NEDERLANDS – BOEKVERSLAG 2 – 2022
I Bibliografische gegevens
• Carl Friedman
• Tralievader (1991)
• Amsterdam
• Vijftiende druk november 2010
• Uitgeverij G.A. van Oorschot
• 119 pagina’s
• voor mijn zoon Aron
II Vertelinstantie
In het boek Tralievader zijn er twee vertelinstanties, van de ik-persoon (waarvan de naam
onbekend is) en van het personage Jochel.
De eerste vertelinstantie is een belevende ik-verteller, het verhaal wordt vanuit zijn
perspectief verteld.
, ‘Ik zit op het bed van Simon en kijk naar de lucht. Het zwart is zwarter dan anders, het zuigt
mij bijna op.’ Blz. 15
Bij dit citaat voelt het voor hem dat hij wordt opgezogen, wat uiteraard niet het geval is. Je
merkt door dit citaat dat het een belevende ik-verteller is omdat je meekrijgt hoe hij zich
voelt.
‘Wanneer ik over de oorlog praat, doet de juffrouw alsof ik achterlijk ben.’ Blz. 85
Bij dit citaat voelt het voor hem alsof hij niet serieus wordt genomen en als achterlijk wordt
gezien, maar het kan ook zijn dat hij dit zo voelt. Je merkt door dit citaat dat het een
belevende ik-verteller is omdat je meekrijgt hoe hij denkt dat hij wordt gezien.
‘Hij heeft nog steeds kamp, vooral in zijn gezicht. Niet zozeer in zijn neus of in zijn oren,
hoewel die er groot genoeg voor zijn, maar in zijn ogen’ Blz. 5
Je merkt door dit citaat dat het een belevende ik-verteller is omdat je meekrijgt wat hij vindt.
De tweede vertelinstantie is een achteraf vertellende-ik, dat zijn de delen uit het boek waar
de vader
(Jochel) verteld over alles wat hij heeft meegemaakt in het concentratiekamp.
‘’ Jawel, maar ze deden alles om zich bij de SS geliefd te maken. Hielenlikkers waren het,
net als de Oekraïeners.’ Blz. 33
Je weet dat dit een achteraf vertellende-ik is, omdat het in de verleden tijd wordt verteld en
hij laat weten wat hij vindt van de Oekraïeners.
‘In het donker vluchtte ik naar een veld.’ Blz. 59
Je weet dat dit een achteraf vertellende-ik is, omdat het in de verleden tijd wordt verteld en
hij verteld dat hij moest vluchten dus hij voelde zich niet veilig, dus je krijgt weer mee hoe hij
zich voelt.
‘Ik zette mij dus schrap, maar tot mijn verbazing haakte hij de lepel weer aan zijn riem vast.’
Blz. 68
Je weet dat dit een achteraf vertellende-ik is, omdat het in de verleden tijd wordt verteld en
omdat je merkt dat hij verbaasd is dus je weet hoe hij zich op dat moment voelt.
III Personages
Jochel
Er zijn geen gegevens over het uiterlijk of de leeftijd van Jochel gegeven, maar er is
wel bekend dat Jochel vader is van 3 kinderen. Ik vermoed daarom dat zijn leeftijd 43
is.
I Bibliografische gegevens
• Carl Friedman
• Tralievader (1991)
• Amsterdam
• Vijftiende druk november 2010
• Uitgeverij G.A. van Oorschot
• 119 pagina’s
• voor mijn zoon Aron
II Vertelinstantie
In het boek Tralievader zijn er twee vertelinstanties, van de ik-persoon (waarvan de naam
onbekend is) en van het personage Jochel.
De eerste vertelinstantie is een belevende ik-verteller, het verhaal wordt vanuit zijn
perspectief verteld.
, ‘Ik zit op het bed van Simon en kijk naar de lucht. Het zwart is zwarter dan anders, het zuigt
mij bijna op.’ Blz. 15
Bij dit citaat voelt het voor hem dat hij wordt opgezogen, wat uiteraard niet het geval is. Je
merkt door dit citaat dat het een belevende ik-verteller is omdat je meekrijgt hoe hij zich
voelt.
‘Wanneer ik over de oorlog praat, doet de juffrouw alsof ik achterlijk ben.’ Blz. 85
Bij dit citaat voelt het voor hem alsof hij niet serieus wordt genomen en als achterlijk wordt
gezien, maar het kan ook zijn dat hij dit zo voelt. Je merkt door dit citaat dat het een
belevende ik-verteller is omdat je meekrijgt hoe hij denkt dat hij wordt gezien.
‘Hij heeft nog steeds kamp, vooral in zijn gezicht. Niet zozeer in zijn neus of in zijn oren,
hoewel die er groot genoeg voor zijn, maar in zijn ogen’ Blz. 5
Je merkt door dit citaat dat het een belevende ik-verteller is omdat je meekrijgt wat hij vindt.
De tweede vertelinstantie is een achteraf vertellende-ik, dat zijn de delen uit het boek waar
de vader
(Jochel) verteld over alles wat hij heeft meegemaakt in het concentratiekamp.
‘’ Jawel, maar ze deden alles om zich bij de SS geliefd te maken. Hielenlikkers waren het,
net als de Oekraïeners.’ Blz. 33
Je weet dat dit een achteraf vertellende-ik is, omdat het in de verleden tijd wordt verteld en
hij laat weten wat hij vindt van de Oekraïeners.
‘In het donker vluchtte ik naar een veld.’ Blz. 59
Je weet dat dit een achteraf vertellende-ik is, omdat het in de verleden tijd wordt verteld en
hij verteld dat hij moest vluchten dus hij voelde zich niet veilig, dus je krijgt weer mee hoe hij
zich voelt.
‘Ik zette mij dus schrap, maar tot mijn verbazing haakte hij de lepel weer aan zijn riem vast.’
Blz. 68
Je weet dat dit een achteraf vertellende-ik is, omdat het in de verleden tijd wordt verteld en
omdat je merkt dat hij verbaasd is dus je weet hoe hij zich op dat moment voelt.
III Personages
Jochel
Er zijn geen gegevens over het uiterlijk of de leeftijd van Jochel gegeven, maar er is
wel bekend dat Jochel vader is van 3 kinderen. Ik vermoed daarom dat zijn leeftijd 43
is.