Arbeidsrecht
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
,Hoofdstuk 1:
recht is niet rechtvaardig, dit heeft te maken met de machtspositie
functies van recht:
❏ normatieve functie = recht geeft normen om te leven
❏ geschiloplossing = recht is de basis om een probleem op te lossen
❏ additionele functie = aanvullende functie van het recht
❏ instrumentele functie = de overheid gebruikt recht om burgers te sturen
beroepsbevolking:
1. private sector (deel van de onzelfstandige beroepsbevolking dat in de
marktsector werkzaam is)
2. publieke sector (deel van de onzelfstandige beroepsbevolking dat bij de
overheid werkzaam is)
3. semipublieke sector ( deel van de beroepsbevolking dat verbonden is aan
organisaties en instellingen die financieel van de overheid afhankelijk zijn)
het nederlandse recht is onderverdeeld in publiek en privaat recht:
publiekrecht = geeft regels ten aanzien van de verhouding tussen burgers en
overheid, en de overheidsinstanties onderling
★ staatsrecht
★ bestuursrecht
★ strafrecht
★ fiscaalrecht
privaatrecht = beschrijft de verhoudingen tussen personen onderling
★ personen/familierecht
★ ondernemingsrecht
★ burgerlijk recht
★ vermogensrecht
Rechtsbronnen:
1. wet en regelgeving
2. jurisprudentie (rechtersrecht, geheel van rechterlijke uitspraken)
3. internationale verdragen
4. de gewoonte
systemen: wetten en regelgeving worden niet zomaar bij elkaar gezet. de
wetgever heeft daar goed over nagedacht en op een handige manier bij elkaar
gezet. ARTIKEL...LID....ONDER...WET
, de arbeidsovereenkomst is een overeenkomst waaruit verbintenissen
voortvloeien. Een verbintenis kan omschreven worden als een rechtsbetrekking
tussen minstens twee partijen, die eerlijk leidt dat de ene partij een of meer
rechten verkrijgt en de andere partij een of meer plichten op zich neemt. Zijn er
tegenstrijdigheden, dan gaat het speciale recht voor het algemene recht.
Collectieve arbeidsovereenkomst: kwesties die bijvoorbeeld niet in een wet
geregeld zijn. Bijvoorbeeld: de hoogte van de lonen en andere
arbeidsvoorwaarden, het aantal vakantie en verlofdagen, arbeidstijden en
pensioenregelingen.
Implementatie = richtlijnen die de aangesloten lidstaten dienen om te zetten in
nationale wetgeving.
Dwingendheid van recht:
● dwingend recht = recht waarvan niet of niet ten nadele van de werknemer
mag worden afgeweken (nietig, vernietigbaar)
● driekwartdwingend recht = recht waarvan uitsluitend van de inhoud van
de wet mag worden afgeweken bij cao
● semi dwingend recht = recht waarvan alleen kan worden afgeweken bij
schriftelijke aangegane overeenkomst. De werkgever en de werknemer
kunnen individueel van het bepaalde in de wet afwijken, mits dit
schriftelijk plaatsvindt
● aanvullend recht = recht waarvan altijd, ook individueel en gemoedelijk,
mag worden afgeweken, desnoods mondeling
nietig = Een ongeldige rechtshandeling is nietig. De gronden voor nietigheid
staan in de wet. Als een rechtshandeling nietig is, dan is het alsof de
rechtshandeling nooit heeft bestaan. Nietigheid geschiedt van rechtswege, dat
betekent: er hoeft geen beroep op te worden gedaan. Een nietige
rechtshandeling (bijvoorbeeld een rechtshandeling in strijd met de wet, goede
zeden of openbare orde is) is dus automatisch ongeldig.
Als de wettekst nietigheid als sanctie aangeeft, moet worden geconcludeerd dat
wat afwijkend is overeengekomen, eenvoudigweg voor de wet niet bestaat. Een
vernietigbare bepaling vereist een actieve handeling van de werknemer. Hij
moet zich dan namelijk op de strijdigheid van de individuele afspraak met de
wettekst beroepen. Doet hij dat, dan gaat de wettekst voor.
