Je suis méchant
Personages
Robin - 15 jaar, woont in een klein appartement in Parijs, heeft astma.
Louise - Lang, rood haar, groene ogen.
Carouche - Iedereen heeft respect voor Louise; ze heeft mentale veerkracht. Ze schreeuwt niet en alles wat
ze zegt lijkt berust op lange ervaring (die ze niet heeft).
Paul - Robin vindt hem een lafaard. Robin zijn moeder daarentegen, vindt Paul een eerlijke en
oprechte jongen; het beste vriendje dat Robin ooit heeft gehad.
Belot - Een grote roodharige jongen, de belangrijkste man op het veld van de tegenstander. Robin
vindt het overdreven dat zijn naam altijd wordt genoemd.
Bastien - In Robin’s team ligt alle hoop op hem.
Carouche - Louise’s broer, hij zit bij Robin en Paul in de klas.
- Bastien haat Robin / Robin haat Bastien; Robin zegt dat Bastien denkt dat hij heel wat is, maar
dat is niet zo.
- Iedereen heeft respect voor Bastien; hij maakt mensen bang. Hij is sterk, schreeuwt en
bedreigt.
Benoît Picot - Het maatje van Bastien, hij haat Robin.
Het verhaal
Robin is 15 en heeft Louise net ontmoet. Hij zou zichzelf voor haar interessant willen maken
of hij zou willen laten zien wie hij echt is, maar soms is het moeilijk om aan zijn demonen te
ontsnappen, en hij voelt dat hij onherstelbare dingen kan zeggen of doen. Te veel angsten
en vragen en angsten schieten door zijn hoofd. In feite heeft hij maar 1 zekerheid: Hij heeft
een vreselijk verlangen om Louise te kussen.
Proloog: Robin woonde meer dan een jaar bij haar grootmoeder, terwijl hij grootmoeder niet
mocht. Maar de doktoren dachten dat het buitenleven hem goed zou doen vanwege zijn
astma. Thuis woonde hij in een klein appartement in Frankrijk en daar had hij vaak moeite
met ademhalen. Hij was 7 jaar, en hij was stout geweest in oma’s tuin: Oma had een lang en
bossige tuin, die niet goed onderhouden was. Robin deed altijd een spelletje in oma’s tuin:
met de ogen dicht en de armen vooruit tot 50/100/150 tellen, dan de ogen openen. Hij wist
dan niet meer waar hij was. De struiken waren erg hoog en hij was erg klein. Hij bleef daar
zitten en rende daarna weer snel naar huis, dit keer ging hij langzamer toen hij oma zag en
hij hield zijn adem in. Hij wilde niet dat zijn oma hem kortademig zou vinden, dan zou ze
misschien bang worden en de dokter bellen. Robin ging op een plaat zitten en zag 3 mieren,
uiteindelijk vermoord hij ze alle 3. Het kon hem niet schelen de de papa en mama van de
kleine mier dood waren, maar hij vond het wel erg voor de kleine mier; bij de kleine mier had
hij, anders dan bij de vader- en moedermier, het idee dat hij iemand ging doden die hij goed
kende. Op de terugweg naar oma barstte hij van de pijn, omdat hij alles openhaalde door
alle struiken.
Robin was aan het voetballen en dacht aan de tijd dat hij nog bij oma woonde, waardoor hij
een bal vergat te blokkeren. Hij speelt bij het voetbalteam van Meudon.
, Louise en Robin hebben elkaar op een feest van Paul leren kennen. Paul had Robin
uitgenodigd op zijn feest, hij had niet durven vertellen dat hij ook Bastien had uitgenodigd,
want dat betekende dat Benoît ook automatisch meekwam en Paul zei dat als hij dat had
verteld, hij dacht dat Robin niet was gekomen, wat waar is. Robin wil na een half uur al weg,
hij zegt dat hij al ‘5 minuten geen lucht meer heeft’. Hij bedoelt daarmee dat hij zogenaamd
zijn adem inhoudt, omdat hij het niet kan uitstaan om de lucht te delen met die Bastien.
Robin besluit toch nog even op het feestje te blijven; hij hoefde immers niet steeds bij
Bastien in de buurt te zijn. Robin drinkt niet graag bier; hij heeft daarvoor zijn redenen, maar
daar praat hij niet graag over. Zijn vader dronk veel, en is zelfs gestorven door alcohol. Hij
wilde Paul niet onder ogen komen; dan moest hij uitleggen waarom hij toch niet weg was
gegaan.
In de klas is Robin altijd stil en afwezig. Meneer Caldero, de geschiedenis- en
aardrijkskundeleraar, heeft op een dag iets ontdekt; Als Caldero een vraag stelt aan Robin,
schrijft Robin altijd het antwoord in zijn notitieboekje. Hieronder voegde hij altijd toe; ‘ik weet
het wel, maar je zult niet weten dat ik het weet, Caldero le rigolo’. Meneer Caldero heeft dit
tegen Robin’s moeder verteld. Robin’s moeder was trots en boos tegelijk; ze was trots,
omdat ze van originelen houdt, en het is origineel om zijn wetenschap te verbergen. Ze zei
voor de vorm dat het niet zomaar kon en dat ze maatregelen zou nemen.
