Hoofdstuk 2
omgaan met risico’s
Risico is afhankelijk van effect en kans.
Risico = kans x effect.
Effect:
arbeidsomstandigheden; effect word gedefinieerd als de gezondheidsschade
die optreedt. Er wordt onderscheid gemaakt naar de ernst van het effect:
irriterend, dodelijk, reversibiliteit, korte termijn (verbranding) en lange termijn
effecten (kanker).
Effect op milieu; graadmeter is het afnemen van een bepaald soort.
Indicatorsoorten: relatief gevoelige organismen die een ecosysteem
vertegenwoordigen. Als de stof negatieve effecten heeft op de indicatorsoort dan
wordt aangenomen dat dit ook geld voor het ecosysteem.
Kans:
- Kans op blootstelling; kans dat iemand met een schadelijke stof in aanraking
komt.
- Kans op effect; kans dat (negatief) effect daadwerkelijk optreed na blootstelling
hieraan.
Bij zeer schadelijke stoffen wordt de nadruk gelegd op minimalisering van ‘kans
op blootstelling’.
Bij minder schadelijke stoffen wordt de nadruk gelegd op beperking van ‘kans op
effect’.
Relatie tussen effect en kans:
Elke stof waarmee men werkt kan schadelijk zijn, als de dosis maar hoog genoeg
is. Het effect dat kan optreden wordt ingeschat aan de hand van ‘dosis-
effectrelaties’ en ‘dosis-responsrelaties’.
Dosis-effectrelaties geeft weer in welke mate de schade toeneemt bij een grotere
dosis.
Dosis-responsrelaties geeft weer hoeveel individuen van de onderzochte groep
gevoelig zijn voor het effect.
LD-50 waarde (median Lethal Dose for 50% of subjects): is de hoeveelheid van
een stof die bij 50% van een populatie tot de dood leidt. LD-50 waarde wordt
gebruikt om stoffen in te delen in giftigheidsklassen.