Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Uitgebreide samenvatting klapper DI LOP 1

Beoordeling
-
Verkocht
12
Pagina's
50
Geüpload op
14-10-2015
Geschreven in
2015/2016

Samenvatting van de klapper van LOP.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

KLAPPER D&I LEERPROBLEMEN 1
Inleiding, diagnostiek en behandeling – algemeen:
 Bosmans et al.: de empirische cyclus als formeel model van diagnostisch handelen
 Taal, M.: een cyclisch model van interventie
 Kleine, R.: integrale leerlingenbegeleiding, een continuüm


Technisch lezen:
 De Jong, P.: verklaringen van dyslexie – implicaties voor de samenstelling van en dyslexie
typerend profiel
 De Groot, B. en Van den Bos, K.P.: visuele aandacht bij enkelvoudige en comorbide
dyslexie

Spelling:
 Henneman: problemen van gevorderde spellers, signalering, diagnostiek en begeleiding

Intelligentie, werkgeheugen en aandachtsprocessen:
 Hoogeveen, L.: hoogbegaafheid
 Webb et al.: we hebben geen probleem, of wel
 Ponsioen, A. en De Groot, A.: cognitieve beperkingen




Auteurs:
Wieteke Houtstra, Mirjam Boelens, Mart Analbers en Suzanna van der Heide

1

,Inleiding, diagnostiek en behandeling –
algemeen
Bosmans et al.: de empirische cyclus als formeel model van
diagnostisch handelen
1.1 Inleiding:
Kwaliteitsvolle diagnostiek is een voorwaarde voor goede hulpverlening. Het referentiekader
van een diagnosticus kan leiden tot oordeelsfouten die zo een negatieve invloed hebben op
diagnostiek en behandeling. Systematisch werken beschermt tegen zulke oordeelsfouten en is
een voorwaarde voor kwaliteitsvolle diagnostiek. Er zijn verschillende modellen die een manier
van systematische diagnostiek voorschrijven. Het artikel beschrijft overeenkomsten en
verschillen tussen deze modellen.

1.2 De empirische cyclus als basis van formele modellen van diagnostisch handelen:
De empirische cyclus (de Groot, 1961) ziet het diagnostisch proces als wetenschappelijk
onderzoek. Hierin worden 5 stappen gevolgd:
1. Observatie: volgens de empirische cyclus moet je eerst informatie verzamelen over de
problemen en de sterke kanten van de cliënt en het cliëntsysteem. Zonder deze info kan
je onmogelijk goede hypotheses opstellen. Wat moet de diagnosticus hiervoor kunnen?
 Goede gespreks- en observatievaardigheden
 Empathisch zijn: pas als de hulpverlener empathisch kan zijn richting de cliënt,
kan een band worden opgebouwd waarin cliënten ook echt gemotiveerd zijn om
te praten
 Oog hebben voor non-verbale informatie: bv. kijken gezinsleden elkaar aan?
2. Inductie: voor het formuleren van hypothesen is het nodig dat de hulpverlener kennis
heeft van theorieën en deze ook met elkaar in verband kan brengen.
3. Deductie: zodra er hypothesen zijn opgesteld, zal de diagnosticus deze moeten toetsen.
Hierbij zijn twee dingen heel belangrijk:
1) Het gebruiken van een adequate strategie om te toetsen: strategie heeft te maken
met de keuze van instrumenten. Deze kies je op basis van de aansluiting bij de
hypotheses (gepastheid), de psychometrische kwaliteiten en de evidentie dat een
bepaald diagnostisch protocol een bepaald probleem kan detecteren. Aangezien
elk instrumenten zijn voors en tegens heeft, pleiten de auteurs voor
multimethode onderzoek en multi-informanteonderzoek.
2) Het gebruiken van toetsingscriteria: anders loopt de diagnosticus het risico om
de verzamelde info te interpreteren naar ‘wat hij zelf denkt’.
4. Toetsing: een goede uitvoering van de toetsing is uiteraard belangrijk om betrouwbare
en valide diagnostische conclusies te kunnen trekken. Wat moet de diagnosticus
hiervoor kunnen?
 Gespreks- en observatievaardigheden
 Zich bewustzijn van het feit dat betrouwbaarheid en validiteit afhankelijk zijn
van de manier waarop de instrumenten worden afgenomen: het volgen van de
gestandaardiseerde instructie is essentieel
 Zich bewustzijn van het feit dat klinisch relevant gedrag van leden van het
cliëntsysteem kan interfereren met de optimale uitvoering van diagnostisch
onderzoek. Zo kan een kind tijdens een IQ test ineens agressief worden. De
hypothese ‘heeft het kind een verstandelijke beperking’ kan je dan veel minder
betrouwbaar en valide beantwoorden, maar je leert wel over het
probleemgedrag van het kind. Op basis van zulke observaties kan de diagnosticus
dan weer meer gerichte hypotheses formuleren en toetsen.

