Week E Leerdoelen
Gezondheidsrecht
Euthanasie; opzettelijk levensbeëindigend handelen door een ander
(alléén artsen) dan de betrokken op diens verzoek.
Hulp bij zelfdoding; het gaat om het behulpzaam zijn bij de zelfdoding of
daartoe middelen verschaffen. Het wordt niet gezien als normaal medisch
handelen en is er geen plicht van de arts om eraan te werken.
Geschiedenis wet- en regelgeving;
1881 - Wetboek van Strafrecht:
- Bepalingen over misdrijven tegen het leven gericht. … schending van de
eerbied aan het menselijk leven in het algemeen verschuldigd, is de
grondslag.
- Doodslag (opzettelijk), moord (opzettelijk en met voorbedachten rade),
levensberoving op verzoek, hulp bij zelfdoding staan in de wet
1973
- Arts geeft moeder op uitdrukkelijk en herhaald verzoek dodelijke injectie.
1984
- Artsen ervaren overmacht in de zin van een noodtoestand vanwege een
conflict van plichten. OM vervolgt terughoudend indien aan richtlijnen
voldaan is.
2001
- Wetgever ontwikkelt een strafuitsluitingsgrond voor artsen. Hierdoor is
het levensbeëindigend handelen op verzoek of de hulp bij zelfdoding
gerechtvaardigd (zorgvuldigheidsvereisten moet aan voldaan zijn).
Art. 293 Wetboek van Strafrecht (m.i.v. 1 april 2002):
1. Hij die opzettelijk het leven van een ander op diens uitdrukkelijk en
ernstig verlangen beëindigt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van
ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie.
2. Het in het eerste lid bedoelde feit is niet strafbaar, indien het is begaan
door een arts die daarbij voldoet aan de zorgvuldigheidseisen, bedoeld in
artikel 2 van de wet … en hiervan mededeling doet aan de gemeentelijke
lijkschouwer overeenkomstig de wet …
Het tweede punt is het Strafuitsluitingsgrond.
De zes zorgvuldigheidseisen;
1. De overtuiging heeft gekregen dat er sprake was van een vrijwillig en
weloverwogen verzoek van de patiënt;
2. De overtuiging heeft gekregen dat er sprake was van uitzichtloos en
ondraaglijk lijden van de patiënt;
3. De patiënt heeft voorgelicht over de situatie waarin deze zich bevond
en over diens vooruitzichten;
4. Met de patiënt tot de overtuiging is gekomen dat er voor de situatie
waarin deze zich bevond geen redelijke andere oplossing was;
5. Ten minste één andere, onafhankelijke arts heeft geraadpleegd, die de
patiënt heeft gezien en schriftelijk zijn oordeel heeft gegeven over de
zorgvuldigheidseisen, bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 4;
Week E
Gezondheidsrecht
Euthanasie; opzettelijk levensbeëindigend handelen door een ander
(alléén artsen) dan de betrokken op diens verzoek.
Hulp bij zelfdoding; het gaat om het behulpzaam zijn bij de zelfdoding of
daartoe middelen verschaffen. Het wordt niet gezien als normaal medisch
handelen en is er geen plicht van de arts om eraan te werken.
Geschiedenis wet- en regelgeving;
1881 - Wetboek van Strafrecht:
- Bepalingen over misdrijven tegen het leven gericht. … schending van de
eerbied aan het menselijk leven in het algemeen verschuldigd, is de
grondslag.
- Doodslag (opzettelijk), moord (opzettelijk en met voorbedachten rade),
levensberoving op verzoek, hulp bij zelfdoding staan in de wet
1973
- Arts geeft moeder op uitdrukkelijk en herhaald verzoek dodelijke injectie.
1984
- Artsen ervaren overmacht in de zin van een noodtoestand vanwege een
conflict van plichten. OM vervolgt terughoudend indien aan richtlijnen
voldaan is.
2001
- Wetgever ontwikkelt een strafuitsluitingsgrond voor artsen. Hierdoor is
het levensbeëindigend handelen op verzoek of de hulp bij zelfdoding
gerechtvaardigd (zorgvuldigheidsvereisten moet aan voldaan zijn).
Art. 293 Wetboek van Strafrecht (m.i.v. 1 april 2002):
1. Hij die opzettelijk het leven van een ander op diens uitdrukkelijk en
ernstig verlangen beëindigt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van
ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie.
2. Het in het eerste lid bedoelde feit is niet strafbaar, indien het is begaan
door een arts die daarbij voldoet aan de zorgvuldigheidseisen, bedoeld in
artikel 2 van de wet … en hiervan mededeling doet aan de gemeentelijke
lijkschouwer overeenkomstig de wet …
Het tweede punt is het Strafuitsluitingsgrond.
De zes zorgvuldigheidseisen;
1. De overtuiging heeft gekregen dat er sprake was van een vrijwillig en
weloverwogen verzoek van de patiënt;
2. De overtuiging heeft gekregen dat er sprake was van uitzichtloos en
ondraaglijk lijden van de patiënt;
3. De patiënt heeft voorgelicht over de situatie waarin deze zich bevond
en over diens vooruitzichten;
4. Met de patiënt tot de overtuiging is gekomen dat er voor de situatie
waarin deze zich bevond geen redelijke andere oplossing was;
5. Ten minste één andere, onafhankelijke arts heeft geraadpleegd, die de
patiënt heeft gezien en schriftelijk zijn oordeel heeft gegeven over de
zorgvuldigheidseisen, bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 4;
Week E