Projectgroep 4
Communicatie 1E
Hogeschool Leiden
,Inhoudsopgave
Maatschappelijk issue 2
Stakeholder lijst 4
Krachtenveldanalyse 7
Bronnenlijst 11
1
, Maatschappelijk issue
Iedereen heeft recht op privacy, dit betekent dat je een plek hebt waar je alleen
kan zijn en waar je je veilig voelt. Je kunt dingen doen zonder dat de buitenwereld
daar vanaf weet. Ook op internet heb je recht op privacy, dat betekent
bijvoorbeeld:
- Dat niemand jou zomaar mag bespioneren.
- Dat je zelf mag bepalen welke informatie je online deelt.
- Dat niemand ongevraagd jouw Whatsapp-berichten mag lezen.
- Dat niemand ongevraagd jouw foto op een website of op sociale media
mag plaatsen.
- Dat je zelf mag bepalen wie welke informatie over jou krijgt (Steeman,
2019).
Om jezelf te ontwikkelen heb je privacy nodig, je moet je veilig voelen, dat gaat
moeilijk als iedereen met alles mee kan kijken en dingen over je weet die je liever
privé wil houden (Steeman, 2020).
Internetbedrijven bezitten gegevens van een groot deel van de wereldbevolking.
Vooral gratis platforms zoals Google en Facebook zijn gevaarlijk. Deze bedrijven
registreren niet alleen onze gegevens, maar zijn al snel in staat om een compleet
profiel van een gebruiker op te bouwen (Janssen, 2017). Dit komt doordat
websites steeds machtiger worden door alle informatie waarover ze beschikken
van hun gebruikers. Het is voor organisaties waardevol om persoonlijke gegevens
door te verkopen aan adverteerders (Posthuma, 2017).
Elke organisatie biedt een bepaald product of dienst aan. Klanten betalen
hiervoor en krijgen het product. Als gebruiker van een internetbedrijf als
Facebook betaal je geen abonnementskosten. Dit betekent dat jij niet de klant
bent. Adverteerders betalen wel geld aan Facebook om producten te promoten.
Dit betekent dat de adverteerder de klanten zijn. De gebruikers van het platform
zijn dus het product. De activiteit van de gebruiker wordt verkocht aan
adverteerders. Oftewel, als je niet betaalt voor het product, dan ben jij het product
(Rhodes, 2020). Adverteerder kunnen nu gericht reclame maken voor de lezer.
Door het verzamelen van persoonsgegevens door bedrijven kan de privacy
geschonden worden. Veel burgers klikken cookiemeldingen weg zonder ze te
lezen. Ze zijn zich er niet van bewust dat ze allerlei gegevens ter beschikking
stellen aan een bedrijf. Als iets eenmaal op het internet zwerft, is het moeilijk te
achterhalen waar de gegevens blijven. Gegevens kunnen ook worden
doorverkocht aan andere organisaties (Steeman, 2020).
De Nederlandse burger vindt dat de overheid verantwoordelijk is voor hun online
privacy. Tegelijkertijd weten we maar weinig over hoe de overheid ons beschermd
(Hartholt, 2015). Andere partijen die invloed hebben op online privacy zijn Google
2
, en Facebook. Zij willen persoonsgegevens bemachtigen zodat ze persoonlijke
reclames kunnen maken. Het belang van de burger is dat de online privacy van
hen gewaarborgd blijft. Dit is de taak van de overheid. Het belang van Google en
Facebook is dat zij geld kunnen verdienen door middel van persoonsgegevens.
De organisatie Autoriteit Persoonsgegevens beschermd de persoonsgegevens
van burgers.
Het ethisch dilemma voor Autoriteit Persoonsgegevens is: hoeveel persoonlijke
gegevens mogen commerciële bedrijven van burgers hebben? En hoe wordt de
privacy van de burgers gewaarborgd nu organisaties zoveel data verzamelen?
(Vries, 2020) Deze vraagstukken hebben met online privacy te maken.
3