Hoofdstuk 1 Preventief werken
Preventie: gezondheidsproblemen voorkomen en het stimuleren van gezond gedrag.
Preventie niveaus:
- Primaire preventie: voorkomen.
- Secundaire preventie: ziekten opsporen en behandelen.
- Tertiaire preventie: gevolgen ziekten beperken.
Belang van preventie:
- (verergering) ziekten voorkomen.
- Kosten besparen.
- Zelfstandig besparen.
- Gezondheid bevorderen.
- Het recht op informatie.
- Toename van het aantal keuze mogelijkheden.
Doel: vrijwillige gedragverandering.
Preventieve activiteiten:
- Voorlichting geven: Informatie geven over specifieke onderwerpen.
- Adviseren: Geven van deskundige suggesties en raad.
- Instructie: Uitleggen of demonstreren hoe de zorgvrager iets het beste kan doen.
GVO: gezondheidsvoorlichting en opvoeding wordt vaak verzorgt door de overheid(cursus stoppen
met roken)
Resultaten goede voorlichting:
- Tevreden zorgvragers
- Klachten voorkomen
- Bevordert therapie trouw
- Mindert angst voor opname, operaties, behandeling.
- Bevordert herstel
Informeel consent: Iemand moet toestemming geven voor de behandeling.
WGBO: Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst.
Ziektediagnose: Iemand heeft een ander te benoemen ziekte.
Ziekte beleving: Iemand heeft lichamelijk en geestelijke klachten.
Ziekte gedrag: iemand gedraagt zich ziek.
, Hoofdstuk 2 Preventieniveaus
Primaire preventie: Voorkomen van ziekte toepassen door:
- Voorlichting.
- Veilig en hygiënisch werken
- Hospitalisatie voorkomen
- Voorbeeld functie vervullen
Secundaire preventie: ziekt opsporen en behandelen toepassen door:
- Symptomen signaliseren en rapporteren.
- Observaties met de zorgvrager bespreken.
Geïndiceerde symptomen: symptomen die vaak optreden bij een bepaalde ziektebeeld.
Niet – geïndiceerde symptomen: symptomen die je niet vaak ziet bij een bepaalde ziektebeeld.
Tertiaire preventie: gevolgen van de ziekte beperken toepassen door:
- Reacties op ziekte signaleren
- Adviseren over aanpassingen in de leefwijze.