- Psychiatrie voor verpleegkundigen - Hoofdstuk 7 (t/m paragraaf 7.5)
- Handreiking voor de implementatie van herstelondersteunende zorg - Pagina 21-33.
- Handboek Sociale Psychiatrie - Hoofdstuk 7, 19 en 26
- De inhoud van de colleges en de VCH-, VIH- en VTH-trainingen.
Psychiatrie voor verpleegkundigen - Hoofdstuk 7 (t/m paragraaf 7.5)
Schizofrenie = Een complexe psychiatrische stoornis met vaak ernstige psychische en
sociale gevolgen. Een chronische aandoening waarbij psychotische symptomen optreden
met stoornissen in het denken, voelen en handelen.
- Psychotische perioden met positieve symptomen (wanen, hallucinaties en
verwardheid) en negatieve symptomen (symptomen die juist opvallen door
afwezigheid van normaal gedrag) (mentale uitputting, vertraging en
vervlakking van mimiek, emoties en sociale teruggetrokkenheid).
- Niet een enkele oorzaak; maar vele tegelijk.
- Veel verschijnselen die in allerlei combinaties voorkomen.
- Het verloop is niet eenduidig.
- Zorg: richt zich met name op de sociale en functionele achteruitgang.
Empowerment en herstel ondersteunende zorg.
- Schizofrenie heeft niets te maken met de “gespleten persoonlijkheid”.
Psychose = Een toestandsbeeld met stoornissen in het denken, de zintuigelijke
waarneming en het handelen. Belevingen en gedachten worden onvoldoende getoetst
aan de werkelijkheid: de realiteitstoetsing is gestoord. Verder is er sprake van een
denkstoornis (wanen), en/of waarnemingsstoornissen (hallucinaties akoestisch
(stemmen horen)).
- Gedrag = Inadequaat, chaotisch of gedesoriënteerd.
- Bewegen = Katatonie = Spierstijfheid, geremdheid of juist doelloze overmatige
beweeglijkheid.
Wanen = Een onjuiste overtuiging over de werkelijkheid, die niet te corrigeren is.
(erotomaan (denkt ten onrechte dat een ander verliefd op hem is), grootheidstype,
jaloersheidstype, achtervolgingstype, somatische type, gemengd type.
Hallucinaties = Zintuigelijke waarnemingen, zonder dat er een prikkel is die aanleiding
geeft tot deze waarneming (visueel, akoestisch, imperatief (stemmen horen die
dwingende opdrachten geven), haptisch (dingen voelen die er niet zijn; beestjes),
gustatoire (dingen proeven die er niet zijn), olfactoire (dingen ruiken die er niet zijn)).
Illusies = Zintuigelijke vervalsingen. (Visueel,, akoestisch etc.).
Katatonie = Een toestand met specifiek bewegingsstoornissen/motorische symptomen.
Er bestaat vaak een afwisseling tussen langdurige onbeweeglijkheid.
- Katalepsie = Onbeweeglijkheid.
- Flexibilitas cerea = Wasachtige beweeglijkheid.
- Doelloze overmatige beweeglijkheid.
- Echolalie = Papegaaien (spraak van een andere imiteren).
- Echopraxie = Imiteren van het handelen van een ander.
Schizo-affectieve stoornis =
- Bipolair type = De stoornis omvat een manische of gemengde episode.
- Depressief type: De betrokkene heeft uitsluitend depressieve episoden.
Een kwart van de psychotische mensen herstelt na een eerste psychose en heeft nadien