PLEIDOOIEN PL2
CANISIUS WILHELMINA ZIEKENHUIS.
Fleur Geurts
STUDENTENNUMMER 4178335
, Zorgverlener
Ik heb de rol als zorgverlener behaald omdat ik mijn verpleegkundig handelen richt op het
stimuleren van het zelfmanagement en zelfredzaamheid van de patiënten. Dit laat ik zien in bron 1
waarin ik tijdens de avondzorg met een patiënt en zijn naaste in gesprek ga over het spuiten van de
trombosespuitjes. Ik vraag aan dhr of hij hier hulp bij nodig heeft of dat hij het zelf kan. En hoe hij
zou willen dat het thuis zou worden toegediend. Ik stem de zorg af met de normen en waarden van
de patiënt. Dhr heeft als waarde; zelfredzaamheid. En de norm bij dhr is dat dhr zoveel mogelijk zelf
wil doen. Hier hou ik dan ook rekening mee bij het verzorgen van dhr. Ik laat dhr zoveel mogelijk zelf
doen maar wanneer dhr hulp vraagt geef ik deze ook.
Tijdens de zorg heb ik verschijnselen aan oorzaken gekoppeld op basis van klinisch redeneren. Zo
was er een patiënt die grote hoeveelheden water dronk na de OK, maar niet belde om te urineren. Ik
vond dit vreemd en ging daarom in haar dossier kijken. Hieruit bleek dat mw spinale anesthesie
heeft gehad tijdens de operatie. Hieruit kon ik samen met mijn begeleider de conclusie trekken, dmv
klinisch redeneren, dat de spinale anesthesie de oorzaak was waarom mw geen aandrang had tot
spontane mictie. Daarom hadden we besloten een bladderscan te maken nadat we mw op de po in
bed hadden gezet. Hieruit bleek dat mw een residu van 780 ml had na een mictie van 50 cc. Naar
aanleiding van haar residu besloten mw eenmalig te katheteriseren. In de reflectie in bron 6, laat ik
zien dat ik als voorbehouden handeling de patiënt eenmalig gekatheteriseerd heb, omdat ze een
residu van 780 ml had na mictie. Ik heb daarbij het protocol van het ziekenhuis geraadpleegd.
Verder heb ik ook andere risicovolle handelingen uitgeoefend waarbij ik rekening heb gehouden met
mijn bevoegd- en bekwaamheid bron 4. Zo heb ik heparine geïnjecteerd bij patiënten die dit niet zelf
kunnen of durven. Ik toon hier mijn verantwoordelijkheid in het hanteren van de grenzen van mijn
eigen deskundigheid. Ik heb namelijk eerst het protocol geraadpleegd. Daarna heb ik met een
collega meegekeken, vervolgens heb ik heb de heparine 2 keer gezet onder supervisie en daarna ben
ik zelfstandig de kamer op gegaan om de handeling uit te voeren. Zo voelde ik me bevoegd en
bekwaam genoeg om de handeling zelfstandig uit te voeren.
Communicator
Ik heb de rol als communicator behaald omdat ik persoonsgerichte en professionele
gesprekstechnieken heb toegepast tijdens mijn stage bron 1. Mijn rol als communicator komt elke
dag terug in de praktijk, tijdens elk gesprek met een patiënt/ collega. Iedereen verkeert in een ander
bewustzijnsniveau, waardoor ik de communicatie afstem per persoon en rekening hou met de
voorgeschiedenis van de patiënt.
Wanneer een patiënt nieuwe informatie krijgt, is het van belang om de patiënt goed in te lichten.
Een gestructureerd gesprek, duidelijke taal en oogcontact ondersteunen dit. Hierbij ben ik bewust
van mijn eigen verbale en non-verbale uitingen bron 1.
Daarnaast maak ik gebruik van technologische mogelijkheden in de communicatie over zorgvragers
met collega's op een professionele manier. Via HIX rapporteer ik mijn bevindingen en
verpleegkundige aandachtspunten over een patiënt bron 1. Het is belangrijk om goed te rapporteren
en dingen af te kruisen in het activiteitenplan zodat de collega's goed up-to-date zijn over de
patiënt.
