Hoofdlijnen Nederlands Recht
Hoofdstuk 10. Bestuursrecht en bestuursprocesrecht
10.1 Relatie overheid-burger
Horizontale verhoudingen: rechtshandelingen tussen particulieren
Verticale verhoudingen: rechtshandelingen tussen burgers en overheidsorganen (bestuursrecht)
10.2 Overheidshandelingen
Verschillende overheidshandelingen (zie figuur 10.1):
- Feitelijke handelingen: handelingen zonder beoogd rechtsgevolg
- Rechtshandelingen: rechtsfeit met beoogd rechtsgevolg
1. Privaatrechtelijke rechtshandeling: overheid is onderworpen aan privaatrecht
2. Publiekrechtelijke rechtshandeling: bestuursorgaan verricht publieke taak
besluit. Publiekrechtelijke rechtshandelingen kunnen eenzijdig en meerzijdig zijn.
Eenzijdig: wil van bestuursorgaan is voldoende voor totstandbrenging van
rechtsgevolg (besluiten van algemene strekking en beschikkingen). Meerzijdig:
twee bestuursorganen zijn nodig voor rechtsgevolg.
10.3 Besluit
Een besluit moet aan de volgende voorwaarden voldoen:
- Schriftelijke beslissing
- Door bestuursorgaan
- Betreft een publiekrechtelijke rechtshandeling
Een besluit is tot iemand of iets gericht en kent daarom belanghebbenden (natuurlijke personen en
rechtspersonen en bestuursorganen).
10.4 Beschikking
Een beschikking is:
- Een besluit van bestuursorgaan
- Op grond van publiekrechtelijk voorschrift
- Gericht op één of meer personen.(i.t.t. een besluit van algemene strekking)
- Gericht op rechtsgevolg
Soorten beschikkingen (zie figuur 10.2):
1. Constitutieve beschikking: rechtscheppend
Declaratoire beschikking: rechtvasstellend
2. Begunstigende beschikking: voordeling
Belastende beschikking: nadelig
3. Vrije beschikkingen: discretionair/beleidsvrijheid
Gebonden beschikkingen: geen beoordelingsvrijdheid
10.5 Beleidsregels
Hoofdstuk 10. Bestuursrecht en bestuursprocesrecht
10.1 Relatie overheid-burger
Horizontale verhoudingen: rechtshandelingen tussen particulieren
Verticale verhoudingen: rechtshandelingen tussen burgers en overheidsorganen (bestuursrecht)
10.2 Overheidshandelingen
Verschillende overheidshandelingen (zie figuur 10.1):
- Feitelijke handelingen: handelingen zonder beoogd rechtsgevolg
- Rechtshandelingen: rechtsfeit met beoogd rechtsgevolg
1. Privaatrechtelijke rechtshandeling: overheid is onderworpen aan privaatrecht
2. Publiekrechtelijke rechtshandeling: bestuursorgaan verricht publieke taak
besluit. Publiekrechtelijke rechtshandelingen kunnen eenzijdig en meerzijdig zijn.
Eenzijdig: wil van bestuursorgaan is voldoende voor totstandbrenging van
rechtsgevolg (besluiten van algemene strekking en beschikkingen). Meerzijdig:
twee bestuursorganen zijn nodig voor rechtsgevolg.
10.3 Besluit
Een besluit moet aan de volgende voorwaarden voldoen:
- Schriftelijke beslissing
- Door bestuursorgaan
- Betreft een publiekrechtelijke rechtshandeling
Een besluit is tot iemand of iets gericht en kent daarom belanghebbenden (natuurlijke personen en
rechtspersonen en bestuursorganen).
10.4 Beschikking
Een beschikking is:
- Een besluit van bestuursorgaan
- Op grond van publiekrechtelijk voorschrift
- Gericht op één of meer personen.(i.t.t. een besluit van algemene strekking)
- Gericht op rechtsgevolg
Soorten beschikkingen (zie figuur 10.2):
1. Constitutieve beschikking: rechtscheppend
Declaratoire beschikking: rechtvasstellend
2. Begunstigende beschikking: voordeling
Belastende beschikking: nadelig
3. Vrije beschikkingen: discretionair/beleidsvrijheid
Gebonden beschikkingen: geen beoordelingsvrijdheid
10.5 Beleidsregels