India met meer dan 1 miljoen inwoners.
De Indiase steden hebben een tweedeling: - rijke mensen wonen in gated community’s en arme
mensen wonen in slums. Veel bewoners uit de zelfbouwwijken zijn vanuit het platteland naar de stad
gegaan in de hoop voor een betere baan.
, Van industrie naar diensten
Na de Tweede Wereldoorlog vond in Groot-Brittannië de-industrialisatie plaats. (dit is een periode
waarin de samenleving voor zijn/haar inkomen steeds vaker afhankelijk word van de industrie i.p.v.
de landbouw) De arbeiders waren te duur geworden en de concurrentie in lage loon landen was te
groot. Engeland veranderde naar een diensteneconomie.
Een van de ruimtelijke gevolgen van deze verandering was dat dienstverlenende bedrijven zich
vestigden in de steden, omdat ze zochten naar hoogopgeleid personeel. Veel hoofdkantoren van
multinationale ondernemingen (mno) of multinationals zijn gevestigd in de hoofdstad Londen. Hier
omheen vestigen zich veel bedrijven op het gebied van research, marketing en zakelijke en financiële
dienstverlening.
Ook in andere Europese gebieden, zoals het Ruhrgebied in Duitsland en in de V.S. vindt de-
industrialisatie plaats. Er is hoge werkloosheid en dalende inkomsten.
Toenemende ongelijkheid
Vele grote bedrijven willen alleen maar hoogopgeleide mensen aannemen, hierdoor word er in de
stad ook meer verdiend. Hierdoor wordt ook de regionale ongelijkheid binnen Groot-Brittannië
steeds groter. (Situatie dat er tussen regio’s grote sociaal economische ongelijkheid ontstaat.)
Ook binnen Londen staan de welvarende hoogopgeleiden tegenover de laagopgeleiden met dalende
inkomens. De huizenprijzen zijn zo hoog geworden dat het voor de normale Londenaar niet meer te
betalen is.
Deelvragen:
1. Hoe vulden Groot-Brittannië en India elkaar in de koloniale tijd aan?
De Britten gebruikten India als een exploitatie kolonie. India leverde grondstoffen aan de Britten,
zoals katoen, jute, zijde en thee. Ook werd Brits-Indië gebruikt als een afzetgebied.
2. Hoe beïnvloedt het koloniale verleden de ontwikkeling van India?
Veel Indiërs zijn na de onafhankelijkheid om economische redenen naar Groot-Brittannië
geëmigreerd. Mede hierdoor is er een multiculturele samenleving in Groot-Brittannië ontstaan.
Na de Tweede Wereldoorlog werd India onafhankelijk, dekolonisatie. De koloniale banden hebben
in zowel India als in Groot-Brittannië op economisch en sociaal-cultureel vlak sporen nagelaten.
Maar ook in India is het Engels het tweede officiële taal en een erfenis van het koloniale verleden.
Maar ook dagelijkse routines zoals thee drinken.
3. Waardoor nemen de sociale en economische verschillen in beide landen nog steeds toe?
Door de verstedelijking nemen nog steeds in beide landen de economische verschillen toe. De
grote bedrijven in de stad zoeken vooral naar hoogopgeleide mensen, hierdoor gaan veel mensen
van het platteland naar de stad om een goeie baan te krijgen. Maar vaak zijn de huizenprijzen voor
hun te duur. Als gevolg de regionale ongelijkheid.