2.1 Wat is communicatie?
Communicatie:
verbaal 1x
non-verbaal (lichaamstaal) 5x
Non-verbale communicatie is altijd overtuigender dan verbale communicatie. Bij
incongruentie wordt hier dan ook meer op vertrouwd → verbaal liegen is makkelijker dan
non-verbaal liegen.
Overtuigend communiceren: verbale en non-verbale communicatie zijn congruent.
2.2 Een definitie van communicatie
Frank Oomkes:
“Communicatie is de uitwisseling van symbolische informatie die plaatsvindt tussen
mensen die zich van elkaars onmiddelijke of gemediteerde aanwezigheid bewust
zijn. Deze informatie wordt deels bewust, deels onbewust gegeven, ontvangen en
geïnterpreteerd. “
onmiddelijke communicatie: direct
gemediteerde communicatie: indirect (via medium)
Bij het interpreteren van (non)verbale communicatie, neem je vaak jezelf als referentiekader.
Onbewust getrokken conclusies zijn moeilijk te relativeren en bij te stellen en zorgen vaak
voor misverstanden tussen personen. Wanneer je bewust bent van de signalen die je
uitzendt, heb je meer invloed op het beeld wat anderen van je creëren.
2.3 Communicatieruis
zender → communicatiekanaal→ ontvanger.
zender “codeert” gevoelens/gedachten naar ontvanger d.m.v. (non)verbale signalen.
ontvanger “decodeert” deze signalen in begrijpbare gevoelens/gedachten gedachten.
, Referentiekader: Associaties die zender en ontvanger bij boodschap hebben.
Interne ruis: verstoring van communicatie waarbij de oorzaak bij de zender/ontvanger ligt.
slechte verwoording
slecht luisteren
Interne ruis kan te maken hebben met de situatie waarin de zender of ontvanger zich bevindt
of bevonden heeft (anders reageren na ruzie dan na winnen wedstrijd) en door stabielere
factoren binnen iemands persoonlijkheid (vb: cultuur)
Externe ruis: verstoring van communicatie waarbij de oorzaak bij het communicatiekanaal
ligt.
storende telefoon
slecht gedrukte krant
2.4 Waarnemen is interpreteren
Het referentiekader is van grote invloed op de waarneming van de wereld om ons heen.
aspecten van visuele perceptie kunnen sterk verschillen, afhankelijk van de plek waar je
bent opgegroeid.
mensen coderen en decoderen op een eigen specifieke wijze omdat iedereen andere
ervaringen heeft. → makkelijk misverstanden.
leerproces:
overgeneralisatie: verschillende zaken worden in dezelfde categorie geplaatst → weinig
specificatie. des te meer ervaringen er worden opgedaan, des te specifieker het beeld van
een categorie wordt. een gemiddeld beeld van een categorie is het prototype.
Prototype wordt gebruikt om nieuwe objecten mee te vergelijken om te zien of het tot de
desbetreffende categorie behoort.