Vitamine C in vitaminewater
Naam: Lina Bourbab, Mustapha
Azougarh en Kyrolos Ibrahim
Klas: 5V
Vak: BNS
Docent: Mvr.Bon en
Mvr.Brederode
, Inhoudsopgave
Inleiding ......................................................................................................................................................... 2
Theoretische kader ........................................................................................................................................ 4
Onderzoekersvraag ........................................................................................................................................ 4
Hypothese ...................................................................................................................................................... 4
Materiaal & Methode .................................................................................................................................... 5
Jodometrische titratie................................................................................................................................ 5
Coulometrische titratie .............................................................................................................................. 6
Resultaten ...................................................................................................................................................... 7
Coulometrische titratie: ............................................................................................................................. 7
Jodometrische titratie: .............................................................................................................................. 9
Conclusie en discussie.................................................................................................................................. 12
Conclusie .................................................................................................................................................. 12
Discussie................................................................................................................................................... 13
Nawoord ...................................................................................................................................................... 15
1
, Inleiding
Scheurbuik kwam hoogstwaarschijnlijk voor uit de prehistorie en de oudheid. Het eerste bewijs van de
ziekte dateert van rond 3700 voor Christus. Archeologen hebben sporen van karakteristieke
skeletveranderingen gevonden in de skeletresten van een 1-jarig kind, wat op scheurbuik zou kunnen
wijzen. Skeletten van Britse kinderen tussen 2200 en 1970 v.chr. werden ook bestudeerd. Er werd
gesuggereerd dat de doodsoorzaak van dit kind verband hield met een vitamine C-tekort veroorzaakt
door scheurbuik.
In 1593 was al ontdekt dat citroensap scheurbuik kon voorkomen. Dit werd gedaan door admiraal
Richard Hawkings. Destijds werd gedacht dat de zure aard van fruit scheurbuik kon voorkomen. Dit idee
werd gedurende de hele 19e eeuw als waarheid aangenomen. Pas in 1927, toen Hongaarse
wetenschapper Szent-Györgyi experimenteerde met antioxidanten die hij in de bij nierschors
aantrof, ontdekte hij dat deze antioxiderende eigenschappen werden veroorzaakt door de
stof hexoruninezuur. Op dat moment werd echter geen verband gelegd tussen hexoruninezuur en
scheurbuik of vitamine C. Dit gebeurde pas toen de Amerikaanse onderzoeker Charles Glen
King verkreeg hexoruninezuur van Szent-Györgyi al snel ontdekte dat hexoruninezuur overeenkwam
met een in citrusvruchten voorkomende stof die voorheen vitamine C werd genoemd. Omdat deze stof
een preventieve werking heeft tegen scheurbuik, is de scheikundige naam van deze
stof ascorbinezuur geworden. Hierbij is scorbus Latijn voor scheurbuik en a voor ¨niet¨. Na de uitvinding
over de preventieve werking van vitamine c werd het synthetisch bereidt. Dit werd gedaan omdat het
menselijk lichaam vitamine C niet zelf kan aanmaken en we het daarom apart moeten innemen. Het niet
kunnen aanmaken van vitamine c door het lichaam, heeft te maken met een het missende enzym dat
nodig is voor de laatste stap in de biologische synthese. Vanwege dit laatste feit is het noodzakelijk dat
je voldoende vitamine C binnenkrijgt. Vitamine C is daarom een essentiële voedingsstof. Het innemen
van deze vitamine moet daarom via voeding zoals fruit groente en aardappelen gebeuren. Daarnaast
kan dit ook via een vitaminepil worden ingenomen of bepaalde drankjes.
Vitamine C heeft de molecuulformule C6H8O6. Omdat er meerdere spiegelbeeld-
isomeren van het zuur zijn, heeft deze vorm de naam L-ascorbinezuur gekregen. Deze vorm
kan verschijnen na een interne verestering van 2,3,4,5,6-pentahydroxy-2-hexeenzuur. L ascorbinezuur
wordt echter in planten anders gevormd dan andere organismen die het produceren. De grondstof van
deze formatie is glucose, wordt door allerlei enzymen omgezet in L-ascorbinezuur. Een belangrijke
eigenschap van L-ascorbinezuur is dat het zuur is en daarom als reductor kan werken bij redoxreacties.
L-ascorbinezuur verliest dan twee H+ ionen van de OH-groepen op de koolstofatomen 2 en 3.
