- One-step-flow-theorie
1930: Tijdperk beperkt machtige media
- Two-step-flow-theorie
- Multi-step-flow-theorie
1950: Tijdperk ontvanger
- Uses & Gratifications theorie
- Zwamvlokmodel
1965: Tijdperk sturend machtige media
- Agendasetting theorie
- Framing
- Culturele indicatoren benadering
- Kritische mediatheorie
- Specifieke mediawerking theorie
NU: Informatietijdperk
- Alles, behalve one-step en two-step
One-step-flow theorie (1900-1930):
1. Invloed massamedia is groot
2. Er is sprake van eenrichtingsverkeer
3. Boodschap direct van zender naar ontvanger
4. Ontvangers zijn weerloze sponsjes en zijn passief
5. Massa is makkelijk te manipuleren, elite niet
Two-step-theorie (1930-1950):
1. Andere mensen blijken belangrijke rol te spelen bij keuzeproces en nemen van
besluiten
2. Ontdekking van opinieleider
3. Behalve in politiek, ook in marketing
4. De opinieleider is deskundig, extravert en maatschappelijk betrokken
Multi-step-flow-theorie (1930-1950):
1. Verfijning van tweetrapsmodel
2. Invloed van opinieleiders is afhankelijk van het onderwerp en de doelgroep
3. Er zijn meerdere communicatiestromen mogelijk
4. De rol van influentials blijft belangrijk
5. Realistischere weergave van het communicatieproces
Uses & Gratifications (1950-1965):
1. Verwachtingen van de gebruikers bepalen mediagebruik. Mensen nemen informatie
actief en doelgericht op als die prettig of belangrijk is.
2. Mediagebruikers kiezen bewust mediumtype en boodschap
3. Waarden, motieven en verlangens van ontvangers zijn uitgangspunt
4. Mediagebruikers geven zelf betekenis aan mediabelevenis