Samenvatting welvaart H1 t/m H5
LWEO 5VWO
Hoofdstuk 1
De groei van de economie met je met het bbp, de waarde van de productie in een land in
een jaar. Het is gelijk aan het verdiende inkomen.
Welvaart is de mate waarin mensne in hun behoefte kunnen voorzien. Voor de welvaart
is het belangrijk of het bbp groeit door prijsveranderingen of door de hoeveelheid
productie, volumeverandering. Wannneer de productiehoeveelheid groeit heel dit reële
groei.
Economische groei: groei van bbp gecorrigeerd voor prijsveranderingen. De economische
groei bereken je als volgt:
reëel indexcijfer = nominaal indexcijfer / prijsindexcijfer (inflatie) x 100
ric = nic / pic x 100
Geproduceert met de productiefactoren arbeid en kapitaal. Beloningen voor
productiefactoren heten primaire inkomens. Onder arbeid verstaan we alle werkenden,
het arbeidsinskomen is dus het loon werknemers en de winst zelfstandigen.
Onder kapitaal vallen geld, machines, natuur, ondernemerschap.
Je kan de productiewaarde van een bedrijf via de subjectieve of objectieve methode
berekenen.
Objectieve methode
Productie/toegevoegde waarde = omzet - onderlinge leveringen
Subjectieve methode
Productie = som primaire inkomens + afschrijvingen
Bedrijven die van het begin tot het einde nodig zijn om een product te maken horen tot
een bedrijfskolom. Er zijn tussenschakels en markten. Bedrijven die hetzelfde verrichten
behoren tot een bedrijfstak. De totale productie is dus alle toegevoegde waardes
opgeteld.
Je hebt ook niet-commerciële bedrijven zoals overheid, ziekenhuizen en scholen. Ze
leveren geen producten via de markt en er is dus geen prijs en omzetgegevens. Om de
productie te berekenen tel je alle lonen op.
Categoriale inkomensverdeling: verdeling van het nationaal inkomen tussen arbeid en
kapitaal. De AIQ hgeeft weer hoeveel procent van het nationaal inkomen wordt verdiend
met arbeid -> arbeidsinkomen / nationaal inkomen x 100. Zelfde met kapitaal.
AIQ wordt gezien als graadmeter voor de beloning van ondernemers en wordt gekoppeld
aan de loonontwikkeling. Hogere bestedingen lijden vaak tot lage AIQ.
LWEO 5VWO
Hoofdstuk 1
De groei van de economie met je met het bbp, de waarde van de productie in een land in
een jaar. Het is gelijk aan het verdiende inkomen.
Welvaart is de mate waarin mensne in hun behoefte kunnen voorzien. Voor de welvaart
is het belangrijk of het bbp groeit door prijsveranderingen of door de hoeveelheid
productie, volumeverandering. Wannneer de productiehoeveelheid groeit heel dit reële
groei.
Economische groei: groei van bbp gecorrigeerd voor prijsveranderingen. De economische
groei bereken je als volgt:
reëel indexcijfer = nominaal indexcijfer / prijsindexcijfer (inflatie) x 100
ric = nic / pic x 100
Geproduceert met de productiefactoren arbeid en kapitaal. Beloningen voor
productiefactoren heten primaire inkomens. Onder arbeid verstaan we alle werkenden,
het arbeidsinskomen is dus het loon werknemers en de winst zelfstandigen.
Onder kapitaal vallen geld, machines, natuur, ondernemerschap.
Je kan de productiewaarde van een bedrijf via de subjectieve of objectieve methode
berekenen.
Objectieve methode
Productie/toegevoegde waarde = omzet - onderlinge leveringen
Subjectieve methode
Productie = som primaire inkomens + afschrijvingen
Bedrijven die van het begin tot het einde nodig zijn om een product te maken horen tot
een bedrijfskolom. Er zijn tussenschakels en markten. Bedrijven die hetzelfde verrichten
behoren tot een bedrijfstak. De totale productie is dus alle toegevoegde waardes
opgeteld.
Je hebt ook niet-commerciële bedrijven zoals overheid, ziekenhuizen en scholen. Ze
leveren geen producten via de markt en er is dus geen prijs en omzetgegevens. Om de
productie te berekenen tel je alle lonen op.
Categoriale inkomensverdeling: verdeling van het nationaal inkomen tussen arbeid en
kapitaal. De AIQ hgeeft weer hoeveel procent van het nationaal inkomen wordt verdiend
met arbeid -> arbeidsinkomen / nationaal inkomen x 100. Zelfde met kapitaal.
AIQ wordt gezien als graadmeter voor de beloning van ondernemers en wordt gekoppeld
aan de loonontwikkeling. Hogere bestedingen lijden vaak tot lage AIQ.