Middeleeuwen:
- God en godsdienst centraal
- Momento mori: gedenk te sterven
Renaissance:
- Individuele mens en zijn capaciteiten. Bestuderen van schrijvers uit Griekse en Romeinse
oudheid
- Herleving van de belangstelling in klassieke cultuur
- Onderzoek van de Bijbel en aandacht voor de volkstaal. Latijn werd taal van de wetenschap
- Carpe diem
- Antropocentrische houding
- Doel kunstenaar: scheppen van schoonheid
- Homo universalis
- Nieuwe genres: helder dicht (epos), tragedie, lofdicht (ode), klaaglied (elegie)
- Translatio, imitatio, aemulatio (vertalen, imiteren en overtreffen)
- Gebonden aan strenge regels, ontleend aan retorica
Barok
- Drama en sonnet
- Veel stijlmiddelen: tegenstellingen, overdrijvingen, herhalingen, veel beeldspraak en
versierende elementen
- Deels voortzetting en deels reactie op renaissance
- Maniërisme: soort protest tegen harmonieuze wereldbeeld van de renaissance-kunstenaars
- ‘On regelmatig gevormde parel’
Renaissance Barok
- Aards gericht - Godsgericht/verbonden met de
katholieke kerk
- Carpe diem - Vanitas
- Kunst van het verstand - Kunst van het gevoel
- Harmonieus, evenwichtig wereldbeeld - Tegenstellingen en gebrek aan harmonie
- Gebonden aan regels - Spanning tussen vrijheid en regels
Sonnet: ontstaan in ItaIië, klink gedicht. Zeer populair in 16 e en 17e eeuw. Invloed van Dante Alighieri
die sonnetten schreef voor zijn geliefde Beatrice, van Petrarca wiens liefdessonneten voor Laura
wereldberoemd werden en van de Franse Pleïadedichters.
- 14 regels, twee kwatrijnen en twee terzinen, 4-4-3-3
- Abba abba cdc dcd
- Volta meestal tussen het octaaf en sextet.
Shakespeare sonnet
- Drie kwatrijnen en een distichon, 4-4-4-2
- Abab cdcd efef gg
Petrarcisme: liefdes klacht of onvervulde liefde. Mannelijk ikfiguur en stereotiepe beschrijvingen
(huid als blanke sneeuw).
Jan van der Noot: 1 van de eerste schrijvers die renaissance elementen gebruikte
- Het Bosken: bundel met liefdesgedichten, sterk beïnvloed door de 14 e-eeuws Italiaanse
dichter Francesco Petrarca. Jan gebruikte nieuwe versvormen, zoals de ode en het sonnet
Renaissancekunstenaars gingen de werken vertalen, nabootsen en zelfs overtreffen.
, Humanisme
Humanisten streven naar veelzijdige ontwikkeling van de mens: intellectuele vorming en
karaktervorming. De aanhangers hielden zich bezig met:
- Bestuderen van de klassieken (Romeinse en Griekse auteurs)
- Het opnieuw uitgeven van hun werken
- Samenstellen van studieboeken voor Latijnse scholen -> Latijn en de klassieke wijsheid
propageren
Belangrijke humanisten uit die tijd (14 e eeuw): Dante Alighieri, Francesco Petrarca en Giovanni
Boccaccio
Bloeitijd in Nederland in de 16e eeuw, met als centra de universiteiten van Leuven, Leiden en
Deventer.
Desiderius Erasmus uit Rotterdam: belangrijkste Nederlandse humanist is. Hij ontwikkelde zich tot
geleerde en schreef uitsluitend in het Latijn. Zijn beroemdste werk is Lof der Zotheid. Hiermee wilde
hij de ogen van de mensen openen voor de schijnheiligheid en leugenachtigheid die het bestaan
beheersen. Andere humanisten
- Dirck Volkertszoon Coornhert: schreef het eerste handboek over ethiek: zedekunst, dat is
wellevenskunste. Hij schreef dit in de volkstaal
- Hendrik Laurensz Spieghel: schreef het wijsgerige, zedenkundige gedicht Hertspieghel en zijn
taalkundeboek Tweespraek van de Nederduitsche Letterkunst.
Er ontstond een culturele elite van schrijvers en geleerden die regelmatig samenkwamen. Zij keken
neer op de rederijkers – dat waren maar rijmelaars die als groep opereerden.
Reformatie en contrareformatie
Reformatie: een beweging op godsdienstig gebied die zich keerde tegen de absolute mach van de
katholieke kerk en de misstanden binnen die kerk, zoals corruptie en de handel in aflaten. Leidende
figuren waren de kerkhervormers Maarten Luther en Johannes Calvijn. Calvijn zijn opvattingen
vormden de basis van de Nederduytch Hervormde Kerk. De Rooms-katholieke kerk vormde een
contrareformatie, met belang voor de inquisitie wat leidde tot vervolging van ‘hervormden’ en
verbranding van ‘heksen’ en ‘ketters’.
