Hoofdstuk 1: Externe verslaggeving: relaties met andere vakgebieden en ontwikkeling .................... 2
Hoofdstuk 2: Waarde en winst....................................................................................................... 6
Hoofdstuk 3: Verslaggevingsprincipes van de boekhoudkundige waarde- en winstbepaling............... 8
Hoofdstuk 4: Regelgevers en toezichthouders ...............................................................................11
Hoofdstuk 5: Regelgeving: materiële en formele aspecten van de publicatieplicht ...........................17
Hoofdstuk 6: Vaste activa .............................................................................................................24
Hoofdstuk 7: Vlottende activa.......................................................................................................33
Hoofdstuk 9: Vreemd vermogen ...................................................................................................43
Hoofdstuk 10: Resultatenrekening ................................................................................................48
Hoofdstuk 11: Kasstroomoverzicht................................................................................................53
,Hoofdstuk 1: Externe verslaggeving: relaties met andere vakgebieden
en ontwikkeling
Organisatie:
• Een samenwerkingsverband van mensen en middelen dat is gericht op het realiseren van
bepaalde doelstellingen.
Doelstellingen zijn veelal afgeleid van de doelstellingen van de belanghebbenden (zoals winst).
Belanghebbenden:
• Willen informatie om te kunnen beoordelen of hun doelstellingen worden gerealiseerd.
• Voorbeelden:
o De leiding van de organisatie en haar overige werknemers;
o De eigenaren van de organisatie, bijvoorbeeld de aandeelhouders;
o Andere feitelijke en potentiële vermogensverschaffers, zoals banken en beleggers;
o Afnemers en leveranciers;
o De overheid, met name de fiscus;
o Vakbonden.
Interne en externe informatieverschaffing:
• Interne informatieverschaffing (MA):
o Helpt de leiding beslissingen te nemen en het bedrijfsproces te beheersen
• Externe informatieverschaffing (FA):
o Helpt alle andere belanghebbenden bij hun oordeelsvorming of besluitvorming en
legt verantwoording af van het gevoerde beleid.
Wettelijke voorschriften: juridisch.
MA: gericht op toekomst
FA: gericht op verleden
3 soorten jaarrekeningen:
• Interne jaarrekening voor de leiding;
• Externe jaarrekening voor externe belanghebbenden;
• Fiscale jaarrekening voor de fiscus.
Een balans is een momentopname van de waarde van de activa en de passiva van de onderneming
met voorraad- of stockgrootheden.
Een resultatenrekening is een overzicht van de opbrengsten en de kosten en geeft het behaalde
resultaat weer. De resultatenrekening bevat dan ook periode- of stroomgrootheden.
,Jaarrekening: balans en winst-en-verliesrekening.
Eigenvermogen: verschaft door de eigenaren en voor een onbepaalde tijd.
Bij liquidatie krijgen de eigenvermogen verschaffers als laatste hun geld.
Verdeling balansposten in:
• Materiële activa:
o Gaat om de hoeveelheden die moeten worden vertaald in geld;
o Zoals: duurzame productiemiddelen en voorraden.
• Monetaire activa:
o Hoeft geen vertaalslag worden gedaan naar geld, omdat dit al in een geldbedrag
luidt.
o Zoals: vorderingen en liquide middelen.
Vermogensvergelijking:
• EV eind periode: €…
• EV begin periode: €… -
• Vermogenstoename: €…
• Kapitaalstortingen: €… -
• Kapitaalonttrekkingen: €… +
• Winst: €…
Rentabiliteitsratio’s:
• RTV= winst voor aftrek interest en belasting / gem. totaal vermogen * 100%
• REV= nettowinst / gem. eigenvermogen * 100%
• RVV= rentelasten / gem. vreemd vermogen * 100%
Solvabiliteit en liquiditeit:
• Solvabiliteit:
o De mate waarin de onderneming in staat is aan zijn verplichtingen aan schuldeisers
te voldoen.
▪ Norm:
• Industriële bedrijven: 1/3
• Arbeidsintensieve bedrijven: ¼
o Garantievermogen:
▪ ‘Totaal van het vermogen dat voor schuldeisers een bufferfunctie vervult’;
▪ Bestaat uit: eigenvermogen + achtergestelde leningen.
• Liquiditeit:
o De mate waarin de onderneming in staat is aan lopende betalingsverplichtingen te
voldoen.
▪ Statische liquiditeit:
• Op een bepaald moment.
▪ Dynamische liquiditeit:
• Gebaseerd op een prognose van toekomstige ontvangsten en
uitgaven.
Window dressing: het verrichten van activiteiten die ertoe leiden dat de statische liquiditeit een
beter aanzien krijgt, bijvoorbeeld door vlak vóór balansdatum kortlopende schulden af te lossen.
, Ontwikkeling van de externe verslaggeving:
• 1494: Eerste publicatie over boekhouding;
• 1602: VOC de eerste ‘nv’;
• 1928: Wettelijke publicatieplicht van beurs-nv’s;
• Na WO1: alternatieven voor winstberekening (door de hyperinflatie);
• Na WO2: vermaatschappeling van de onderneming;
• 1971: Wet op Jaarrekening van Ondernemingen geeft regels voor externe jaarrekening (voor
nv en bv).
Factoren die hebben bijgedragen aan het ontwikkelen van de externe verslaggeving:
• Nieuwe ondernemingsvormen;
• Kapitaalintensieve productie;
• De gedachte dat ondernemingen een maatschappelijke verantwoordingsfunctie hebben.
Vermaatschappelijking: de onderneming bestaat niet uitsluitend ten behoeve van de eigenaren,
maar ten behoeve van alle participanten.
Functies en kwaliteitskenmerken van de jaarrekening:
• Het bezitsmodel:
o Er is geen scheiding tussen leiding en eigendom.
▪ Zoals: Eenmanszaak.
• Het klassieke of gesloten model:
o 2 partijen: kapitaalverschaffers en kapitaalbeheerder (dus gescheiden);
o De jaarrekening heeft vooral een verantwoordingsfunctie.
• Het moderne of open model:
o De onderneming is een coalitie van partijen.
o Vermaatschappeling: steeds meer partijen hebben belang bij de onderneming.
o De jaarrekening heeft naast de verantwoordingsfunctie, ook een informatie- of
beslissingsondersteunende functie.
Manieren om de cijfers naar je hand te zetten:
• Creative accounting (winststuring):
o Het aanpassen van de jaarrekening, om het door de leiding gewenste beeld naar
buiten te geven (opwaarts bijstellen en neerwaarts bijstellen).
▪ Winstegalisatie (income smoothing):
• Goede jaren: winst naar beneden stellen.
• Slechte jaren: winst naar boven stellen.
▪ ‘Taking a bath’-strategie:
• Een verlies nog erger laten lijken.
• Dus in een slecht jaar extra veel afschrijven.
o Of je nou 10 of 15 miljoen verlies maakt, maakt niet uit.
Normatief en beschrijvende benadering:
• Normatief:
o Richt zich op het voorschrijven van de beste verslaggevingsalternatieven.
• Beschrijvend:
o Richt zich op het verklaren en voorspellen van verslaggevingspraktijk.
Deductie en inductie: