Inleiding
Historici hebben ontdekt dat de basis nieuwswaarden relatief constant zijn gebleven door de
jaren heen. Hoe valt dit te verklaren? Nieuws bevredigt het menselijk instinct om te weten
wat er buiten hun eigen doen gebeurt. Dat geeft een gevoel van veiligheid, controle en
zelfverzekerdheid (hunger for awareness).
Nieuws beïnvloedt de kwaliteit van ons leven, ons denken en onze cultuur.
In de digitale eeuw vertrouwde het publiek de journalisten niet zo. Rond 1990 deelden veel
journalisten deze scepsis over de pers. Nieuws was entertainment aan het worden, en
entertainment nieuws. Wat sommige leiders van journalistieke institutie vreesden, was
commercialisatie – het idee dat de leiders meer bezig waren met winst maken.
Op z’n best overleefde journalistiek omdat het iets unieks aan een cultuur gaf:
onafhankelijke, betrouwbare, accurate en begrijpelijke informatie die burgers nodig hebben
om de wereld te begrijpen.
De groeiende ontevredenheid over journalistiek, beginnend rond 1980, is geen afwijzing van
journalistieke waarden, maar een resultaat van journalisten die falen in het naleven van die
waarden. Het publiek verwacht dat het nieuws gemaakt wordt door professionals.
De geloofwaardigheidscrisis is in enig opzicht ironisch. Veel nieuwsbedrijven probeerden
zich aan te passen door te leveren wat ze dachten dat het publiek wilde: entertainment.
Onderzoek wees echter uit dat het publiek mediasensatie afkeerde. Nieuwsbedrijven misten
iets belangrijks: mensen wezen het nieuws niet af, ze wezen traditionele formats af voor
nieuwe, meer gemakkelijke formats. Journalisten waren dus zelf schuldig voor de groeiende
ontevredenheid: ze onderzochten het veranderende publiek niet. Ze zagen het internet als
een bedreiging en niet als mogelijkheid om een nieuw publiek te bereiken.
Het collectieve falen van de nieuwsindustrie van het aanpassen aan de digitale revolutie
was geworteld in een crisis van zekerheid over nieuws die al een decennium lang aan de
gang was.
1 What is journalism for?
Iedereen met een computer kan nu journalistiek ‘doen’. Maar, het doel is vrijwel constant
gebleven. Het voornaamste doel van journalistiek is om burgers te voorzien in informatie die
ze nodig hebben om vrij en zelfbesturend te zijn.
De functie van nieuws omvat enkele elementen: een eigen gemeenschap definiëren, een
gemeenschappelijke taal/kennis creëren en de doelen, helden en vijanden van de
gemeenschap identificeren. Journalistiek helpt ons ook te begrijpen hoe burgers zich
gedragen (journalistiek als connection en information flow). Dit impliceert dat journalistiek
meer een dienst is dan een product.
Er heeft een verschuiving plaatsgevonden in relatie tot de overheid. De dreiging van de
overheid is niet alleen meer censuur, door nieuwe technologie kan de overheid ook beter de
pers ondermijnen door het van eigen inhoud te voorzien en tegelijkertijd te censureren, bijv.
door pseudojournalistiek. Journalistiek kan weggespoeld worden in de vloed van
communicatie door commerciële, politieke en overheidsbronnen. Misschien wordt voor het
eerst het Eerste Amendement bedreigd.
Professionele journalisten vinden het historisch gezien niet fijn om te definiëren wat ze doen,
maar ze zijn het wel eens over hun doel: de waarheid vertellen, zodat mensen de informatie
hebben die ze nodig hebben om soeverein te zijn.
MITCHELL STEPHENS vond een consistentie in de manier waarop nieuws functioneerde in het
leven van mensen. Mensen willen nieuws uit basisinstinct: het Awareness Instinct. Kennis
van het onbekende geeft ze veiligheid.
De ‘moderne’ journalistiek kwam op in de 17e eeuw uit communicatie. De eerste kranten
kwamen in Engeland vanuit koffiehuizen. Met deze evolutie gingen Engelse politici praten