1.1 Boekhouding
De boekhouding wordt bijgehouden om inzicht te hebben in een financiële situatie.
Uit de boekhouding komen twee belangrijke, financiële overzichten voort:
1. De balans
2. De winst-en-verlies rekening
Balans
Periodiek wordt er vanuit de boekhouding een balans opgesteld. Dit is een overzicht van alle
bezittingen en schulden die de onderneming op een bepaalde datum heeft.
Een balans heeft twee kanten:
1. Debetkant (links) = De bezittingen van een onderneming. Zaken die een
onderneming in eigendom heeft en die worden gebruikt om activiteiten van de
onderneming uit te voeren.
2. Creditkant (rechts) = Geeft aan hoe de bezittingen van een onderneming zijn
gefinancierd. Schulden bestaan uit geld dat geleend is en moet worden terugbetaald.
Een gezond bedrijf heeft altijd meer bezittingen dan schulden.
Een balans moet in evenwicht zijn.
- Eigen vermogen: Doordat de balans altijd in evenwicht moet zijn, ontstaat er aan de
creditzijde een saldopost. Deze wordt het eigen vermogen genoemd. Het eigen
vermogen geeft de waarde aan van de onderneming.
Als zich financiële feiten voordoen, verandert de balans.
De balans is een momentopname.
Winst-en-verliesrekening
Het eigen vermogen stijgt als de onderneming winst maakt. De onderneming wordt dus
meer waard.
Het eigen vermogen daalt wanneer de onderneming verlies maakt. De onderneming wordt
dus minder waard.
Winst-en-verliesrekening (W&V-rekening) = Om nu gedurende een periode van een maand,
kwartaal of jaar te zien wat er met het eigen vermogen gebeurd en waarom, wordt er
gelijktijdig met de balans ook een W&V-rekening opgesteld.
- Hierop worden de kosten en opbrengsten in een bepaalde periode zichtbaar.
Kosten: Die uitgaven in een onderneming waardoor het bezit niet toeneemt of een schuld
niet afneemt.
- Denk aan loonkosten.
- Kosten staan debet op de W&V-rekening.