Migration and multicultural society
Bonjour, S. A., & Scholten, P. (2014). The Netherlands. In A. Triandafyllidou, & R. Gropas (editors),
European immigration: a sourcebook. - 2nd edition (pp. 262-271). (Research in migration and ethnic
relations series). Farnham: Ashgate. https://www.uva.nl/profiel/b/o/s.a.bonjour/s.a.bonjour.html
Participatie in samenleving: - De arbeidsparticipatie van Marokkanen en Turken (circa 50 procent in
2012) is bijzonder laag in vergelijking met de autochtone bevolking (circa 70 procent). Een van de
verklaringen voor de zwakke situatie van migranten op de Nederlandse arbeidsmarkt is hun
betrokkenheid bij flexibele werkrelaties, aangezien ze vaak met tijdelijke contracten werken. -
Inkomen en welvaart: migranten aanzienelijk lager. - Niet westerse migranten onderwijsachterstand.
- The Antilleans and Surinamese are strongly oriented towards Dutch society, they identify
themselves with the Netherlands and often speak Dutch at home as wel - More than two-thirds of
Moroccans and Turks identify primarily with their own (ethnic) community, and especially Turks have
low rates of Dutch language proficiency. Most nonwestern migrants also show very little interest in
Dutch politics, though an exception has to be made for higheducation refugee groups like Iranians. -
In terms of delinquency, the percentage of individuals that has ever been suspect of police
investigation is three to four times higher for specific migrants when compared to natives. This
applies to Antilleans (5.9 per cent), Moroccans (5.2 per cent), and Somalis (4.6 per cent) in particular
(compared to about one per cent for the native population).
Crul, M., & Schneider, J. (2010). Comparative integration context theory: participation and belonging
in new diverse European cities. Ethnic and racial studies, 33, 1249-1268.
Comperative integration context theorie: deze stelt dus dat de participatie en het erbij horen van de
tweede generatie in Europese steden sterk afhangt van de intergratiecontext. Verschillen in
integratiecontexten omvatten institutionele arrangementen in onderwijs, arbeidsmarkt, huisvesting,
religie en wetgeving. Segmented assimilation theory: Er is meer dan één manier om in de
Amerikaanse samenleving te assimileren. New assimilation theory: de dominante stroom blijft de
‘straight-line assimilation’. Wellicht niet altijd in de tweede generatie, maar zeker in de derde.
reception context (ontvangst verschillende immigranten) societal context (gehalte van racisme)
local context (economie). Gesegmenteerde assimilatie theorie: deze stelt dat er meer dan een
manier is om te assimileren in de Amerikaanse maatschappij
Kağıtçıbaşı, (1996). Family and Human Development across Cultures: A View from the Other Side.
Lawrence Erlbaum Associates, Inc., Publishers. (pp. 72-85). Available on Blackboard.
Interdependence model - Agrarische cultuur -> hebben elkaar nodig om te overleven - Extended +
nuclear family - Patriarchic -> zonen zijn handiger - Hoge vruchtbaarheid, laag SES Independence
model - Westerse individualistische wereld (industrial) - Nuclear family - Lage vruchtbaarheid
Super, C. M. & Harkness, S. (1986). The developmental niche: A conceptualization at the interface of
child and culture. International Journal of Behavioral Development, 9, 545-569
De ontwikkelingsniche heeft 3 componenten die samenwerken in een groter systeem: - Fysieke en
sociale settings waarin het kind leeft - Gewoonten op het gebied van kinderverzorging en opvoeding
van kinderen - De psychologie van de verzorgers. Samenvatting: Developmental niche -> child +
culture (interactief) -> psychologie + antropologie.
Culture & identity
Henrich, J., Heine, S. J., & Norenzayan, A. (2010). The weirdest people in the world? Behavioral and
Brain Sciences, 33, 61-83. Only selected pages. See Reading guide week 2. (11 pp.).
WEIRD: Western, Educated, Industrialized, Rich, Democratic landen WEIRD-samenlevingen zijn de
minst representatieve landen die men kan vinden om te generaliseren over mensen. 96% van het
onderzoek komt van landen met maar 12% van de wereldpopulatie. meeste onderzoekers zijn
WEIRD.
, Velez-Agosto, N. M., Soto-Crespo, J. G., Vizcarrondo-Oppenheimer, M., Vega-Molina, S., & Coll, C. G.
