Hoorcollege 1
Interdisciplinair onderzoek naar sociale problemen
Hoe kunnen we hedendaagse, sociale problemen onderzoeken om
toekomstbestendige antwoorden te vinden?
Aanpak sociale problemen
ê Teamwerk – niemand is de baas; iedereen is nodig
ê Regelmatigheden ontdekken – waarom en onder welke omstandigheden? Als
je weet hoe iets wordt veroorzaakt dan kun je er iets aan doen.
ê Zooming in and zooming out
Monodisciplinariteit – inzichten uit een enkele discipline – monodisciplinair
onderzoek is afgebakend binnen een discipline.
Multidisciplinariteit – betrekking op verschillende disciplines – samenwerking
tussen wetenschappers en maatschappelijke partners.
Interdisciplinariteit – probeer je tot integratie van verschillende perspectieven te
komen – meerdere disciplines dragen bij aan een gezamenlijk onderzoeksdoel maar
ieder gebruikt zijn eigen methode/concepten.
Transdisciplinariteit – complex probleem afkomstig uit maatschappij – middel om
kennis te verkrijgen over sociale problemen, waarbij het probleem de aanpak
bepaald.
Interdisciplinariteit
Verschillende definities
1) Op den duur een nieuwe discipline
2) Probleem-georiënteerd
IOSP interdisciplinair denken: probleem-georiënteerd.
Het belang van cijfers: cijfers kunnen levens redden mits ze betrouwbaar zijn
Cijfers moeten:
ê Verzameld worden
ê Vergelijkbaar zijn
ê Geïnterpreteerd kunnen worden
Wat is betrouwbaar onderzoek?
Betrouwbaar onderzoek is
ê Reproduceerbaar: onderzoeker B kan alle resultaten van Onderzoeker A in
gepubliceerd artikel nadoen door dezelfde methoden te handhaven.
ê Repliceerbaar: uitvoeren van hetzelfde onderzoek met/in
- Andere individuen
- Andere situatie
- Andere operationalisaties of maten
- Andere tijdstippen
- Directe replicatie/indirecte replicatie
ê Generaliseerbaar: externe validiteit
ê Andere individuen
ê Andere situatie
, ê Andere operationalisaties of maten
ê Andere tijdstippen
ê Ecologische validiteit: bevindingen kunnen generaliseren naar het dagelijks
leven (vooral bij klinische interventie)
Transparantie
Expliciete en heldere uitleg van:
ê Steekproef
ê Methode
ê Maten
ê Procedure
Online-communicatie en vriendschappen
Internet reductie hypothese:
ê Internetgebruik vermindert sociale betrokkenheid
Internet-stimulatie hypothese:
ê 88% van adolescenten gebruiken online-communicatie voor communicatie
met bestaande vrienden
ê Internet maakt hechtere band met deze vrienden mogelijk omdat het self-
disclosure stimuleert.
Assumptie 1: Online-communicatie heeft een positief effect op online
disclosure
ê Communicatie cues zijn beperkt
ê Minder belang voor hoe andere het zelf waarnemen
ê Minder inhibitie
ê Hyperpersoonlijke self-disclosure
ê Dus online communicatie > online self-disclosure
Assumptie 2: Online disclosure bevordert relatiekwaliteit
ê Disclosure is goed voor goede relaties
ê Online self-disclosure verhoogt de kwaliteit van bestaande vriendschappen.
ê Dus online self-disclosure > relatie kwaliteit
Online communicatie > online self-disclosure > relatie kwaliteit
Mediator
Maten (interne validiteit)
ê Online communicatie frequentie en duur
- Op hoeveel dagen gebruik je instant-messaging?
ê Online communicatie met bestaande vrienden
- Hoe vaak gebruik je IM met vrienden die je ook offline ziet?
ê Self-disclosure
- Wanneer je met anderen online communiceert, vertel je de ander over je
persoonlijke gevoelens?
ê Kwaliteit van vriendschap
, Bijna alle adolescenten gebruiken het internet om met hun bestaande vrienden te
communiceren.
Conclusie auteurs:
- Online-communicatie verhoogt de kwaliteit van de relatie met vrienden
(niet andersom)
- Disclosure is een mediator van dit effect
Zou je dit onderzoek kunnen reproduceren?
Conditie voor repliceerbaarheid
Reproduceerbaarheid: onderzoeker B kan alle resultaten van onderzoeker A in
gepubliceerd artikel nadoen.
Expliciete en heldere uitleg van:
ê Steekproef
ê Methode
ê Maten
ê Procedure
Repliceerbaarheid:
ê Opvallend weinig aandacht voor limitaties
ê P-hacking? Veel heel kleine effecten
ê Offline communicatie
Heb je voldoende informatie om het onderzoek te repliceren?
Hoorcollege 2