CANISIUS WILHELMINA ZIEKENHUIS.
Fleur Geurts
STUDENTENNUMMER 4178335
, Zorgverlener
Ik heb de rol als zorgverlener behaald omdat ik mijn verpleegkundig handelen richt op het
stimuleren van het zelfmanagement en zelfredzaamheid van de patiënten. Dit laat ik zien in bron 1
waarin ik tijdens de avondzorg met een patiënt en zijn naaste in gesprek ga over het spuiten van de
trombosespuitjes. Ik vraag aan dhr of hij hier hulp bij nodig heeft of dat hij het zelf kan. En hoe hij
zou willen dat het thuis zou worden toegediend. Ik stem de zorg af met de normen en waarden van
de patiënt. Dhr heeft als waarde; zelfredzaamheid. En de norm bij dhr is dat dhr zoveel mogelijk zelf
wil doen. Hier hou ik dan ook rekening mee bij het verzorgen van dhr. Ik laat dhr zoveel mogelijk zelf
doen maar wanneer dhr hulp vraagt geef ik deze ook.
Tijdens de zorg heb ik verschijnselen aan oorzaken gekoppeld op basis van klinisch redeneren. Zo
was er een patiënt die grote hoeveelheden water dronk na de OK, maar niet belde om te urineren. Ik
vond dit vreemd en ging daarom in haar dossier kijken. Hieruit bleek dat mw spinale anesthesie
heeft gehad tijdens de operatie. Hieruit kon ik samen met mijn begeleider de conclusie trekken, dmv
klinisch redeneren, dat de spinale anesthesie de oorzaak was waarom mw geen aandrang had tot
spontane mictie. Daarom hadden we besloten een bladderscan te maken nadat we mw op de po in
bed hadden gezet. Hieruit bleek dat mw een residu van 780 ml had na een mictie van 50 cc. Naar
aanleiding van haar residu besloten mw eenmalig te katheteriseren. In de reflectie in bron 6, laat ik
zien dat ik als voorbehouden handeling de patiënt eenmalig gekatheteriseerd heb, omdat ze een
residu van 780 ml had na mictie. Ik heb daarbij het protocol van het ziekenhuis geraadpleegd.
Verder heb ik ook andere risicovolle handelingen uitgeoefend waarbij ik rekening heb gehouden met
mijn bevoegd- en bekwaamheid bron 4. Zo heb ik heparine geïnjecteerd bij patiënten die dit niet zelf
kunnen of durven. Ik toon hier mijn verantwoordelijkheid in het hanteren van de grenzen van mijn
eigen deskundigheid. Ik heb namelijk eerst het protocol geraadpleegd. Daarna heb ik met een
collega meegekeken, vervolgens heb ik heb de heparine 2 keer gezet onder supervisie en daarna ben
ik zelfstandig de kamer op gegaan om de handeling uit te voeren. Zo voelde ik me bevoegd en
bekwaam genoeg om de handeling zelfstandig uit te voeren.
Communicator
Ik heb de rol als communicator behaald omdat ik persoonsgerichte en professionele
gesprekstechnieken heb toegepast tijdens mijn stage bron 1. Mijn rol als communicator komt elke
dag terug in de praktijk, tijdens elk gesprek met een patiënt/ collega. Iedereen verkeert in een ander
bewustzijnsniveau, waardoor ik de communicatie afstem per persoon en rekening hou met de
voorgeschiedenis van de patiënt.
Wanneer een patiënt nieuwe informatie krijgt, is het van belang om de patiënt goed in te lichten.
Een gestructureerd gesprek, duidelijke taal en oogcontact ondersteunen dit. Hierbij ben ik bewust
van mijn eigen verbale en non-verbale uitingen bron 1.
Daarnaast maak ik gebruik van technologische mogelijkheden in de communicatie over zorgvragers
met collega's op een professionele manier. Via HIX rapporteer ik mijn bevindingen en
verpleegkundige aandachtspunten over een patiënt bron 1. Het is belangrijk om goed te rapporteren
en dingen af te kruisen in het activiteitenplan zodat de collega's goed up-to-date zijn over de
patiënt.