Correlationeel 1
SPSS
Het programma SPSS heeft data file (onbewerkte data) en output file (resultaten en
visualisaties), die allebei telkens apart moeten worden opgeslagen.
Twee schermen in de default setting:
● Variable view: Informatie over variabelen invoeren, bekijken en opslaan.
○ Variable view geeft gedetailleerde informatie over de betekenis van
variabelen en de waarden die bij deze variabelen horen
● Data view: Verschillende waardes voor elke variabele invoeren, bekijken en opslaan.
○ Data view geeft gedetailleerde informatie over scores van respondenten.
Om fouten te voorkomen en tijd te besparen met
data invoeren wordt coderen aangeraden.
= Het proces van waardes/getallen aan
labels toekennen.
● Om te weten welke code je invult, maak je
gebruik van het codeboek.
● Coderen doe je vooral bij categorische
variabelen zoals nominaal en ordinaal.
Gedownloade bestanden openen:
WP0613 → Local Disk → Users → (naam) →
(Downloads/Desktop)
Grafiek: Graphs > Chart Builder
● Een cirkeldiagram en een staafdiagram gebruik je vooral bij variabelen op nominaal
of ordinaal niveau.
○ Er zijn dan niet te veel groepen, maar wel groepen die voldoende hoge
frequenties hebben. (dus geen interval en ratio gebruiken)
Frequentietabel: Analyze > Descriptive Statistics > Frequencies
● Deze gebruik je vooral om categorische variabelen (nominaal/ordinaal) overzichtelijk
weer te geven. Vooral als je specifieke aantallen wilt.
In SPSS zijn er verschillende manieren om beschrijvende statistieken te berekenen:
1. Via het menu Descriptive Statistics
● 'Analyze' > 'Descriptive Statistics' >'Descriptives'
2. Via het menu Frequencies
● Als je de mediaan of de modus van een variabele wilt genereren moet je
extra opties geven bij het opstellen van een frequentietabel
● 'Analyze' > 'Descriptive Statistics' > 'Frequencies' > 'Statistics' > onder kopje
'Central Tendency'
Berekeningen met variabelen kunnen gedaan worden via: Transform > Compute variable
● Via ‘Function group’ kan je waardes aanpassen.
○ Zo behoort ‘Mean’ bij ‘Statistical’ en ‘Abs’ (absolute waarde) bij ‘Arithmetic’
Correlatie bepalen tussen variabelen: Analyze > Correlate > Bivariate