De spleetlamp basis.
- Een biomicroscoop
- De verlichting kun je als smalle bundel projecteren
o vandaar de term spleetlamp
- Onderdelen
o Verlichting
Boven of onder
Meer of minder
Bundel smaller of breder
o Vergroting
o Oculair
o Joystick
besturing
o Applanator
Kun je de oogdruk meten
- Instellen oculairen
o Instellen oculair op eigen ogen
o Draai oculairen naar maximaal “+”
o Stel de afstand van de spleetlamp zo in dat het beeld zo scherp mogelijk is.
o Schijn op en kijk naar de neusbrug van de patiënt om het beeld per oog scherp te
stellen.
o Draai langzaam naar de min kant tot het beeld scherp is. (instellen kan zowel met als
zonder je eigen correctie)
o Om de PD (pupil distantie) goed in te stellen kijk met je dominante oog door het
bijbehorende oculair en draai je het andere oculair bij net zolang tot het beeld van
het andere oog er ook bij komt
- Patiënt instellen
o Laat je patiënt plaatsnemen met de kin op de steun, voorhoofd tegen de band
o Stel de hoogte van de kinsteun zo in, dat de inkeping op de steun gelijk staan met de
ogen van de patiënt
o Laat je patiënt de ogen nog even sluiten zodat je rustig kunt instellen zonder de
patiënt onnodig te belasten
o Stel scherp op wat je wilt zien door de afstand van de spleetlamp tot je patiënt te
veranderen.
- Het onderzoek (volgorde per persoon anders)
o Van groot naar klein
o Van buiten naar binnen
o Groot beginnen
Groot gezichtsveld bekijk je met een een kleine vergroting
o Diffuus oog en adnexa bekijken
Zacht verspreid licht
o Kijk naar de huis (kleur, structuur), ooglidranden en wimpers.
o Oogleden
Laat je patiënt de ogen openen en kijk dan naar de conjunctiva, cornea en je
kunt de ogen laten draaien om alle kanten goed te kunnen zien
Trek ook het bovenooglid even omhoog en laat de patiënt naar beneden
kijken.
Trek het onderooglid even omlaag en laat de patiënt omhoog kijken.
o Kijk ook naar de iris
, Structuur, kleur, vergelijk OD met OS.
Kijk naar de pupil; is de pupil mooi rond.
o Optische coupe (optic section)
Zo smal mogelijke bundel zonder diffuus filter weg.
o Vergroting op 16x
o Ongeveer op 45 graden en begin temporaal.
o Met de joystick bewegen richting nasaal.
o Doorsnede cornea
In detail vergroting 16x. En spelen met de vergroting bij afwijkingen.
o Kijk in het licht directe belichting
o Naast het licht indirecte belichting.
o Zeggen wat je doet! Goede volgorde hanteren.
o Benoem de drie lagen van de cornea
Epitheel, stroma, endotheel
- Notatie
o Altijd noteren!!! Niet genoteerd = niet gedaan. Ook bij geen bijzonderheden.
o Noteer waar je naar gekeken hebt en dat je een onderzoek hebt gedaan.
o Afwijkends? Beschrijf je observatie, stel geen diagnose.
Spleetlamponderzoek uitgebreid
- Je onderzoekt bij iedereen patiënt het volgende:
o Macroscopisch Hoofstand, gelaat, oogstand en pupilreflex
o Microscopisch Oogleden, conjunctiva, cornea , VOK, iris, lens en glasvocht
- Werk systematisch
o Met vaste volgorde
o Van buiten naar binnen
o Wat verwacht je te zien bij deze patiënt
o Je kan/wil/hoeft niet altijd alles bekijken.
- Macroscopisch onderzoek
o Observeer hoe iemand binnenkomt doelbewust, twijfelend, zoekend
o Hoofdstand recht, gekanteld of gedraaid
o Knipperbeweging normale knipperslag, heel weinig of extreem veel of knijpend.
o Stand van de oogleden/ogen.
- Microscopisch
o Bekijken structuren
Oogleden en huid rond de ogen, conjunctiva (bulbair en palpebraal), cornea,
kamerhoek, voorste oogkamer, iris, pupil, lens.
o Microscopische vergroting
Overzicht kleine vergroting 6-10 x
Details grote vergroting 25, 40 x
Speel met belichting en vergroting om je voorwerp van onderzoek zo goed
mogelijk in beeld te brengen