(2017). Bronfenbrenner's bioecological theory revision: Moving culture from the macro into the
micro. Perspectives on Psychological Science, 12, 900– 910.
https://doi.org/10.1177/1745691617704397
Culture as ever changing system consisting of practices of social communities and the interpretation
of these practices through language - Culture as inherently part of all settings. Vygotsky’s
sociocultural theory De socioculturele theorie is gebaseerd op hoe cultuur de menselijke ervaring
bemiddelt en menselijke activiteit transformeert. Een van de fundamentele uitgangspunten is dat het
externe gebruik van cultureel gedefinieerde hulpmiddelen en tekens later wordt geïnternaliseerd in
hogere psychologische functies. Vanuit dit raamwerk is cultuur geen aparte entiteit die opereert
vanuit een hoger extern macrosysteem, maar cultuur is het systeem waarin elke menselijke
dagelijkse activiteit wordt gerealiseerd en uiteindelijk geïnternaliseerd. Thomas Weisner’ ecocultural
theory (Routines) De culturele gemeenschap biedt kinderen ontwikkelingspaden aan binnen een
ecoculturele context. Ontwikkelingspaden worden geïnternaliseerd (bedroutines, huiswerk,
eetschema). verwijzen naar verschillende soorten activiteiten, georganiseerd door familie en lokale
gemeenschappen, waarin het kind kan of zal deelnemen tijdens de ontwikkeling. Barbara Rogoff’
transformation of participation perspective Plaatst cultuur binnen gemeenschapsroutines die
richtlijnen bieden ‘van betrokkenheid bij culturele participatie om op voort te bouwen bij dagelijkse
activiteiten’. Leerprocessen zijn gerelateerd aan culturele praktijken die het soort betrokkenheid
dicteren dat het kind aan de gemeenschap zal deelnemen. Kinderen worden door verzorgers
toegewezen aan specifieke instellingen deze verschillen van cultuur. Benadrukt participatie van
kinderen.
Verkuyten, M. (2006). Multicultural recognition and ethnic minority rights: A social identity
perspective, European Review of Social Psychology, 17:1, 148-184, doi: 10.1080/10463280600937418
Verkuyten (social identity perspective) - Social identity theory: group-based understanding of
emotions and actions - focus on distinction of other ‘groups’; desire to preserve separateness - based
on ‘own definitions’ and ‘self-attribution’ - Important aspects to consider - Statuspositie -
Waargenomen aard van de groep - Opvattingen over het sociale systeem – Groepsidentificatie
Youth services and care
Fassaert, T., Hesselink, A. E., & Verhoeff. A. P. (2009). Acculturation and use of health care services by
Turkish and Moroccan migrants: a cross-sectional population-based study. BMC Public Health, 3, 332.
doi: 10.1186/1471-2458-9-332
Het acculturatieproces heeft 4 uitkomsten: - Assimilatie: oude cultuur is losgelaten en volledige
participatie in nieuwe cultuur - Separatie/traditionalisme: oude cultuur blijft bewaard en participatie
in nieuwe cultuur is laag - Marginalisatie: beide culturen worden losgelaten - Integratie: oude cultuur
blijft behouden en participatie in nieuwe cultuur is hoog Turken en Marokkanen laten zien dat meer
aanpassing en minder separatie leiden tot meer gebruik van geestelijke gezondheidszorg Resultaten -
Meer participatie of aanpassing (door integratie of assimilatie) leidt tot meer gebruik van geestelijke
gezondheidszorg - Acculturatie was nauwelijks geassocieerd met het gebruik van huisartsenzorg - Het
gebruik van geestelijke gezondheidszorg was hoger onder Turken in vergelijking met Marokkanen -
De associatie varieerde van het type zorg, etnische achtergrond en geslacht - Taalvaardigheid speelt
ook een belangrijke rol Turken: meer communicatie in het Nederlands, Marokkanen minder. Dit kan
komen door de methodologie van het onderzoek, dat ze minder sociale steun hebben, of dat
Marokkanen beter bekend zijn met de Nederlandse samenleving waarin je eerst naar de huisarts
gaat - Taalondersteuning in klinische praktijken is en blijft een kwestie - De Nederlandse taal leren is
niet altijd uitvoerbaar voor eerste generatie migranten, bijvoorbeeld door het onvermogen te
kunnen lezen - Een goed alternatief is om meer inspanning te leveren aan assistentie in hun eigen
taal - Belangrijk om naar te kijken is de rol van taal, dus communicatie en sociale interacties
Bonjour, S. A., & Scholten, P. (2014). The Netherlands. In A. Triandafyllidou, & R. Gropas (editors),
European immigration: a sourcebook. - 2nd edition (pp. 262-271). (Research in migration and ethnic
relations series). Farnham: Ashgate. https://www.uva.nl/profiel/b/o/s.a.bonjour/s.a.bonjour.html
Participatie in samenleving: - De arbeidsparticipatie van Marokkanen en Turken (circa 50 procent in
2012) is bijzonder laag in vergelijking met de autochtone bevolking (circa 70 procent). Een van de
verklaringen voor de zwakke situatie van migranten op de Nederlandse arbeidsmarkt is hun
betrokkenheid bij flexibele werkrelaties, aangezien ze vaak met tijdelijke contracten werken. -
Inkomen en welvaart: migranten aanzienelijk lager. - Niet westerse migranten onderwijsachterstand.
