November 2018
redeneren voor
verpleegkundigen’ (OHBOV03)
Verslag van het verpleegkundige proces
,Inhoud
Inleiding..................................................................................................................................................2
Casusbeschrijving...............................................................................................................................2
Metaparadigma..................................................................................................................................2
Leeswijzer...........................................................................................................................................3
1. Anamnese...........................................................................................................................................4
1.1 Keuze ordeningsmodel.................................................................................................................4
1.2 Gezondheidspatronen van Gordon...............................................................................................4
2. Diagnose.............................................................................................................................................7
2.1 Clusteren......................................................................................................................................7
2.2 Hypothesen..................................................................................................................................8
2.3 Toetsing hypothesen....................................................................................................................9
2.3.1 Cluster 1.................................................................................................................................9
2.3.2 Cluster 2...............................................................................................................................11
2.4 PES..............................................................................................................................................12
3. Doelen..............................................................................................................................................13
3.1 Afwijkende mictie.......................................................................................................................13
3.2 Mogelijk risico op urge-incontinentie.........................................................................................13
3.3 Risico op vallen...........................................................................................................................13
3.4 Loopstoornis...............................................................................................................................13
4. Interventies......................................................................................................................................14
4.1 Afwijkende mictie – Ondervindt geen hinder meer van nachtelijke incontinentie......................14
4.2 Mogelijk risico op urge-incontinentie - Bevestigd of uitgesloten................................................14
4.3 Risico op vallen – Minder valgevaarlijk.......................................................................................14
4.4 Loopstoornis – Veilig lopen.........................................................................................................15
5. Evaluatie...........................................................................................................................................16
5.1 Afwijkende mictie - Ondervindt geen hinder meer van nachtelijke incontinentie.......................16
5.2 Mogelijk risico op urge-incontinentie - Bevestigd of uitgesloten................................................16
5.3 Risico op vallen – Minder valgevaarlijk.......................................................................................16
5.4 Loopstoornis – Veilig lopen.........................................................................................................16
Slotwoord.............................................................................................................................................17
Bibliografie...........................................................................................................................................18
Bijlage I: Verpleegplan............................................................................................................................0
, Inleiding
In dit verslag wordt het verpleegkundig proces rondom meneer K. beschreven. Dit hoofdstuk start
met de casusbeschrijving rondom meneer K. en hierna volgt mijn metaparadigma van de
verpleegkunde. Tot slot is een leeswijzer opgenomen.
Casusbeschrijving
Meneer is 89 jaar, getrouwd en vader van drie uitwonende kinderen. Cognitief functioneren is goed
qua kennis, kan bijvoorbeeld zelf beredeneren dat hij beter verstaanbaar is als hij langzamer spreekt,
maar dit aanpassen in de praktijk lukt niet.
Meneer is sinds 2009 bekend met M. Parkinson en is hierdoor valgevaarlijk. Meneer valt thuis
gemiddeld 1 keer per week, tot 4 september zonder letsel. Meneer was thuis vrijwel geheel
zelfstandig in de ADL, soms hielp zijn vrouw met het sluiten van de knoopjes van zijn overhemd. Zijn
vrouw zet zijn medicijnen uit.
Op 4 september 2018 is meneer gevallen en heeft sindsdien pijn aan de linkerkant van zijn thorax.
Meneer is op 6 september opgenomen in het ziekenhuis vanwege blijvende pijn en
mobilisatieproblemen. Hier is een contusie van de linkerthoraxhelft vastgesteld en een blaaskatheter
geplaatst. Meneer is op 12 september geplaatst op de geriatrische revalidatieafdeling …..
Alhier heeft meneer als revalidatiedoelen het verbeteren van de veiligheid bij het mobiliseren,
herstellen van de contusie, trainen van de adl-vaardigheden en een inschatting maken van de zorg
die thuis noodzakelijk zal zijn. Gaandeweg tijdens de opname op … gaf meneer aan dat hij graag
wilde dat zijn blaaskatheter verwijderd werd in verband met intimiteit. Na het verwijderen van de
katheter werd het vinden van een oplossing voor nachtelijke incontinentie een doel.
Deze gegevens zijn verkregen door het bijwonen van het intakegesprek op 12 september 2018,
rapportages en persoonlijke gesprekken met meneer.
Metaparadigma
Mijn visie op verpleegkunde is beïnvloed door mijn eerdere werkervaringen, waar de nadruk lag op
het fysieke functioneren.
De definitie van gezondheid van de World Health Organization (World Health Organization, 2018)
vind ik te absoluut: ik betwijfel of er veel mensen bestaan met een volledig lichamelijk, geestelijk én
maatschappelijk welzijn. Ik kan mij meer vinden in het concept van Huber (Huber, van Vliet, & Boers,
2016), waarin er naar mijn idee erkenning is voor het feit dat (hoogstwaarschijnlijk) eenieder te
maken krijgt met ‘fysieke, emotionele en/of sociale uitdagingen in het leven’ en zich daarin kan
aanpassen en eigen regie kan voeren. Vanuit mijn eerdere werkervaringen, merk ik nog wel dat ik mij
in de eerste instantie het meest concentreer op de fysieke gezondheid.
Onder verpleegkundig handelen versta ik al het handelen van een verpleegkundige op de werkvloer.
Idealiter vindt dit handelen plaats volgens het verpleegkundig proces, zoals beschreven in ‘Kritisch
denken binnen het verpleegkundig proces’ (Wilkinson, 2013). Naar mijn idee is het verpleegkundig
handelen heel breed, van het luisteren naar de zorgvrager tot het verzorgen van een wond.
Bij een patiënt denk ik aan een fysiek ziek iemand in het ziekenhuis. Door de term ‘patiënt’ breder te
trekken naar ‘cliënt’, denk ik aan een persoon die op fysiek, emotioneel en/of sociaal vlak uit