2
Naam: Lina Bourbab, Mustapha
Azougarh en Kyrolos Ibrahim
Klas: 5V
Vak: BNS
Docent: Mvr.Bon en
Mvr.Brederode
, Inhoudsopgave
Inleiding ......................................................................................................................................................... 2
Theoretische kader ........................................................................................................................................ 4
Onderzoekersvraag ........................................................................................................................................ 4
Hypothese ...................................................................................................................................................... 4
Materiaal & Methode .................................................................................................................................... 5
Jodometrische titratie................................................................................................................................ 5
Coulometrische titratie .............................................................................................................................. 6
Resultaten ...................................................................................................................................................... 7
Coulometrische titratie: ............................................................................................................................. 7
Jodometrische titratie: .............................................................................................................................. 9
Conclusie en discussie.................................................................................................................................. 12
Conclusie .................................................................................................................................................. 12
Discussie................................................................................................................................................... 13
Nawoord ...................................................................................................................................................... 15
1
, Inleiding
Scheurbuik kwam hoogstwaarschijnlijk voor uit de prehistorie en de oudheid. Het eerste bewijs van de
ziekte dateert van rond 3700 voor Christus. Archeologen hebben sporen van karakteristieke
skeletveranderingen gevonden in de skeletresten van een 1-jarig kind, wat op scheurbuik zou kunnen
wijzen. Skeletten van Britse kinderen tussen 2200 en 1970 v.chr. werden ook bestudeerd. Er werd
gesuggereerd dat de doodsoorzaak van dit kind verband hield met een vitamine C-tekort veroorzaakt
door scheurbuik.
In 1593 was al ontdekt dat citroensap scheurbuik kon voorkomen. Dit werd gedaan door admiraal
Richard Hawkings. Destijds werd gedacht dat de zure aard van fruit scheurbuik kon voorkomen. Dit idee
werd gedurende de hele 19e eeuw als waarheid aangenomen. Pas in 1927, toen Hongaarse
wetenschapper Szent-Györgyi experimenteerde met antioxidanten die hij in de bij nierschors
aantrof, ontdekte hij dat deze antioxiderende eigenschappen werden veroorzaakt door de
stof hexoruninezuur. Op dat moment werd echter geen verband gelegd tussen hexoruninezuur en
scheurbuik of vitamine C. Dit gebeurde pas toen de Amerikaanse onderzoeker Charles Glen
King verkreeg hexoruninezuur van Szent-Györgyi al snel ontdekte dat hexoruninezuur overeenkwam
met een in citrusvruchten voorkomende stof die voorheen vitamine C werd genoemd. Omdat deze stof
een preventieve werking heeft tegen scheurbuik, is de scheikundige naam van deze
stof ascorbinezuur geworden. Hierbij is scorbus Latijn voor scheurbuik en a voor ¨niet¨. Na de uitvinding
over de preventieve werking van vitamine c werd het synthetisch bereidt. Dit werd gedaan omdat het
menselijk lichaam vitamine C niet zelf kan aanmaken en we het daarom apart moeten innemen. Het niet
kunnen aanmaken van vitamine c door het lichaam, heeft te maken met een het missende enzym dat
nodig is voor de laatste stap in de biologische synthese. Vanwege dit laatste feit is het noodzakelijk dat
je voldoende vitamine C binnenkrijgt. Vitamine C is daarom een essentiële voedingsstof. Het innemen
van deze vitamine moet daarom via voeding zoals fruit groente en aardappelen gebeuren. Daarnaast
kan dit ook via een vitaminepil worden ingenomen of bepaalde drankjes.
Vitamine C heeft de molecuulformule C6H8O6. Omdat er meerdere spiegelbeeld-
isomeren van het zuur zijn, heeft deze vorm de naam L-ascorbinezuur gekregen. Deze vorm
kan verschijnen na een interne verestering van 2,3,4,5,6-pentahydroxy-2-hexeenzuur. L ascorbinezuur
wordt echter in planten anders gevormd dan andere organismen die het produceren. De grondstof van
deze formatie is glucose, wordt door allerlei enzymen omgezet in L-ascorbinezuur. Een belangrijke
eigenschap van L-ascorbinezuur is dat het zuur is en daarom als reductor kan werken bij redoxreacties.
L-ascorbinezuur verliest dan twee H+ ionen van de OH-groepen op de koolstofatomen 2 en 3.
2