2

, 5. Evaluatie: nu alle info is verzameld kan de diagnosticus per hypothese kijken of deze al
dan niet wordt aangenomen. De diagnosticus moet hier zorgvuldig werken, want hij/zij
kan verdrinken in de informatie. Hij/zij kan redeneerfouten maken en dan alsnog
verkeerde conclusies trekken. Voor het goed en coherent uitvoeren van diagnostisch
onderzoek is veel oefening nodig. Als de conclusie is getrokken, moet deze worden
overgebracht naar het cliëntsysteem. Het is hierbij van belang een balans te vinden
tussen transparant zijn en het maximaliseren van participatie van cliënten in het
hulpverleningsproces EN de deontologische grenzen (ethiek).

1.3 Verschillen en gelijkenissen tussen verschillende bestaande formele modellen van
diagnostisch handelen:
Alle modellen die aan systematische diagnostiek doen, zijn gebaseerd op de empirische cyclus
van de Groot. Er zijn echter wel accent- en terminologische verschillen. De auteurs zullen laten
zien dat de ogenschijnlijke verschillen tussen de diagnostische cyclus van de Bruijn en de
handelingsgerichte diagnostiek van Pamijer en van Beukering begrepen kunnen worden als
louter verschillen in terminologie.

Empirische cyclus Diagnostische cyclus Handelingsgerichte
diagnostiek
Principe Logisch-methodologisch Inhoudelijke ordening van Procesmodel (fasen)
redeneren diagnostische
vraagstellingen (Anm, KA,
PA, VA, IA, Adv)
Onderdelen Observatie: in kaart Klachtanalyse: in kaart Intakefase: in kaart
brengen van brengen van brengen van
achtergrondinfo achtergrondinfo achtergrondinfo

Inductie: formuleren van Probleem- en Strategiefase:
hypothesen verklaringsanalyse: formuleren van
Deductie: omzetten van formuleren van hypothesen en deze
hypothesen in toetsbare hypothesen en die omzetten in
veronderstellingen omzetten in onderzoeksvragen
onderzoekshypothesen

Toetsing en evaluatie: Toetsen en evalueren van Onderzoeksfase: toetsen
toetsen en evalueren van onderzoekshypothesen en evalueren van
toetsbare en opstellen van onderzoeksvragen
veronderstellingen integratief beeld Indiceringsfase:
opstellen van integratief
beeld

Indicatieanalyse: Beantwoorden van
beantwoorden van indicerende
indicerende vraagstellingen
vraagstellingen

Advies Adviesfase

De tabel laat goed zien dat ogenschijnlijke verschillen niet fundamenteel zijn. Toch hebben de
modellen wel ieder z’n voordelen. De voordelen van HGD zijn:
1. Dat het model heel expliciet de stappen die de diagnosticus moet zetten beschrijft
(intakefase, strategiefase, onderzoeksfase, indiceringsfase, adviesfase)



3

, 2. Dat het de tijd neemt om na te denken, je hoeft niet constant te handelen (strategiefase,
indiceringsfase). Het biedt de mogelijkheid om hier nieuwe hypothesen op te stellen op
basis van nieuw onderzoeksmateriaal
3. De duidelijke richtlijn: je onderzoekt alleen de hypothesen die relevant zijn om te weten
welk hulpaanbod nodig is (pleidooi tegen een vaste diagnostische batterij)


De diagnostische cyclus heeft de volgende ‘voordelen’:
1. Het beschrijft het belang van een duidelijk onderscheid tussen verschillende soorten
hypothesen. Onderkennend, verklarend, indicerend.
2. Het waarom wordt belangrijker gevonden dan het juiste hokje. De onderkennende
diagnose is niet genoeg om tot een zinvolle interventie te komen. Het is belangrijker om
te weten waarom de jongere de (bv.) gedragsstoornis heeft ontwikkeld. Factoren zijn
bijv. temperament, opvoeding, intelligentie. De meest geschikte interventie is afhankelijk
van deze factoren.

De specifieke accenten die de modellen leggen zijn erg waardevol. Door te focussen op het
handelingsgerichte en de verklaringen blijft de diagnosticus zich bewust van het feit dat
diagnostiek een MIDDEL is en niet het doel opzich.

