1. Schrijf voor jezelf de betekenis van deze woorden op, zonder ze eerst op te zoeken
2. Om de beurt leg je een woord aan de rest van de klas uit (als niemand het weet, of jullie
weten het niet zeker, zoek het dan op)
3. Blijven er vragen, zet ze in de chat.
A. Epileptisch insult
een aanval waarbij u de controle over uw lichaam even kwijtraakt
B. Ziekte van Parkinson
een ziekte van de hersenen waarbij een kleine groep cellen in de hersenen (in de
substantia nigra) beschadigt en afsterft. Daardoor kunnen de cellen geen dopamine
meer aanmaken.
C. CVA
Hersen infarcten
Een cerebrovascular accident, ook wel beroerte genoemd, is letterlijk een 'ongeluk
van de bloedvaten in de hersenen'. Bij zo'n ongeluk gaat er iets mis met de
bloedvoorziening naar je hersenen. Bij afsluiting van een bloedvat kan een deel van
die hersenen te weinig zuurstof krijgen.
D. Epicondylitis
Een tenniselleboog, ook wel epicondylitis lateralis genoemd, is een peesontsteking
waarbij klachten ontstaan op de plek waar de pezen van de strekspieren van de pols
vasthechten aan het bot van de bovenarm.
E. Hallucinatie
Een hallucinatie is een zintuiglijke beleving die niet overeenkomt met wat er in
werkelijkheid gebeurt. Anders gezegd: een hallucinatie is een waarneming waarbij
de prikkel uit de buitenwereld ontbreekt; bij een hallucinatie hoort, proeft, ziet, voelt
of ruikt men zaken die niet in de buitenwereld voorkomen.
F. Depressie
Het is een ziekte van de stemming en gevoelens. Van een depressieve stemming is
sprake als er gedurende een langere periode een abnormale somberheid bestaat
en/of een abnormale lusteloosheid, verlies van interesse of een onvermogen om
ergens van te genieten.
G. MS
MS is een ziekte van het centrale zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg). De
precieze oorzaak van MS is onbekend. Waarschijnlijk zijn er meerdere factoren die
samen bepalen of iemand MS krijgt. Zo zijn er aanwijzingen dat erfelijkheid,
virusinfecties of eetgewoontes een rol spelen, maar niemand weet precies hoe het
zit.
H. Artritis