, Hoofdstuk 1
Actualtiteitsprincipe: men gaat er van uit dat alle processen die nu plaatsvinden in het
verleden ook zo plaats hebben gevonden.
Catastrofe: er vind iets plaats waardoor processen een hele andere vorm krijgen.
Samenstelling van de aarde
Fysische samenstelling (je kijkt naar hardheid van de aarde):
-Hardheid van de schillen
-Lithosfeer: harde
-Asthenosfeer: zachter
-Binnenmantel: vaster
-Buitenkern: vloeibaar
-Binnenkern: vast
Chemische samenstelling (je kijkt naar de verschillende soorten gesteente):
-Soorten gesteente waaruit de aarde bestaat
-Aardkern (ijzer)
-Aardmantel (magnesium en ijzer)
-Aardkorst: continentaal graniet (30-70 km) en oceanische basalt (7 km)
Stollingsgesteenten: heel hard, breken niet makkelijk af.
Sedimentgesteenten: heel zacht, breken makkelijk af (kan zelfs door wind).
Sedimentgesteente ontstaat door sedimentatie. Vaak klei of zand op elkaar gedrukt. Hierin
zitten ook fossielen.
Metamorfe gesteenten: zijn ontstaan uit een ander soort gesteenten (stollings- of
sedimentgesteenten). De stenen zijn een metamorfose ondergaan. Een voorbeeld is
marmer.
Superpositie: hoe verder naar beneden, hoe ouder de lagen en hoe verder naar boven, hoe
jonger de lagen.
Geologische Tijdschaal: de indeling van de aardgeschiedenis in verschillende periodes met
iedere periode zijn eigen kenmerken (niet de tijdschaal uit hoofd leren!!, alleen snappen dat
delen dieper in de aarde ouder zijn en dingen ondieper in de aarde jonger zijn).
Alfred Wegener
Paleomagnetisme (en functie): (komt op proefwerk): de ijzerdeeltjes die in gesteente zitten
die zich richten op het magnetisch veld van de aarde. Bij het stollen van gesteente wijzen de
ijzerdeeltjes een bepaalde kant op. Met deze methode kan je alleen de relatieve ouderdom
bepalen. Vooral bij divergentie ontstaan nieuwe lagen.
Seafloor Spreading: divergentie op zee. Hierdoor ontstaat een nieuwe oceanische korst
(basalt).
Ridge Push: bij divergentie op zee is het basalt verder van de breuk het zwaarst. Dus hoe
verder van de breuk hoe zwaarder het basalt.
Mid Oceanische Rug: ontstaat bij divergentie van platen op zee.