Geluid
Fysische eigenschappen geluid
Ultrageluid wordt gebruikt voor echografie.
Fysische eigenschappen van geluid:
- Frequentie in Hz
- Trilling in S
- Golflengte (λ) in m
- Geluidssnelheid
- Intensiteit (luidheid) in decibel
Het lichaam heeft verschillende geluidssnelheden waardoor weefsels zichtbaar worden met gebruik van
echografie, zoals botten en vloeistoffen. De sinusfunctie geeft geluid weer.
Geluid is een trilling in een medium, dit betekent dat het hoorbaar is. Trilling van deeltjes geeft een
verstoring die zich voortplant, hierdoor ontstaan er (geluids)golven. Een golf is een verstoring die zich
voortplant. Een trilling heeft een bepaalde trillingstijd (s) en een frequentie (Hz).
Er zijn twee soorten geluidsgolven:
1. Transversale golf: is zoals een steen van boven naar beneden in het water valt, de kringen van de
golven ontstaan zijwaarts.
2. Longitudinaal: Is een zijwaartse trilling. De trilling gaat dezelfde richting uit als dat de duw wordt
gegeven. De beweging volgt de kracht.
De longitudinale golf wordt gebruikt bij echografie.
Geluidssnelheid is afhankelijk van het medium:
- Samenstelling
- Samendrukbaarheid
- Dichtheid
Een hoge dichtheid (zoals bot/kalk) toont wit op de echo dit maakt het hyperechogeen. Een lage dichtheid
(zoals vocht) toont zwart op echo dit maakt het anechogeen.
Bot heeft dus een hoge dichtheid, wat zorgt voor een hoge geluidssnelheid.
Omdat het bot compact is kunnen trilling snel verplaatsen. Met echografie kan
er niet naar de longen gekeken worden omdat deze lucht bevat.
De intensiteit:
- Geluidssterkte
- Bepaald door amplitude
- Energie W/m2
- Verhouding dB
Reflectie wordt gebruikt voor beeldvorming. Er zijn hier 3 opties
voor:
Fysische eigenschappen geluid
Ultrageluid wordt gebruikt voor echografie.
Fysische eigenschappen van geluid:
- Frequentie in Hz
- Trilling in S
- Golflengte (λ) in m
- Geluidssnelheid
- Intensiteit (luidheid) in decibel
Het lichaam heeft verschillende geluidssnelheden waardoor weefsels zichtbaar worden met gebruik van
echografie, zoals botten en vloeistoffen. De sinusfunctie geeft geluid weer.
Geluid is een trilling in een medium, dit betekent dat het hoorbaar is. Trilling van deeltjes geeft een
verstoring die zich voortplant, hierdoor ontstaan er (geluids)golven. Een golf is een verstoring die zich
voortplant. Een trilling heeft een bepaalde trillingstijd (s) en een frequentie (Hz).
Er zijn twee soorten geluidsgolven:
1. Transversale golf: is zoals een steen van boven naar beneden in het water valt, de kringen van de
golven ontstaan zijwaarts.
2. Longitudinaal: Is een zijwaartse trilling. De trilling gaat dezelfde richting uit als dat de duw wordt
gegeven. De beweging volgt de kracht.
De longitudinale golf wordt gebruikt bij echografie.
Geluidssnelheid is afhankelijk van het medium:
- Samenstelling
- Samendrukbaarheid
- Dichtheid
Een hoge dichtheid (zoals bot/kalk) toont wit op de echo dit maakt het hyperechogeen. Een lage dichtheid
(zoals vocht) toont zwart op echo dit maakt het anechogeen.
Bot heeft dus een hoge dichtheid, wat zorgt voor een hoge geluidssnelheid.
Omdat het bot compact is kunnen trilling snel verplaatsen. Met echografie kan
er niet naar de longen gekeken worden omdat deze lucht bevat.
De intensiteit:
- Geluidssterkte
- Bepaald door amplitude
- Energie W/m2
- Verhouding dB
Reflectie wordt gebruikt voor beeldvorming. Er zijn hier 3 opties
voor: