HC 1. Literatuur: hoofdstuk 1 & 2
Wat is ontwikkelingspsychologie?
Houdt zich bezig met de ontwikkeling en verandering van mensen. Hoe hangen vroegere gebeurtenissen
binnen de ontwikkeling samen met latere uitkomsten.
Nature (nativism)
Nurture (empiricism)
Modellen van ontwikkeling
• Continu
• Discontinu
• Overlapping waves → je gebruikt een strategie totdat je een andere strategie kent
Critical & sensitive period
• Critical period is een periode/leeftijd waarbinnen een gebeurtenis noodzakelijk is voor de
typische ontwikkeling
• Sensitive period is een periode/leeftijd waarbinnen een gebeurtenis belangrijk is voor de
typische ontwikkeling. Zonder de gebeurtenis kan de typische ontwikkeling nog wel gebeuren.
Model van bronfenbrenner (de uienringen met alle omgevings plekken)
Omgeving als nurture
• Micro systeem → systemen die direct invloed hebben op het kind/ verschillende opvoedmilieus;
bijv het gezin, school, sportverenigingen
• Mesosysteem → relaties tussen de verschillende groepen uit het micro systeem
(dus indirecte impact op kind)
• Exosysteem → factoren die het leven van het kind beïnvloeden, zoals de televisie, de krant, de
vrienden van ouders, de klas waarin een broertje/zusje zit
• Macrosysteem → samenlevingsniveau, algemeen heersende opvattingen; bijv. de wetgeving,
het geloof
• Chronosysteem → de tijd (in welke tijd leef je)
Belangrijke theorieën
Ontwikkelingsstadia van Freud
Fase Problemen (fixatie)
Oraal (0-1) Plezier door dingen in de mond te stoppen Teveel eten, roken, nagelbijten
Anaal (1-3) Ego is ontwikkeld. Kind merkt dat het niet overal Te streng zorgt voor
mag poepen. Plezier door poepen/poep verzamelen, gierigheid →
ophouden symbolisch voor poep
ophouden
Te makkelijk zijn zorgt voor
ongeorganiseerd en geven alles
we → symbolisch voor overal
poepen
Fallisch (3- Plezier uit genitalen, sesuele aantrekking tot Problemen met autoriteit en
5/6) ouder van ander geslacht. Jaloezie tov ouder met relaties
hetzelfde geslacht. Angst en verdrukking,
waarna het kind zich identificeert met de ouder
met hetzelfde geslacht
, Latent (5/6 tot Vrede, focus op opleiding, vriendschap
adolescentie)
Genitaal Plezier weer uit genitalen
Ontwikkelingsstadia van Erikson
Leeftijd Fase Taak & risico
0-1 Infancy Vertrouwen in anderen en zelf / wantrouwen en slecht zelfbeeld
1-3 Early childhood Zelfcontrole en autonomie / schaamte en twijfel over kunnen
3-6 Play age Initiatief / schuldgevoelens over agressie en durf
6-12 School age Vlijt / minderwaardigheid omdat het kind voelt dat het taken niet
aankan
12-20 Adolescence Identiteit ontwikkelen / twijfel over identiteit
20-30 Young adulthood Intimiteit / isolement
30-65 Adulthood generativiteit-doorgeven / stagnatie
65+ Mature age Integriteit / wanhoop
Classical en Operant conditioning van Watson en Skinner
• Ontwikkeling als leerprocess
• Angsten (klassiek)
• Voorkeuren en aversies (klassiek)
• Vrijwillig gedrag → verlegenheid, woede-aanvallen, fietsen, etc.
• Bijna uitsluitend gericht op nurture
Maturational theory van Gesell en McGraw
• Evolutie geeft ons een biologische agenda in ons DNA
• Door de agenda komen vaardigheden vanzelf te voorschijn in een vaste volgorde
Ethologische theorie van Konrad Lorenz
• Imprinting (ganzen) → biologische en plotselinge vorm attachment
• Kritieke Periode → het is essentieel dat het gebeurtenis plaatsvindt binnen de kritieke periode,
anders treedt het gedrag, ganzen volgen mensen, niet op.
Maternal deprivation van John Bowlby
• Inspiratie uit Freud en ethologische methode
• Scheiding van moeder leidt tot probleemgedrag, moeilijke relaties met anderen en psychopathie
• In de kritieke fase is het belangrijk om een goede band te hebben met de moeder, dat is nodig
voor een goede ontwikkeling
_________________________________________________________________________
HC 2. Literatuur: hoofdstuk 4 & 5
_________________________________________________________________________
HC 3. Ontwikkeling van zicht en taal Literatuur: hoofdstuk 6 & 8
Habituatie (betekenis → wennen aan prikkels)
, Het process dat een baby dezelfde figuren te zien krijgt, de tijd krijgt om te wennen aan het figuur en
vervolgens interesse verliest. Als er een nieuwe vorm wordt laten zien, heeft de baby voorkeur om naar
de nieuwe vorm te kijken
Hoe complexer de vorm → hoe langer de baby blijft kijken
Resultaten experimenten
• 1 uur na de geboorte lijkt een baby langer naar het gezicht van iemand, dan naar een figuur
• Pasgeboren babys hebben voorkeur voor ogen die naar hen kijken
Crossmodal matching (pasgeboren - 4 maanden)
• Het koppelen van verschillende zintuigen aan elkaar
• Op 4 maanden koppelen baby’s al hun zintuigen met elkaar en zoeken naar scenario's waarin
het klopt. → als een baby twee pratende gezichten ziet, kijkt de baby liever naar het gezicht
waarbij de lippen synchroon lopen met het geluid
Visual cliff (diepte zien)
• in 1960 getest met babys die kunnen kruipen, het resultaat:
• 6 tot 14 maanden: babys kruipen niet over glas
→ dat suggereert dat babys wel diepte kunnen zien
• In 2000 getest met babys die nog niet kunnen kruipen, het resultaat:
• 1,5 maand oude babys hebben lagere hartslag op glas
• Wel al kruipende babys hebben een hogere harslag op het glas
Lage hartslag bij babys geeft aan dat ze nieuwsgierig zijn en hoge hartslag geeft aan dat babys
bang/angstig zijn
Studie van Meltzoff en Moore (1997)
Bij babys van 12 tot 21 dagen oud werden er gekke bekken gezichten gemaakt
Conclusie was dat babys duidelijk gezichtsuitdrukkingen nadoen
• replicatie studies hebben heeft laten zien dat zulke jonge babys dat eigenlijk helemaal niet
kunnen
• Kritiek op studie → de onderzoekers hebben veels te lang gewacht om de gezichtsuitdrukkingen
na te doen
Reflexen baby
• Reflexen kunnen verdwijnen na een aantal maanden
• Afwezigheid van een reflex kan duiden op een stoornis of beschadiging
• Na een aantal maanden verschijnen sommige reflexen weer (soms in meer gericht en
perfectionistische vorm)
• Reflexen van een baby zijn met een U te vergelijken → baby laat reflexen zien, reflexen
verdwijnen en later zijn de reflexen er weer
Waarom verdwijnen reflexen?
• Volgens Gesell (maturational theory) is de U-vorm genetisch gecodeerd
• Dynamics system zegt juist dat de stapreflex wegvalt omdat de benen van de baby te zwaar
worden. Met de juiste ondersteuning kan de baby de reflex wel tonen
Hoe leren kinderen taal?
• Sociale leertheorie
• Skinner → kinderen leren taal door middel van shaping en positive reinforcement
• Bandura → dat kinderen taal leren door imitatie
• Nativism
• Noam Chomsky: Language acquisition device → mensen zijn ‘voorgeprogrammeerd’
om taal te leren
Wat is ontwikkelingspsychologie?
Houdt zich bezig met de ontwikkeling en verandering van mensen. Hoe hangen vroegere gebeurtenissen
binnen de ontwikkeling samen met latere uitkomsten.
Nature (nativism)
Nurture (empiricism)
Modellen van ontwikkeling
• Continu
• Discontinu
• Overlapping waves → je gebruikt een strategie totdat je een andere strategie kent
Critical & sensitive period
• Critical period is een periode/leeftijd waarbinnen een gebeurtenis noodzakelijk is voor de
typische ontwikkeling
• Sensitive period is een periode/leeftijd waarbinnen een gebeurtenis belangrijk is voor de
typische ontwikkeling. Zonder de gebeurtenis kan de typische ontwikkeling nog wel gebeuren.
Model van bronfenbrenner (de uienringen met alle omgevings plekken)
Omgeving als nurture
• Micro systeem → systemen die direct invloed hebben op het kind/ verschillende opvoedmilieus;
bijv het gezin, school, sportverenigingen
• Mesosysteem → relaties tussen de verschillende groepen uit het micro systeem
(dus indirecte impact op kind)
• Exosysteem → factoren die het leven van het kind beïnvloeden, zoals de televisie, de krant, de
vrienden van ouders, de klas waarin een broertje/zusje zit
• Macrosysteem → samenlevingsniveau, algemeen heersende opvattingen; bijv. de wetgeving,
het geloof
• Chronosysteem → de tijd (in welke tijd leef je)
Belangrijke theorieën
Ontwikkelingsstadia van Freud
Fase Problemen (fixatie)
Oraal (0-1) Plezier door dingen in de mond te stoppen Teveel eten, roken, nagelbijten
Anaal (1-3) Ego is ontwikkeld. Kind merkt dat het niet overal Te streng zorgt voor
mag poepen. Plezier door poepen/poep verzamelen, gierigheid →
ophouden symbolisch voor poep
ophouden
Te makkelijk zijn zorgt voor
ongeorganiseerd en geven alles
we → symbolisch voor overal
poepen
Fallisch (3- Plezier uit genitalen, sesuele aantrekking tot Problemen met autoriteit en
5/6) ouder van ander geslacht. Jaloezie tov ouder met relaties
hetzelfde geslacht. Angst en verdrukking,
waarna het kind zich identificeert met de ouder
met hetzelfde geslacht
, Latent (5/6 tot Vrede, focus op opleiding, vriendschap
adolescentie)
Genitaal Plezier weer uit genitalen
Ontwikkelingsstadia van Erikson
Leeftijd Fase Taak & risico
0-1 Infancy Vertrouwen in anderen en zelf / wantrouwen en slecht zelfbeeld
1-3 Early childhood Zelfcontrole en autonomie / schaamte en twijfel over kunnen
3-6 Play age Initiatief / schuldgevoelens over agressie en durf
6-12 School age Vlijt / minderwaardigheid omdat het kind voelt dat het taken niet
aankan
12-20 Adolescence Identiteit ontwikkelen / twijfel over identiteit
20-30 Young adulthood Intimiteit / isolement
30-65 Adulthood generativiteit-doorgeven / stagnatie
65+ Mature age Integriteit / wanhoop
Classical en Operant conditioning van Watson en Skinner
• Ontwikkeling als leerprocess
• Angsten (klassiek)
• Voorkeuren en aversies (klassiek)
• Vrijwillig gedrag → verlegenheid, woede-aanvallen, fietsen, etc.
• Bijna uitsluitend gericht op nurture
Maturational theory van Gesell en McGraw
• Evolutie geeft ons een biologische agenda in ons DNA
• Door de agenda komen vaardigheden vanzelf te voorschijn in een vaste volgorde
Ethologische theorie van Konrad Lorenz
• Imprinting (ganzen) → biologische en plotselinge vorm attachment
• Kritieke Periode → het is essentieel dat het gebeurtenis plaatsvindt binnen de kritieke periode,
anders treedt het gedrag, ganzen volgen mensen, niet op.
