1, Bewegingen vastleggen
Er zijn verschillende manieren om een beweging vast te leggen
-Bewegingen filmen:
Je kunt een beweging vastleggen door het bewegende voorwerp te filmen met een
videocamera. In de camera wordt een serie beelden met korte tussenpozen opgeslagen,
een video-opname.
-Stroboscopische foto’s maken:
Je kunt ook een beweging vastleggen door een stroboscopische foto,
Zo’n foto maak je in een donkere kamer, met een stroboscopische lamp; een lamp die met
regelmatige tussenpozen een korte lichtflits geeft, de tijd tussen twee flitsen kun je instellen.
De lens van de fototoestel bij zo’n foto moet open staan, en je hebt een meetlat of een ander
voorwerp waarvan je de afmetingen kent; daarmee kun je aangeven wat de schaal van het
beeld is. Elke keer dat de stroboscopische lamp een flits geeft, wordt een moment-opname
van de beweging vastgelegd, die komen alleen samen op een foto terecht.
-Een plaats-tijdtabel invullen
Je kunt rechtlijnige bewegingen analyseren door een plaats-tijdtabel te maken, de gegevens
voor zo’n tabel haal je uit een stroboscopische foto of video-opname, je met wel dan weten
=met welke tussenpozen de momentopnames zijn gemaakt
=hoe groot de afstanden op de beelden in werkelijkheid zijn
-Een plaats-tijddiagram tekenen
Met een plaats-tijdtabel kan je een grafiek tekenen, zo’n grafiek heet een plaats-tijddiagram
of (x,t)-diagram, de letter x staat hier voor plaats, en de letter t voor tijd. De letter x staat
meestal op de y-as, en de letter t meestal op de x-as. Je kunt bij zo’n grafiek bij elk tijdstip
de bijbehorende plaats aflezen, en andersom.
§2,Gemiddelde snelheid.
-De gemiddelde snelheid bereken.
Je kunt de gemiddelde snelheid berekenen door de afgelegde afstand te delen door de tijd
die ervoor nodig was
Er zijn verschillende manieren om een beweging vast te leggen
-Bewegingen filmen:
Je kunt een beweging vastleggen door het bewegende voorwerp te filmen met een
videocamera. In de camera wordt een serie beelden met korte tussenpozen opgeslagen,
een video-opname.
-Stroboscopische foto’s maken:
Je kunt ook een beweging vastleggen door een stroboscopische foto,
Zo’n foto maak je in een donkere kamer, met een stroboscopische lamp; een lamp die met
regelmatige tussenpozen een korte lichtflits geeft, de tijd tussen twee flitsen kun je instellen.
De lens van de fototoestel bij zo’n foto moet open staan, en je hebt een meetlat of een ander
voorwerp waarvan je de afmetingen kent; daarmee kun je aangeven wat de schaal van het
beeld is. Elke keer dat de stroboscopische lamp een flits geeft, wordt een moment-opname
van de beweging vastgelegd, die komen alleen samen op een foto terecht.
-Een plaats-tijdtabel invullen
Je kunt rechtlijnige bewegingen analyseren door een plaats-tijdtabel te maken, de gegevens
voor zo’n tabel haal je uit een stroboscopische foto of video-opname, je met wel dan weten
=met welke tussenpozen de momentopnames zijn gemaakt
=hoe groot de afstanden op de beelden in werkelijkheid zijn
-Een plaats-tijddiagram tekenen
Met een plaats-tijdtabel kan je een grafiek tekenen, zo’n grafiek heet een plaats-tijddiagram
of (x,t)-diagram, de letter x staat hier voor plaats, en de letter t voor tijd. De letter x staat
meestal op de y-as, en de letter t meestal op de x-as. Je kunt bij zo’n grafiek bij elk tijdstip
de bijbehorende plaats aflezen, en andersom.
§2,Gemiddelde snelheid.
-De gemiddelde snelheid bereken.
Je kunt de gemiddelde snelheid berekenen door de afgelegde afstand te delen door de tijd
die ervoor nodig was