1. Een krachtige leeromgeving bestaat uit 3 belangrijke pijlers. Noem 2 van deze pijlers.
2. Wat staat er in een groepsplan?
3. Noem 4 soorten gegevens die in een onderwijskundig rapport worden vermeld
4. Waar staan de letters in de afkorting TLV voor en wat staat daarin?
5. Kinderen met autisme hebben moeite met combineren en categoriseren. Noem 3
kenmerken wat u daardoor kunt en bij kinderen met een autistische stoornis
6. Wat is afasie?
7. Wat is een ontwikkelingsperspectiefplan?
8. Volgens de DSM – IV classificatie zijn er 3 criteria van ODD, waaronder het hebben van
minstens 4 gedragen uit een opgestelde lijst. Noem de overige 2 criteria.
9. Noem 4 signalen van rekenproblemen en rekenstoornissen bij leerlingen in groep 5-8
10. De inspectie onderscheidt 5 kwaliteitsgebieden waarop een school wordt gemonitord. Noem
4 van deze gebieden.
11. Noem 2 voordelen van divergent differentiëren.
12. De diagnose ADHD wordt gesteld aan de hand van aspecten van het gedrag concentratie en
hyperactiviteit/impulsiviteit. Hiervoor zijn lijsten met symptomen opgesteld. Noem 3 iesen
waaraan die symptomen moeten voldoen.
13. Wat is het verschil tussen nature gedrag en nurture gedrag?
14.