Een Reformatorisch pamflet uit deze tijd was bijvoorbeeld De Byencorf der Heilige Roomse Kerke van
Philip van Marnix, heer van St. Aldegonde. Hij sprak daarin over de gang van zaken in de katholieke
kerk. Anna Bijns viel op venijnige en bittere toon de hervormer Luther andere ‘protestanten’ aan.
De godsdienstige strijd leverde ook bewerkingen van de psalmen en bijbelvertalingen op. Een aantal
protestantse liederen verschenen in het Geuzenliedboek. Later verscheen de Nederlandsche
Gedenck-clanck van Adriaan Valerius. Het bekendste geuzenlied is het Wilhelmus, geschreven door
Philip van Marnix.
Naast de ‘elitaire literatuur’ ontstonden er ook volksboeken met prozavorm navertelde
ridderverhalen en verhalen over wonderbaarlijke reizen, tovenaars, duivels, vorsten en geestelijken.
Amsterdam ontwikkelde zich tot handelscentrum. Grote ondernemingen waren de Verenigde Oost-
Indische Compagnie (VOC) en West-Indische Compagnie (WIC). In 1617 werd de Nederduytsche
Academie opgericht, die zich richtte op het verzorgen van kwaliteitstitel en hoger onderwijs in de
volkstaal en was bedoeld als concurrent van de rederijkerskamers. In 1632 volgde de oprichting van
het Atheneum Illustre, de voorloper van de universiteit. In 1637 kreeg Amsterdam de eerste
professionele schouwburg. In de 17e eeuw werden ook reisbeschrijvingen, bijbeluitleggingen,
geschiedenisboeken en andere non-fictie werken tot ‘de letteren’ gerekend. Literatuur was toen
breed.
In 1648 eindigde de oorlog tegen Spanje met de vrede van Münster. Nederland werd door Spanje
erkend al soevereine staat. Vriendjespolitiek zorgde ervoor dat corruptie toenam. Uit de
economische concurrentiestrijd tussen de Republiek en Engeland kwamen 4 zeeoorlogen voort, waar
we Michiel de Ruyter en Maarten Tromp van kennen. Nederland kreeg meer Europese Staten als
vijand, wat leidde tot het rampjaar van 1672.
- God en godsdienst centraal
- Momento mori: gedenk te sterven
Renaissance:
- Individuele mens en zijn capaciteiten. Bestuderen van schrijvers uit Griekse en Romeinse
oudheid
- Herleving van de belangstelling in klassieke cultuur
- Onderzoek van de Bijbel en aandacht voor de volkstaal. Latijn werd taal van de wetenschap
- Carpe diem
- Antropocentrische houding
- Doel kunstenaar: scheppen van schoonheid
- Homo universalis
- Nieuwe genres: helder dicht (epos), tragedie, lofdicht (ode), klaaglied (elegie)
- Translatio, imitatio, aemulatio (vertalen, imiteren en overtreffen)
- Gebonden aan strenge regels, ontleend aan retorica
Barok
- Drama en sonnet
- Veel stijlmiddelen: tegenstellingen, overdrijvingen, herhalingen, veel beeldspraak en
versierende elementen
- Deels voortzetting en deels reactie op renaissance
- Maniërisme: soort protest tegen harmonieuze wereldbeeld van de renaissance-kunstenaars
- ‘On regelmatig gevormde parel’
Renaissance Barok
- Aards gericht - Godsgericht/verbonden met de
katholieke kerk
- Carpe diem - Vanitas
- Kunst van het verstand - Kunst van het gevoel
- Harmonieus, evenwichtig wereldbeeld - Tegenstellingen en gebrek aan harmonie
- Gebonden aan regels - Spanning tussen vrijheid en regels
Sonnet: ontstaan in ItaIië, klink gedicht. Zeer populair in 16 e en 17e eeuw. Invloed van Dante Alighieri
die sonnetten schreef voor zijn geliefde Beatrice, van Petrarca wiens liefdessonneten voor Laura
wereldberoemd werden en van de Franse Pleïadedichters.
- 14 regels, twee kwatrijnen en twee terzinen, 4-4-3-3
- Abba abba cdc dcd
- Volta meestal tussen het octaaf en sextet.
Shakespeare sonnet
- Drie kwatrijnen en een distichon, 4-4-4-2
- Abab cdcd efef gg
Petrarcisme: liefdes klacht of onvervulde liefde. Mannelijk ikfiguur en stereotiepe beschrijvingen
(huid als blanke sneeuw).
