H3 Bipolaire-stemmingsstoornissen
Drie soorten:
1. Bipolaire-I-stoornis
2. Bipolaire-II-stoornis
3. Cyclothyme stoornis
Veel symptomen komen bij alle stoornissen voor, maar er is verschil in ernst
en hevigheid.
Blijven voor altijd aanwezig, maar behandeling kan wel de symptomen
verlichten.
Dissociatieve stoornis
= lukt het iemand niet om gebruik te maken van het bewustzijn met alle gedachten,
gevoelens en herinneringen.
Iemand staat als het ware los van zichzelf.
Dissociatie = uiteenvallen.
Dissociatie zit IN de persoon. Mensen met psychoses hebben het van
BUITEN de persoon.
Kenmerken:
- Amnesie ‘gaten’ in het geheugen (zichzelf aantreffen op andere plek, zonder
te weten hoe je daar gekomen ben)
- Depersonalisatie gevoelens van vervreemding (droomwereld)
- Derealisatie niet herkennen van familie
- Identiteitsverwarring of identiteitswijziging interne strijd
Overdracht en tegenoverdracht
- De gevoelens van cliënt naar therapeut noemen we overdrachtsgevoelens: de
cliënt ervaart de therapeut zoals hij belangrijke personen uit het verleden
ervoer in vergelijkbare (spanningsvolle) situaties
- De gevoelens van therapeut naar cliënt noemen we tegenoverdracht
- Bijv. moeder was heel lief, therapeut doet ook lief. Cliënt denkt dan aan zijn
moeder.
Stemmingsstoornissen
- Langer durende ontregelingen van de gemoedstoestand
- Langdurig of juist overmatig opgewektheid
o Gevoelsmatig
o Lichamelijk
o Gedragsmatig
o Deze houden verband met de inhoud van denken en worden beïnvloed
door sociale factoren
2 soorten
- Depressieve stemmingsstoornissen
- Bipolaire stemmingsstoornissen
Disruptieve stemmingsdisregulatiestoornis
- Woedeaanvallen met prikkelbaarheid bij kinderen.
- Meer dan drie keer per week een forse woede-uitbarsting hebben.
- Constant een prikkelbare stemming gedurende meer dan een jaar.
Drie soorten:
1. Bipolaire-I-stoornis
2. Bipolaire-II-stoornis
3. Cyclothyme stoornis
Veel symptomen komen bij alle stoornissen voor, maar er is verschil in ernst
en hevigheid.
Blijven voor altijd aanwezig, maar behandeling kan wel de symptomen
verlichten.
Dissociatieve stoornis
= lukt het iemand niet om gebruik te maken van het bewustzijn met alle gedachten,
gevoelens en herinneringen.
Iemand staat als het ware los van zichzelf.
Dissociatie = uiteenvallen.
Dissociatie zit IN de persoon. Mensen met psychoses hebben het van
BUITEN de persoon.
Kenmerken:
- Amnesie ‘gaten’ in het geheugen (zichzelf aantreffen op andere plek, zonder
te weten hoe je daar gekomen ben)
- Depersonalisatie gevoelens van vervreemding (droomwereld)
- Derealisatie niet herkennen van familie
- Identiteitsverwarring of identiteitswijziging interne strijd
Overdracht en tegenoverdracht
- De gevoelens van cliënt naar therapeut noemen we overdrachtsgevoelens: de
cliënt ervaart de therapeut zoals hij belangrijke personen uit het verleden
ervoer in vergelijkbare (spanningsvolle) situaties
- De gevoelens van therapeut naar cliënt noemen we tegenoverdracht
- Bijv. moeder was heel lief, therapeut doet ook lief. Cliënt denkt dan aan zijn
moeder.
Stemmingsstoornissen
- Langer durende ontregelingen van de gemoedstoestand
- Langdurig of juist overmatig opgewektheid
o Gevoelsmatig
o Lichamelijk
o Gedragsmatig
o Deze houden verband met de inhoud van denken en worden beïnvloed
door sociale factoren
2 soorten
- Depressieve stemmingsstoornissen
- Bipolaire stemmingsstoornissen
Disruptieve stemmingsdisregulatiestoornis
- Woedeaanvallen met prikkelbaarheid bij kinderen.
- Meer dan drie keer per week een forse woede-uitbarsting hebben.
- Constant een prikkelbare stemming gedurende meer dan een jaar.