De aarde bestaat uit: de korst, de mantel en de kern.
Platentektoniek: het bewegen van de aardkorstplaten.
Leerdoel 1: Ik kan benoemen wat de oorzaken en gevolgen zijn van natuurrampen.
Oorzaken:
De aardkorst verschuift
Aardbevingen
Vulkanen
Tsunami’s
Gevolgen:
Weinig geld
Fout geld (alle zo goedkoop mogelijk gebouwd)
Modderstromen
Lavastromen
2. Ik kan de risico’s van natuurrampen voor bewoners in verschillende gebieden opnoemen.
Colombia Weinig geld
Modderstromen
Italië Fout geld
Lavastromen
Filipijnen Vulkaanuitbarstingen
Turkije Aardbevingen
India (Kathmandu) Aardbevingen
Argentinië Aardbevingen
Ijsland Aardbevingen
3. Ik kan het verband opnoemen tussenplatentektoniek en vulkanisme, aardbevingen en tsunami’s
Aardbevingen De gebieden waar platen aan elkaar grenzen en
waar platen ten opzichte van elkaar bewegen
Gevolgen voor de bewoners:
Schaal van richter: schaal 1 tot schaal 12
Aardbeving is per schaal x 10 sterker.
Veel gebouwen storten in elkaar.
Mensen liggen onder het puin.
Gasleidingen en elektriciteitskabels gaan stuk
Er ontstaan hierdoor soms branden.