Jan van der Noot: 1 van de eerste schrijvers die renaissance elementen gebruikte
- Het Bosken: bundel met liefdesgedichten, sterk beïnvloed door de 14 e-eeuws Italiaanse
dichter Francesco Petrarca. Jan gebruikte nieuwe versvormen, zoals de ode en het sonnet
Renaissancekunstenaars gingen de werken vertalen, nabootsen en zelfs overtreffen.
, Humanisme
Humanisten streven naar veelzijdige ontwikkeling van de mens: intellectuele vorming en
karaktervorming. De aanhangers hielden zich bezig met:
- Bestuderen van de klassieken (Romeinse en Griekse auteurs)
- Het opnieuw uitgeven van hun werken
- Samenstellen van studieboeken voor Latijnse scholen -> Latijn en de klassieke wijsheid
propageren
Belangrijke humanisten uit die tijd (14 e eeuw): Dante Alighieri, Francesco Petrarca en Giovanni
Boccaccio
Bloeitijd in Nederland in de 16e eeuw, met als centra de universiteiten van Leuven, Leiden en
Deventer.
Desiderius Erasmus uit Rotterdam: belangrijkste Nederlandse humanist is. Hij ontwikkelde zich tot
geleerde en schreef uitsluitend in het Latijn. Zijn beroemdste werk is Lof der Zotheid. Hiermee wilde
hij de ogen van de mensen openen voor de schijnheiligheid en leugenachtigheid die het bestaan
beheersen. Andere humanisten
- Dirck Volkertszoon Coornhert: schreef het eerste handboek over ethiek: zedekunst, dat is
wellevenskunste. Hij schreef dit in de volkstaal
- Hendrik Laurensz Spieghel: schreef het wijsgerige, zedenkundige gedicht Hertspieghel en zijn
taalkundeboek Tweespraek van de Nederduitsche Letterkunst.
Er ontstond een culturele elite van schrijvers en geleerden die regelmatig samenkwamen. Zij keken
neer op de rederijkers – dat waren maar rijmelaars die als groep opereerden.
Reformatie en contrareformatie
Reformatie: een beweging op godsdienstig gebied die zich keerde tegen de absolute mach van de
katholieke kerk en de misstanden binnen die kerk, zoals corruptie en de handel in aflaten. Leidende
figuren waren de kerkhervormers Maarten Luther en Johannes Calvijn. Calvijn zijn opvattingen
vormden de basis van de Nederduytch Hervormde Kerk. De Rooms-katholieke kerk vormde een
contrareformatie, met belang voor de inquisitie wat leidde tot vervolging van ‘hervormden’ en
verbranding van ‘heksen’ en ‘ketters’.
Een Reformatorisch pamflet uit deze tijd was bijvoorbeeld De Byencorf der Heilige Roomse Kerke van
Philip van Marnix, heer van St. Aldegonde. Hij sprak daarin over de gang van zaken in de katholieke
kerk. Anna Bijns viel op venijnige en bittere toon de hervormer Luther andere ‘protestanten’ aan.
De godsdienstige strijd leverde ook bewerkingen van de psalmen en bijbelvertalingen op. Een aantal
protestantse liederen verschenen in het Geuzenliedboek. Later verscheen de Nederlandsche
Gedenck-clanck van Adriaan Valerius. Het bekendste geuzenlied is het Wilhelmus, geschreven door
Philip van Marnix.
Naast de ‘elitaire literatuur’ ontstonden er ook volksboeken met prozavorm navertelde
ridderverhalen en verhalen over wonderbaarlijke reizen, tovenaars, duivels, vorsten en geestelijken.
Amsterdam ontwikkelde zich tot handelscentrum. Grote ondernemingen waren de Verenigde Oost-
Indische Compagnie (VOC) en West-Indische Compagnie (WIC). In 1617 werd de Nederduytsche
Academie opgericht, die zich richtte op het verzorgen van kwaliteitstitel en hoger onderwijs in de
volkstaal en was bedoeld als concurrent van de rederijkerskamers. In 1632 volgde de oprichting van
het Atheneum Illustre, de voorloper van de universiteit. In 1637 kreeg Amsterdam de eerste
professionele schouwburg. In de 17e eeuw werden ook reisbeschrijvingen, bijbeluitleggingen,
geschiedenisboeken en andere non-fictie werken tot ‘de letteren’ gerekend. Literatuur was toen
breed.
In 1648 eindigde de oorlog tegen Spanje met de vrede van Münster. Nederland werd door Spanje
erkend al soevereine staat. Vriendjespolitiek zorgde ervoor dat corruptie toenam. Uit de
economische concurrentiestrijd tussen de Republiek en Engeland kwamen 4 zeeoorlogen voort, waar
we Michiel de Ruyter en Maarten Tromp van kennen. Nederland kreeg meer Europese Staten als
vijand, wat leidde tot het rampjaar van 1672.