- The Antilleans and Surinamese are strongly oriented towards Dutch society, they identify
themselves with the Netherlands and often speak Dutch at home as wel - More than two-thirds of
Moroccans and Turks identify primarily with their own (ethnic) community, and especially Turks have
low rates of Dutch language proficiency. Most nonwestern migrants also show very little interest in
Dutch politics, though an exception has to be made for higheducation refugee groups like Iranians. -
In terms of delinquency, the percentage of individuals that has ever been suspect of police
investigation is three to four times higher for specific migrants when compared to natives. This
applies to Antilleans (5.9 per cent), Moroccans (5.2 per cent), and Somalis (4.6 per cent) in particular
(compared to about one per cent for the native population).
Crul, M., & Schneider, J. (2010). Comparative integration context theory: participation and belonging
in new diverse European cities. Ethnic and racial studies, 33, 1249-1268.
Comperative integration context theorie: deze stelt dus dat de participatie en het erbij horen van de
tweede generatie in Europese steden sterk afhangt van de intergratiecontext. Verschillen in
integratiecontexten omvatten institutionele arrangementen in onderwijs, arbeidsmarkt, huisvesting,
religie en wetgeving. Segmented assimilation theory: Er is meer dan één manier om in de
Amerikaanse samenleving te assimileren. New assimilation theory: de dominante stroom blijft de
‘straight-line assimilation’. Wellicht niet altijd in de tweede generatie, maar zeker in de derde.
reception context (ontvangst verschillende immigranten) societal context (gehalte van racisme)
local context (economie). Gesegmenteerde assimilatie theorie: deze stelt dat er meer dan een
manier is om te assimileren in de Amerikaanse maatschappij
Kağıtçıbaşı, (1996). Family and Human Development across Cultures: A View from the Other Side.
Lawrence Erlbaum Associates, Inc., Publishers. (pp. 72-85). Available on Blackboard.
Interdependence model - Agrarische cultuur -> hebben elkaar nodig om te overleven - Extended +
nuclear family - Patriarchic -> zonen zijn handiger - Hoge vruchtbaarheid, laag SES Independence
model - Westerse individualistische wereld (industrial) - Nuclear family - Lage vruchtbaarheid
Super, C. M. & Harkness, S. (1986). The developmental niche: A conceptualization at the interface of
child and culture. International Journal of Behavioral Development, 9, 545-569
De ontwikkelingsniche heeft 3 componenten die samenwerken in een groter systeem: - Fysieke en
sociale settings waarin het kind leeft - Gewoonten op het gebied van kinderverzorging en opvoeding
van kinderen - De psychologie van de verzorgers. Samenvatting: Developmental niche -> child +
culture (interactief) -> psychologie + antropologie.
Culture & identity
Henrich, J., Heine, S. J., & Norenzayan, A. (2010). The weirdest people in the world? Behavioral and
Brain Sciences, 33, 61-83. Only selected pages. See Reading guide week 2. (11 pp.).
WEIRD: Western, Educated, Industrialized, Rich, Democratic landen WEIRD-samenlevingen zijn de
minst representatieve landen die men kan vinden om te generaliseren over mensen. 96% van het
onderzoek komt van landen met maar 12% van de wereldpopulatie. meeste onderzoekers zijn
WEIRD.
, Velez-Agosto, N. M., Soto-Crespo, J. G., Vizcarrondo-Oppenheimer, M., Vega-Molina, S., & Coll, C. G.
