Chapter 1: Structure and function of the muscualr, nervous,
and skeletal systems
Fysieke activiteit vind plaats door gecombineerde en gecoördineerde
inspanningen van de spieren, zenuwen en skeletsystemen. Het
zenuwstelsel is verantwoordelijk voor het in gang zetten en wijzigen
van de activatie van de spieren. De spieren maken beweging
mogelijk door opkomende krachten (aanspanning) en kunnen
hierdoor, rond de gewrichten, de botten laten draaien.
1.1 The muscular system
Spieren zorgen voor kracht wanneer ze geactiveerd zijn. Dit wordt
spiercontractie of spieractie genoemd. Er zijn drie typen spieren,
glad, hart en skelet. De skeletspieren zijn aan de botten gehecht en
maken het daardoor mogelijk om gewrichten te kunnen draaien.
Hierdoor kunnen we rennen, springen, tillen en dingen gooien. De
functie van elke spier is afhankelijk van zijn structuur.
1.1.1 Gross anatomy of skeletal muscle
Overzicht skeletspieren:
1
, Elke skeletspier is omringd door een laag bindweefsel dat
epimysium wordt genoemd. Een spier is verder verdeeld in bundels
van spiervezels. Een spiervezel bundel wordt fasciculus of fascicle
genoemd. Elke fasciculus wordt ook omringd door een laag
bindweefsel dat perimysium wordt genoemd. Tussen elke spiervezel
in zit ook een laag bindweefsel waardoor de aangrenzende vezels
van elkaar gescheiden zijn. Deze laag wordt endomysium genoemd.
Deze lagen bindweefsel helpen om de kracht door te geven aan de
pezen, die weer vast zitten aan de botten, die beweging mogelijk
maken. Hieronder een plaatje van de verschillende
bindweefsellagen en hun rol in een spier. Je moet het plaatje van
links naar rechts bekijken, van spiervezel tot pees.
2