Hoofdstuk 4 Kwetsbare doelgroepen
Er zijn drie soorten gezondheidsvaardigheden:
1. Functionele gezondheidsvaardigheden: kan iemand lezen, schrijven en rekenen? Dit
is bijvoorbeeld van belang om een eetdagboek bij te kunnen houden.
2. Interactieve gezondheidsvaardigheden: in hoeverre is iemand in staat om
gezondheidsinformatie te verkrijgen en uit te wisselen? In de interactie met de
zorgverlener is het bijvoorbeeld van belang om vragen te stellen en om de juiste en
relevante informatie te verstrekken bij het beantwoorden van vragen van de
zorgverlener.
3. Kritische gezondheidsvaardigheden: is iemand in staat om informatie kritisch te
analyseren en te gebruiken? Een diabetespatiënt moet bijvoorbeeld in staat zijn om
bloedglucosewaarden te meten, te interpreteren en de juiste actie te ondernemen
als de waarden niet goed zijn.
Mensen met minder gezondheidsvaardigheden zijn minder gezond. Ze hebben vaker last van
bijvoorbeeld astma, diabetes, kanker, hartinfarcten en psychische aandoeningen. Daar zijn
een aantal verklaringen voor. Door problemen met het lezen en begrijpen van
gezondheidsinformatie is er een gebrek aan kennis.
Ouderen
Door de toenemende vergrijzing komt er ook meer aandacht voor gezondheidsbevordering
en leefstijlverandering bij ouderen. Op oudere leeftijd leidt een leefstijlverbetering wel tot
een betere gezondheid. Lichamelijke beperkingen kunnen worden verminderd, het risico op
o.a. diabetes of fracturen door vallen kan worden verlaagd en een depressieve stemming
kan worden verbeterd.
Het grootste gedeelte van het sedentair gedrag bij ouderen bestaat uit televisie kijken en
lezen. Bewegen heeft naast het lagere risico op allerlei aandoeningen voor ouderen nog een
aantal extra voordelen. Er is onder meer een lager risico op botbreuken en lichamelijke
beperkingen en minder risico op cognitieve achteruitgang.
Ouderen eten meer groente en fruit dan jongeren en ze drinken minder suikerhoudende
dranken. Toch is overgewicht een serieus probleem bij ouderen. Ouderen hebben een iets
tragere stofwisseling, de spiermasse neemt af (en spieren gebruiken meer calorieën dan
vetweefsel) en ouderen bewegen minder dan ze voorheen deden.
Er zijn twee hoofdvormen van eenzaamheid: sociaal en emotioneel. Sociaal eenzaam
betekent dat iemand minder sociale contacten heeft dan hij zou willen. Emotionele
eenzaamheid gaat over het gemis van een diepe, intieme band met één persoon, zoals een
partner. Het gaat hierbij om een subjectief gevoel. De een kan zich prima voelen bij een
bepaald aantal vrienden, terwijl een ander in dezelfde situatie zich wel eenzaam voelt. Het
gaat om een gevoel van missen en teleurgesteld zijn. Eenzaamheid hangt samen met een
slechtere gezondheid. De kans op een depressie neemt toe en daarnaast is er een verband
gevonden met hart- en vaatziekten en het ontwikkelen van alzheimer.
Er zijn drie soorten gezondheidsvaardigheden:
1. Functionele gezondheidsvaardigheden: kan iemand lezen, schrijven en rekenen? Dit
is bijvoorbeeld van belang om een eetdagboek bij te kunnen houden.
2. Interactieve gezondheidsvaardigheden: in hoeverre is iemand in staat om
gezondheidsinformatie te verkrijgen en uit te wisselen? In de interactie met de
zorgverlener is het bijvoorbeeld van belang om vragen te stellen en om de juiste en
relevante informatie te verstrekken bij het beantwoorden van vragen van de
zorgverlener.
3. Kritische gezondheidsvaardigheden: is iemand in staat om informatie kritisch te
analyseren en te gebruiken? Een diabetespatiënt moet bijvoorbeeld in staat zijn om
bloedglucosewaarden te meten, te interpreteren en de juiste actie te ondernemen
als de waarden niet goed zijn.
Mensen met minder gezondheidsvaardigheden zijn minder gezond. Ze hebben vaker last van
bijvoorbeeld astma, diabetes, kanker, hartinfarcten en psychische aandoeningen. Daar zijn
een aantal verklaringen voor. Door problemen met het lezen en begrijpen van
gezondheidsinformatie is er een gebrek aan kennis.
Ouderen
Door de toenemende vergrijzing komt er ook meer aandacht voor gezondheidsbevordering
en leefstijlverandering bij ouderen. Op oudere leeftijd leidt een leefstijlverbetering wel tot
een betere gezondheid. Lichamelijke beperkingen kunnen worden verminderd, het risico op
o.a. diabetes of fracturen door vallen kan worden verlaagd en een depressieve stemming
kan worden verbeterd.
Het grootste gedeelte van het sedentair gedrag bij ouderen bestaat uit televisie kijken en
lezen. Bewegen heeft naast het lagere risico op allerlei aandoeningen voor ouderen nog een
aantal extra voordelen. Er is onder meer een lager risico op botbreuken en lichamelijke
beperkingen en minder risico op cognitieve achteruitgang.
Ouderen eten meer groente en fruit dan jongeren en ze drinken minder suikerhoudende
dranken. Toch is overgewicht een serieus probleem bij ouderen. Ouderen hebben een iets
tragere stofwisseling, de spiermasse neemt af (en spieren gebruiken meer calorieën dan
vetweefsel) en ouderen bewegen minder dan ze voorheen deden.
Er zijn twee hoofdvormen van eenzaamheid: sociaal en emotioneel. Sociaal eenzaam
betekent dat iemand minder sociale contacten heeft dan hij zou willen. Emotionele
eenzaamheid gaat over het gemis van een diepe, intieme band met één persoon, zoals een
partner. Het gaat hierbij om een subjectief gevoel. De een kan zich prima voelen bij een
bepaald aantal vrienden, terwijl een ander in dezelfde situatie zich wel eenzaam voelt. Het
gaat om een gevoel van missen en teleurgesteld zijn. Eenzaamheid hangt samen met een
slechtere gezondheid. De kans op een depressie neemt toe en daarnaast is er een verband
gevonden met hart- en vaatziekten en het ontwikkelen van alzheimer.