(2017). Bronfenbrenner's bioecological theory revision: Moving culture from the macro into the
micro. Perspectives on Psychological Science, 12, 900– 910.
https://doi.org/10.1177/1745691617704397
Culture as ever changing system consisting of practices of social communities and the interpretation
of these practices through language - Culture as inherently part of all settings. Vygotsky’s
sociocultural theory De socioculturele theorie is gebaseerd op hoe cultuur de menselijke ervaring
bemiddelt en menselijke activiteit transformeert. Een van de fundamentele uitgangspunten is dat het
externe gebruik van cultureel gedefinieerde hulpmiddelen en tekens later wordt geïnternaliseerd in
hogere psychologische functies. Vanuit dit raamwerk is cultuur geen aparte entiteit die opereert
vanuit een hoger extern macrosysteem, maar cultuur is het systeem waarin elke menselijke
dagelijkse activiteit wordt gerealiseerd en uiteindelijk geïnternaliseerd. Thomas Weisner’ ecocultural
theory (Routines) De culturele gemeenschap biedt kinderen ontwikkelingspaden aan binnen een
ecoculturele context. Ontwikkelingspaden worden geïnternaliseerd (bedroutines, huiswerk,
eetschema). verwijzen naar verschillende soorten activiteiten, georganiseerd door familie en lokale
gemeenschappen, waarin het kind kan of zal deelnemen tijdens de ontwikkeling. Barbara Rogoff’
transformation of participation perspective Plaatst cultuur binnen gemeenschapsroutines die
richtlijnen bieden ‘van betrokkenheid bij culturele participatie om op voort te bouwen bij dagelijkse
activiteiten’. Leerprocessen zijn gerelateerd aan culturele praktijken die het soort betrokkenheid
dicteren dat het kind aan de gemeenschap zal deelnemen. Kinderen worden door verzorgers
toegewezen aan specifieke instellingen deze verschillen van cultuur. Benadrukt participatie van
kinderen.
Verkuyten, M. (2006). Multicultural recognition and ethnic minority rights: A social identity
perspective, European Review of Social Psychology, 17:1, 148-184, doi: 10.1080/10463280600937418
Verkuyten (social identity perspective) - Social identity theory: group-based understanding of
emotions and actions - focus on distinction of other ‘groups’; desire to preserve separateness - based
on ‘own definitions’ and ‘self-attribution’ - Important aspects to consider - Statuspositie -
Waargenomen aard van de groep - Opvattingen over het sociale systeem – Groepsidentificatie
Youth services and care
Fassaert, T., Hesselink, A. E., & Verhoeff. A. P. (2009). Acculturation and use of health care services by
Turkish and Moroccan migrants: a cross-sectional population-based study. BMC Public Health, 3, 332.
doi: 10.1186/1471-2458-9-332
Het acculturatieproces heeft 4 uitkomsten: - Assimilatie: oude cultuur is losgelaten en volledige
participatie in nieuwe cultuur - Separatie/traditionalisme: oude cultuur blijft bewaard en participatie
in nieuwe cultuur is laag - Marginalisatie: beide culturen worden losgelaten - Integratie: oude cultuur
blijft behouden en participatie in nieuwe cultuur is hoog Turken en Marokkanen laten zien dat meer
aanpassing en minder separatie leiden tot meer gebruik van geestelijke gezondheidszorg Resultaten -
Meer participatie of aanpassing (door integratie of assimilatie) leidt tot meer gebruik van geestelijke
gezondheidszorg - Acculturatie was nauwelijks geassocieerd met het gebruik van huisartsenzorg - Het
gebruik van geestelijke gezondheidszorg was hoger onder Turken in vergelijking met Marokkanen -
De associatie varieerde van het type zorg, etnische achtergrond en geslacht - Taalvaardigheid speelt
ook een belangrijke rol Turken: meer communicatie in het Nederlands, Marokkanen minder. Dit kan
komen door de methodologie van het onderzoek, dat ze minder sociale steun hebben, of dat
Marokkanen beter bekend zijn met de Nederlandse samenleving waarin je eerst naar de huisarts
gaat - Taalondersteuning in klinische praktijken is en blijft een kwestie - De Nederlandse taal leren is
niet altijd uitvoerbaar voor eerste generatie migranten, bijvoorbeeld door het onvermogen te
kunnen lezen - Een goed alternatief is om meer inspanning te leveren aan assistentie in hun eigen
taal - Belangrijk om naar te kijken is de rol van taal, dus communicatie en sociale interacties