1.4 Conclusie:
De auteurs hebben (in het eerste hoofdstuk van ‘hun’ boek) laten zien:
 Hoe een diagnosticus systematisch te werk kan gaan
 Dat de ogenschijnlijk verschillende modellen dezelfde basis hebben
 Dat elk model zijn eigen ‘merites’ heeft
 Dat de formele diagnostische modellen weinig concrete handvatten bieden (daar gaat het
boek verder over, geen tentamenstof)




4

, Taal, M.: een cyclisch model van interventie
Interventies bestaan uit 2 pijlers:
1. Om leerproblemen aan te pakken is het van belang te weten in welke mate leerlingen er
hinder van ondervinden, en na te gaan wat de problemen betekenen voor hun prestaties,
motivatie en gedrag op school.
2. Om interventies te kunnen uitvoeren is het daarnaast noodzakelijk te weten hoe de
beïnvloeding van leerprocessen verloopt, zowel direct door ouders, medeleerlingen en
leraren, als indirect door regelgeving en beleid.

1.1 Systeemvisie:
Leerlingen maken deel uit van een heel conglomeraat of systeem van betrokken personen en
instanties. Het functioneren van de leerlingen wordt mede door hen bepaald. De wederzijdse
beïnvloeding (leerling – omgeving & omgeving – leerling) gebeurt op verschillende niveaus.
Deze opvatting past in het transactioneel model van Sameroff of het ecologisch model van
Bronfenbrenner.

Om het leren te bevorderen kan men vaak niet volstaan met alleen een interventie gericht op de
leerling zelf. Ook op het bovenschools niveau, dat van het lerarenteam of een individuele leraar
zijn soms maatregelen vereist. Op het bovenschoolse niveau en het niveau van overheidsbeleid
gaat het om het onderwijs bestel, het onderwijsbeleid, samenwerkingsverbanden tussen scholen
(SWV) en met Regionale Expertise Centra (REC), Permanente Commissies Leerlingenzorg en
Commissies van Indicatiestelling. Een voorbeeld van een veelgestelde vraag op het
bovenschoolse niveau is: In ons samenwerkingsverband gaan te veel leerlingen naar het speciaal
basisonderwijs (SBO). Hoe komt dit?

Het speciaal onderwijs is in clusters verdeeld. Voor de indicatiestelling voor cluster 4 is vereist
dat de ernst van een gedragsstoornis wordt vastgesteld aan de hand van de DSM-IV. Dat
impliceert bijvoorbeeld dat tegenwoordig meer leerlingen dan vroeger een etiket uit dat
diagnostisch systeem krijgen opgeplakt. Op het niveau van de school gaat het om ‘onze’ school, of
het nu een reguliere school, een sbo-school of speciaal onderwijs is. Het niveau van de klas omvat
niet alleen de groep leerlingen, maar ook de leraar. Een voorbeeld van een veelgestelde vraag op
schoolniveau: Wilt u voor de ouders van onze school een ouderavond houden over dyscalculie?

Het niveau van ouders betreft niet alleen de individuele ouder van een individuele leerling, maar
ook de ouders als partij voor een school. Het maakt voor leerlingen verschil uit in welke mate
hun ouders betrokken zijn bij de school. Een voorbeeld van een veelgestelde vraag op het niveau
van de ouders is: Wij willen een second opinion over het schoolkeuzeadvies van onze zoon, waar
kunnen wij terecht?

Binnen de hierboven geschetste context functioneren leerlingen en leveren zij prestaties. Hou
hierbij in het achterhoofd dat het individuele leren (mede) belemmerd of bevorderd wordt door
de andere niveaus. Een voorbeeld van een veelgestelde vraag op het niveau van de leerling is: Ik
heb waarschijnlijk dyslexie en ik wil graag een dyslexieverklaring. Is dat mogelijk?

1.2 interventie in een regulatieve cyclus:
Wanneer acties gericht zijn op het voorkomen van problemen wordt dit preventief genoemd.
Vroegtijdig signaleren is hier een voorbeeld van. Wanneer acties gericht zijn op het oplossen van
bestaande problemen wordt dit curatief of palliatief genoemd. Preventie en probleem oplossen
zijn beide voor te stellen als een cyclisch proces met verschillende fasen.


Koomen en Pameijer (2007) noemen in hun uiteenzetting over het diagnostisch proces in het
onderwijs vier visies op deze cyclus:
1. Het procesmodel diagnostiek

5

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
14 oktober 2015
Aantal pagina's
50
Geschreven in
2015/2016
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$5.37
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
xsuzannaa Rijksuniversiteit Groningen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
910
Lid sinds
12 jaar
Aantal volgers
518
Documenten
36
Laatst verkocht
1 dag geleden

4.2

106 beoordelingen

5
32
4
62
3
11
2
0
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen