Organisaties hebben we gedefinieerd als doelgerichte samenwerkingsverbanden, waarbij de inzet
van mensen en middelen moeten leiden tot het behalen van de doelstellingen.
Effectiviteit: de mate waarin de gestelde doelstellingen bereikt worden (bedrijfscontinuïteit)
Efficiëntie: het streven met zo min mogelijk inspanning een zo groot mogelijk resultaat te bereiken.
(winst)
Organisatiedoelstellingen hebben meestal te maken met twee aspecten: continuïteit en winst. De
belangrijkste van de twee is continuïteit: het bestaan en voortbestaan van de organisatie. Om die
continuïteit te kunnen bewerkstelligen is winst nodig.
Om dit te realiseren is het een voorwaarde dat er nagedacht wordt over de toegevoegde waarde die
de organisatie haar (potentiële) klanten biedt.
Om dit in beeld te brengen:
INK model
“organisatiedoelstellingen hebben meestal te maken met 2 aspecten: Continuïteit en winst.
De belangrijkste van de twee is continuïteit; het bestaan en voortbestaan van de organisatie. Om die
continuïteit te kunnen bewerkstelligen is winst nodig.”
PDCA cyclus van Deming
PDCA, ook wel bekend als de Deming cirkel, is een model waarmee we op gestructureerde wijze
aandacht kunnen besteden aan kwaliteitsverbetering.
Plan afspreken
Do doen
Check evalueren
Act bezinnen visie, ingrijpen
,Balanced Score Card
Kaplan en Northon
Is een meet- en stuurinstrument dat in kaart brengt hoe de organisatie ervoor staat en signaleert
waar moet worden ingegrepen.
Dit doe je aan de hand van 4 perspectieven:
- Klantenperspectief (vb. hoe snel wordt iets geleverd)
- Processenperspectief (Hoe lopen onze processen nu precies, zijn deze goed georganiseerd?)
- Innovatieperspectief
- Financiële perspectief (hebben we de zaken op orde?)
Hierbij wordt gebruik gemaakt van kritische succesfactoren (KSF) en Prestatie-indicatoren (PI).
Hebben we de zaken op orde? Moeten we bijsturen?
Welke managementmodellen kunnen we gebruiken voor BPR?
- 7s model (beschrijven organisatie)
- PDCA (kwaliteit organisatie)
- INK model (kwaliteit organisatie)
- Balance score card (kwaliteit organisatie)
, Balans
“De balans geeft een beeld van de vermogenspositie van een onderneming. Zij geeft een
overzicht van de bezittingen, de verplichtingen en het eigen vermogen van de onderneming
op een bepaalde dag.”
Schematisch:
=
Hoe stel je een balans op?
1. naam en datum
2. Activa
- vaste activa
- vlottende activa
- voorraad
- liquide middelen
- totaal activa
Vaste activa: gebouwen en machines (alles wat langer dan 1 jaar blijft)
Vlottende activa: alles wat binnen 1 jaar weer weg is.
Liquide middelen: alles wat ze op de bank hebben of in de portemonnee hebben zitten.
3. passiva
- eigen vermogen
- vreemd vermogen lang
- vreemd vermogen kort
- totaal passiva
Vreemd vermogen lang: voorzieningen van ontvangen gelden dat geld meer dan 1 jaar
terugbetalen
Vreemd vermogen kort: gelden binnen 1 jaar terugbetaald.
Totaal activa en totaal passiva moeten gelijk zijn (in balans).
Voorbeeld balans;