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
,Hoofdstuk 1:
recht is niet rechtvaardig, dit heeft te maken met de machtspositie
functies van recht:
❏ normatieve functie = recht geeft normen om te leven
❏ geschiloplossing = recht is de basis om een probleem op te lossen
❏ additionele functie = aanvullende functie van het recht
❏ instrumentele functie = de overheid gebruikt recht om burgers te sturen
beroepsbevolking:
1. private sector (deel van de onzelfstandige beroepsbevolking dat in de
marktsector werkzaam is)
2. publieke sector (deel van de onzelfstandige beroepsbevolking dat bij de
overheid werkzaam is)
3. semipublieke sector ( deel van de beroepsbevolking dat verbonden is aan
organisaties en instellingen die financieel van de overheid afhankelijk zijn)
het nederlandse recht is onderverdeeld in publiek en privaat recht:
publiekrecht = geeft regels ten aanzien van de verhouding tussen burgers en
overheid, en de overheidsinstanties onderling
★ staatsrecht
★ bestuursrecht
★ strafrecht
★ fiscaalrecht
privaatrecht = beschrijft de verhoudingen tussen personen onderling
★ personen/familierecht
★ ondernemingsrecht
★ burgerlijk recht
★ vermogensrecht
Rechtsbronnen:
1. wet en regelgeving
2. jurisprudentie (rechtersrecht, geheel van rechterlijke uitspraken)
3. internationale verdragen
4. de gewoonte
systemen: wetten en regelgeving worden niet zomaar bij elkaar gezet. de
wetgever heeft daar goed over nagedacht en op een handige manier bij elkaar
gezet. ARTIKEL...LID....ONDER...WET
, de arbeidsovereenkomst is een overeenkomst waaruit verbintenissen
voortvloeien. Een verbintenis kan omschreven worden als een rechtsbetrekking
tussen minstens twee partijen, die eerlijk leidt dat de ene partij een of meer
rechten verkrijgt en de andere partij een of meer plichten op zich neemt. Zijn er
tegenstrijdigheden, dan gaat het speciale recht voor het algemene recht.
Collectieve arbeidsovereenkomst: kwesties die bijvoorbeeld niet in een wet
geregeld zijn. Bijvoorbeeld: de hoogte van de lonen en andere
arbeidsvoorwaarden, het aantal vakantie en verlofdagen, arbeidstijden en
pensioenregelingen.
Implementatie = richtlijnen die de aangesloten lidstaten dienen om te zetten in
nationale wetgeving.
Dwingendheid van recht:
● dwingend recht = recht waarvan niet of niet ten nadele van de werknemer
mag worden afgeweken (nietig, vernietigbaar)
● driekwartdwingend recht = recht waarvan uitsluitend van de inhoud van
de wet mag worden afgeweken bij cao
● semi dwingend recht = recht waarvan alleen kan worden afgeweken bij
schriftelijke aangegane overeenkomst. De werkgever en de werknemer
kunnen individueel van het bepaalde in de wet afwijken, mits dit
schriftelijk plaatsvindt
● aanvullend recht = recht waarvan altijd, ook individueel en gemoedelijk,
mag worden afgeweken, desnoods mondeling
nietig = Een ongeldige rechtshandeling is nietig. De gronden voor nietigheid
staan in de wet. Als een rechtshandeling nietig is, dan is het alsof de
rechtshandeling nooit heeft bestaan. Nietigheid geschiedt van rechtswege, dat
betekent: er hoeft geen beroep op te worden gedaan. Een nietige
rechtshandeling (bijvoorbeeld een rechtshandeling in strijd met de wet, goede
zeden of openbare orde is) is dus automatisch ongeldig.
Als de wettekst nietigheid als sanctie aangeeft, moet worden geconcludeerd dat
wat afwijkend is overeengekomen, eenvoudigweg voor de wet niet bestaat. Een
vernietigbare bepaling vereist een actieve handeling van de werknemer. Hij
moet zich dan namelijk op de strijdigheid van de individuele afspraak met de
wettekst beroepen. Doet hij dat, dan gaat de wettekst voor.