Robin en Audrey (klasgenootje) dronken samen een biertje. Audrey vroeg of Robin vaak
naar feestjes ging. Hij antwoordde niet en stelde de vraag meteen aan Audrey, omdat hij
bang was dat hij over zichzelf moest gaan praten.
De anderen waren allemaal ineens in Paul’s kamer. Robin wilde kijken wat daar gebeurde;
hij voelde zich niet aangetrokken tot de weinige mensen in de woonkamer en hij wilde van
Audrey af. Audrey volgde hem, Robin vraagt of ze hem niet wil loslaten; Audrey draaide zich
weer om. Op Paul’s bed zaten ongeveer 10 mensen. Robin deed zijn jas aan, maar Louise
vroeg of hij niet mee wilde doen met het spel van de waarheid. Aan de ene kant wilde Robin
graag meedoen, omdat het meisje hem had gevraagd, maar aan de andere kant vond hij het
geen goed idee om de waarheid aan iedereen te vertellen. Robin besluit om wel mee te
doen.
Belot moet een penalty schieten en Robin staat in het goal. Bastien is zo gespannen dat hij
vergeet om Robin uit te schelden en Robin zelfs aanmoedigt. Iedereen is boos op Robin,
omdat hij de bal wel aanraakte, maar onvoldoende om een doelpunt te voorkomen.
Terugkomend op het feest is Robin nu aan de beurt. Louise vroeg Robin om datgene te
vertellen waar Robin zich het meest schuldig over voelde. Hij heeft 3 minuten om erover na
te denken. Het eerste wat in Robin opkwam was het doden van mieren, maar dan zouden
Benoît en Bastien hem belachelijk maken. Hij wilde niet uitgesloten worden van het spel en
bovendien wilde hij indruk maken op Louise, dus verzint Robin een verhaal; lang geleden
kwam Robin terug van school. Thuis trof hij zijn vader dronken aan, luisterend naar Mozart
die keihard opstond. De buren kwamen kijken wat er aan de hand was en Robin vertelde ze
dat zijn vader in een koor zingt en aan het trainen was. Hij vertelt dus een leugen. De buren
dreigden de politie te bellen, ze geloofden er niets van. Vader viel in slaap op de bank. Na
Personages
Robin - 15 jaar, woont in een klein appartement in Parijs, heeft astma.
Louise - Lang, rood haar, groene ogen.
Carouche - Iedereen heeft respect voor Louise; ze heeft mentale veerkracht. Ze schreeuwt niet en alles wat
ze zegt lijkt berust op lange ervaring (die ze niet heeft).
Paul - Robin vindt hem een lafaard. Robin zijn moeder daarentegen, vindt Paul een eerlijke en
oprechte jongen; het beste vriendje dat Robin ooit heeft gehad.
Belot - Een grote roodharige jongen, de belangrijkste man op het veld van de tegenstander. Robin
vindt het overdreven dat zijn naam altijd wordt genoemd.
Bastien - In Robin’s team ligt alle hoop op hem.
Carouche - Louise’s broer, hij zit bij Robin en Paul in de klas.
- Bastien haat Robin / Robin haat Bastien; Robin zegt dat Bastien denkt dat hij heel wat is, maar
dat is niet zo.
- Iedereen heeft respect voor Bastien; hij maakt mensen bang. Hij is sterk, schreeuwt en
bedreigt.
Benoît Picot - Het maatje van Bastien, hij haat Robin.
Het verhaal
Robin is 15 en heeft Louise net ontmoet. Hij zou zichzelf voor haar interessant willen maken
of hij zou willen laten zien wie hij echt is, maar soms is het moeilijk om aan zijn demonen te
ontsnappen, en hij voelt dat hij onherstelbare dingen kan zeggen of doen. Te veel angsten
en vragen en angsten schieten door zijn hoofd. In feite heeft hij maar 1 zekerheid: Hij heeft
een vreselijk verlangen om Louise te kussen.
Proloog: Robin woonde meer dan een jaar bij haar grootmoeder, terwijl hij grootmoeder niet
mocht. Maar de doktoren dachten dat het buitenleven hem goed zou doen vanwege zijn
astma. Thuis woonde hij in een klein appartement in Frankrijk en daar had hij vaak moeite
met ademhalen. Hij was 7 jaar, en hij was stout geweest in oma’s tuin: Oma had een lang en
bossige tuin, die niet goed onderhouden was. Robin deed altijd een spelletje in oma’s tuin:
met de ogen dicht en de armen vooruit tot 50/100/150 tellen, dan de ogen openen. Hij wist
dan niet meer waar hij was. De struiken waren erg hoog en hij was erg klein. Hij bleef daar
zitten en rende daarna weer snel naar huis, dit keer ging hij langzamer toen hij oma zag en
hij hield zijn adem in. Hij wilde niet dat zijn oma hem kortademig zou vinden, dan zou ze
misschien bang worden en de dokter bellen. Robin ging op een plaat zitten en zag 3 mieren,
uiteindelijk vermoord hij ze alle 3. Het kon hem niet schelen de de papa en mama van de
kleine mier dood waren, maar hij vond het wel erg voor de kleine mier; bij de kleine mier had
hij, anders dan bij de vader- en moedermier, het idee dat hij iemand ging doden die hij goed
kende. Op de terugweg naar oma barstte hij van de pijn, omdat hij alles openhaalde door
alle struiken.
Robin was aan het voetballen en dacht aan de tijd dat hij nog bij oma woonde, waardoor hij
een bal vergat te blokkeren. Hij speelt bij het voetbalteam van Meudon.
, Louise en Robin hebben elkaar op een feest van Paul leren kennen. Paul had Robin
uitgenodigd op zijn feest, hij had niet durven vertellen dat hij ook Bastien had uitgenodigd,
want dat betekende dat Benoît ook automatisch meekwam en Paul zei dat als hij dat had
verteld, hij dacht dat Robin niet was gekomen, wat waar is. Robin wil na een half uur al weg,
hij zegt dat hij al ‘5 minuten geen lucht meer heeft’. Hij bedoelt daarmee dat hij zogenaamd
zijn adem inhoudt, omdat hij het niet kan uitstaan om de lucht te delen met die Bastien.
Robin besluit toch nog even op het feestje te blijven; hij hoefde immers niet steeds bij
Bastien in de buurt te zijn. Robin drinkt niet graag bier; hij heeft daarvoor zijn redenen, maar
daar praat hij niet graag over. Zijn vader dronk veel, en is zelfs gestorven door alcohol. Hij
wilde Paul niet onder ogen komen; dan moest hij uitleggen waarom hij toch niet weg was
gegaan.
In de klas is Robin altijd stil en afwezig. Meneer Caldero, de geschiedenis- en
aardrijkskundeleraar, heeft op een dag iets ontdekt; Als Caldero een vraag stelt aan Robin,
schrijft Robin altijd het antwoord in zijn notitieboekje. Hieronder voegde hij altijd toe; ‘ik weet
het wel, maar je zult niet weten dat ik het weet, Caldero le rigolo’. Meneer Caldero heeft dit
tegen Robin’s moeder verteld. Robin’s moeder was trots en boos tegelijk; ze was trots,
omdat ze van originelen houdt, en het is origineel om zijn wetenschap te verbergen. Ze zei
voor de vorm dat het niet zomaar kon en dat ze maatregelen zou nemen.
Robin en Audrey (klasgenootje) dronken samen een biertje. Audrey vroeg of Robin vaak
naar feestjes ging. Hij antwoordde niet en stelde de vraag meteen aan Audrey, omdat hij
bang was dat hij over zichzelf moest gaan praten.
De anderen waren allemaal ineens in Paul’s kamer. Robin wilde kijken wat daar gebeurde;
hij voelde zich niet aangetrokken tot de weinige mensen in de woonkamer en hij wilde van
Audrey af. Audrey volgde hem, Robin vraagt of ze hem niet wil loslaten; Audrey draaide zich
weer om. Op Paul’s bed zaten ongeveer 10 mensen. Robin deed zijn jas aan, maar Louise
vroeg of hij niet mee wilde doen met het spel van de waarheid. Aan de ene kant wilde Robin
graag meedoen, omdat het meisje hem had gevraagd, maar aan de andere kant vond hij het
geen goed idee om de waarheid aan iedereen te vertellen. Robin besluit om wel mee te
doen.
Belot moet een penalty schieten en Robin staat in het goal. Bastien is zo gespannen dat hij
vergeet om Robin uit te schelden en Robin zelfs aanmoedigt. Iedereen is boos op Robin,
omdat hij de bal wel aanraakte, maar onvoldoende om een doelpunt te voorkomen.
Terugkomend op het feest is Robin nu aan de beurt. Louise vroeg Robin om datgene te
vertellen waar Robin zich het meest schuldig over voelde. Hij heeft 3 minuten om erover na
te denken. Het eerste wat in Robin opkwam was het doden van mieren, maar dan zouden
Benoît en Bastien hem belachelijk maken. Hij wilde niet uitgesloten worden van het spel en
bovendien wilde hij indruk maken op Louise, dus verzint Robin een verhaal; lang geleden
kwam Robin terug van school. Thuis trof hij zijn vader dronken aan, luisterend naar Mozart
die keihard opstond. De buren kwamen kijken wat er aan de hand was en Robin vertelde ze
dat zijn vader in een koor zingt en aan het trainen was. Hij vertelt dus een leugen. De buren
dreigden de politie te bellen, ze geloofden er niets van. Vader viel in slaap op de bank. Na