Maternal deprivation van John Bowlby
• Inspiratie uit Freud en ethologische methode
• Scheiding van moeder leidt tot probleemgedrag, moeilijke relaties met anderen en psychopathie
• In de kritieke fase is het belangrijk om een goede band te hebben met de moeder, dat is nodig
voor een goede ontwikkeling
_________________________________________________________________________
HC 2. Literatuur: hoofdstuk 4 & 5
_________________________________________________________________________
HC 3. Ontwikkeling van zicht en taal Literatuur: hoofdstuk 6 & 8
Habituatie (betekenis → wennen aan prikkels)
, Het process dat een baby dezelfde figuren te zien krijgt, de tijd krijgt om te wennen aan het figuur en
vervolgens interesse verliest. Als er een nieuwe vorm wordt laten zien, heeft de baby voorkeur om naar
de nieuwe vorm te kijken
Hoe complexer de vorm → hoe langer de baby blijft kijken
Resultaten experimenten
• 1 uur na de geboorte lijkt een baby langer naar het gezicht van iemand, dan naar een figuur
• Pasgeboren babys hebben voorkeur voor ogen die naar hen kijken
Crossmodal matching (pasgeboren - 4 maanden)
• Het koppelen van verschillende zintuigen aan elkaar
• Op 4 maanden koppelen baby’s al hun zintuigen met elkaar en zoeken naar scenario's waarin
het klopt. → als een baby twee pratende gezichten ziet, kijkt de baby liever naar het gezicht
waarbij de lippen synchroon lopen met het geluid
Visual cliff (diepte zien)
• in 1960 getest met babys die kunnen kruipen, het resultaat:
• 6 tot 14 maanden: babys kruipen niet over glas
→ dat suggereert dat babys wel diepte kunnen zien
• In 2000 getest met babys die nog niet kunnen kruipen, het resultaat:
• 1,5 maand oude babys hebben lagere hartslag op glas
• Wel al kruipende babys hebben een hogere harslag op het glas
Lage hartslag bij babys geeft aan dat ze nieuwsgierig zijn en hoge hartslag geeft aan dat babys
bang/angstig zijn
Studie van Meltzoff en Moore (1997)
Bij babys van 12 tot 21 dagen oud werden er gekke bekken gezichten gemaakt
Conclusie was dat babys duidelijk gezichtsuitdrukkingen nadoen
• replicatie studies hebben heeft laten zien dat zulke jonge babys dat eigenlijk helemaal niet
kunnen
• Kritiek op studie → de onderzoekers hebben veels te lang gewacht om de gezichtsuitdrukkingen
na te doen
Reflexen baby
• Reflexen kunnen verdwijnen na een aantal maanden
• Afwezigheid van een reflex kan duiden op een stoornis of beschadiging
• Na een aantal maanden verschijnen sommige reflexen weer (soms in meer gericht en
perfectionistische vorm)
• Reflexen van een baby zijn met een U te vergelijken → baby laat reflexen zien, reflexen
verdwijnen en later zijn de reflexen er weer
Waarom verdwijnen reflexen?
• Volgens Gesell (maturational theory) is de U-vorm genetisch gecodeerd
• Dynamics system zegt juist dat de stapreflex wegvalt omdat de benen van de baby te zwaar
worden. Met de juiste ondersteuning kan de baby de reflex wel tonen
Hoe leren kinderen taal?
• Sociale leertheorie
• Skinner → kinderen leren taal door middel van shaping en positive reinforcement
• Bandura → dat kinderen taal leren door imitatie
• Nativism
• Noam Chomsky: Language acquisition device → mensen zijn ‘voorgeprogrammeerd’
om taal te leren